+ Meer informatie

WORDEN ALLE LITURGISCHE ONDERDELEN VAN DE EREDIENST BELEEFD?

10 minuten leestijd

Enkele problemen

De redactie vroeg mij een artikel te schrijven onder bovenstaande titel. Spontaan zei ik daar ‘ja’op. Maar toen het puntje bij het paaltje kwam, rezen er bij mij toch wat problemen.

Alleen de titel al roept vragen op. Wat wordt bijvoorbeeld bedoeld met ‘liturgische onderdelen’? In het kerkelijk spraakgebruik wordt met het woord ‘liturgie’ de hele gang van de eredienst bedoeld. In die zin is alles wat er in de kerkdienst gebeurt liturgisch. Nog een probleem doet zich voor. Beleving is erg persoonlijk. Om een goed inzicht te krijgen in de vraag hoe de ‘s zondagse kerkdienst over het algemeen beleefd wordt, zou een professioneel opgezette enquête meer van dienst kunnen zijn dan het verhaal van één persoon, die bovendien meestal ook nog voorganger is. Mij is niet gevraagd om een artikel te schrijven over mijn persoonlijke beleving van alle (liturgische) onderdelen van de eredienst. Om over de beleving van anderen te schrijven blijft een hachelijke onderneming.

Tenslotte komt nog een andere vraag boven: Wat bedoelen we met ‘beleven’? Wie een gevoelsmens is, zal een bepaalde gebeurtenis anders beleven dan iemand die weliswaar niet zonder gevoel is, maar de werkelijkheid toch wat rationeler benadert. Klank, kleur, inrichting van de ruimte, ze spelen allemaal mee in de belevingswereld van mensen. Daarbij komt dan ook nog persoonlijke smaak en stijl. Wat de één aanspreekt, is voor de ander juist aanleiding om af te haken.

Vermoeden

Of alle (liturgische) onderdelen van de eredienst beleefd worden? D.w.z.: of beseft wordt wat er op een bepaald moment gebeurt, wat de betekenis daarvan is, en of het ook ons bestaan tot in het hart raakt? Ik heb een vermoeden dat dit niet altijd het geval is. Dat vermoeden berust op enkele ervaringen die ik hier nu kort weergeef.

Af en toe ben ik voorganger in een andere gemeente. Meestal ontvang ik vooraf een brief waarop de in die gemeente gebruikelijke gang van de eredienst staat vermeld. Soms is dat niet het geval. Als de plaatselijke pastor niet aanwezig is of de gemeente is vacant, dan bel ik een kerkenraadslid of de koster. In ieder geval iemand die de gang van zaken ter plaatse wekelijks meemaakt. Op de vraag bijvoorbeeld wanneer de geloofsbelijdenis aan de orde komt of wanneer de collecte plaatsvindt, komt soms pas na enig wikken en wegen een antwoord. Soms weet men het echt niet.

Het is mij opgevallen dat in verschillende gemeenten de collecte voor veel gemeenteleden een moment is om de onderlinge conversatie voort te zetten die moest worden afgebroken toen de dienst een aanvang nam.

Hieruit valt in ieder geval te concluderen dat niet alle onderdelen door allen even intens worden beleefd. Het getuigt van een ‘niet stilstaan’ bij wat er gebeurt en bij de vraag waarom het op een zeker moment gebeurt. Dat de collecte een liturgisch moment is, waarin het geven van de ‘stoffelijke’ gaven tegelijk een symbool is van het uit liefde tot de Here jezelf geven in zijn dienst, wordt nauwelijks beseft. De collecte had net zo goed vooraf kunnen plaatsvinden bij binnenkomst van de gemeenteleden in het kerkgebouw, of na de dienst bij de uitgang. Blijkbaar wordt zo’n onderdeel van de eredienst achteloos meegemaakt.

Factoren die een rol spelen

Nu zijn er verschillende factoren die ertoe kunnen bijdragen dat bepaalde onderdelen al of niet beleefd worden. Ik noem er drie: kennis van zaken, persoonlijke omstandigheden en de toestand in de wereld.

Er zijn nog wel andere factoren te noemen. In een geseculariseerde samenleving is het besef dat we leven voor Gods aangezicht volkomen verdwenen. De invloed van de leefsfeer die daardoor is ontstaan, gaat aan kerkgangers niet voorbij. Dat vindt ongetwijfeld ook zijn weerslag in de wijze waarop de eredienst wordt beleefd.

Verder spelen o.a. een rol de inrichting van de kerkzaal, de kwaliteit van de kerkmuziek (orgelspel, eventueel andere instrumenten en koor, gemeentezang), de plaats van de kinderen in de eredienst enz.

Binnen het kader van dit artikel moeten we ons beperken. Bovendien hangt het gewicht van de laatstgenoemde factoren mede af van persoonlijke voorkeur, waarmee niet gezegd wil zijn dat het er allemaal niet toe doet of dat hier alles open moet staan voor persoonlijke willekeur.

Kennis van zaken

Weten wat je aan het doen bent is van belang voor de beleving van de eredienst. Dat wil niet zeggen dat bij elk onderdeel uitleg gegeven moet worden. Het kan zelfs storend zijn voor de beleving. Het legt ook wel erg sterk de nadruk op ‘begrijpen’, terwijl bij beleving toch ook andere aspecten een rol spelen, zoals gevoelens en emoties. Mondelinge toelichtingen zou ik in de dienst zelf zoveel mogelijk willen vermijden, aangezien het de gang van de eredienst vertraagt en misschien wel het begrip bevordert, maar zeker niet de beleving. Het is alsof in een verhaal dat voor zichzelf moet spreken, de verteller allerlei verklarende toelichtingen geeft, waarbij de spanning van het verhaal volstrekt verloren gaat.

Niettemin kan uitleg geen kwaad. Ook het inzicht verschaffen in de samenhang van de verschillende onderdelen kan de betrokkenheid van gemeenteleden en de zeggingskracht van het liturgische moment bevorderen. Waarom is de geloofsbelijdenis op dat moment? Waarom de collecte op die plek? Wat is de relatie van dat bepaalde lied met wat eraan voorafging of met wat erop volgt? Een gedrukte orde van dienst waarin de hoofdmomenten van de eredienst duidelijk worden gerubriceerd maakt de gang van de eredienst al wat inzichtelijk. Daarop zou ook kort elk onderdeel toegelicht kunnen worden. Mondelinge toelichting zou ik zelf alleen aan het begin van de dienst geven.

Uiteraard valt hier ook in de catechese nog heel wat te doen, zowel onder jongeren als ouderen. Toerusting op dit terrein is beslist geen overbodige luxe. En er is literatuur in overvloed.

Persoonlijke omstandigheden

Mensen kennen in hun leven hoogte- en dieptepunten. Blijdschap en verdriet wisselen elkaar af en bepalen het gemoed van een mens. Zorgen, angsten en spanningen kunnen zich zo aan ons opdringen, dat we daarvan vol zijn, waardoor andere indrukken van buitenaf maar moeilijk toegang krijgen tot ons hart. Dat geldt ook van de indrukken die op ons afkomen in de kerkdienst. Flarden tekst worden opgevangen, zetten zich vast of gaan op dat moment een eigen leven leiden. Het woord ‘moeite’ of ‘verdriet’ valt bijvoorbeeld. De mogelijkheid bestaat dat iemand die op dat moment persoonlijk moeiten en verdriet kent, nu juist de oren spitst. Zo van: ‘Wat nu gezegd gaat worden is misschien wel een woord voor mij’. Maar het kan ook zijn dat de rest van wat gezegd wordt, niet meer wordt gehoord, omdat die twee woordjes eigen zorgen en verdriet in hoofd en hart weer oproepen, wakker maken en zwaar laten wegen op het gemoed.

Een mens is niet altijd in de ‘stemming’ om een loflied te zingen of te horen. Of omgekeerd: een mens is zo hooggestemd, dat een klaaglied op dat moment als irritant wordt ervaren.

Ook karakter, opvoeding, opleiding en geestelijke achtergrond spelen een rol in de beleving van de eredienst. Wie gewend is aan archaïsch taalgebruik zal zich misschien storen aan een taal waarin oude uitdrukkingen anders worden gezegd. Anderen zullen in de kerkdienst juist een gevoel van vervreemding ervaren als daar een taal wordt gesproken die volstrekt anders is dan de taal die men dagelijks hoort en zelf bezigt. Zo zou er meer te noemen zijn. Hoe dan ook: persoonlijke omstandigheden kunnen als stoorzender optreden waardoor onderdelen van de eredienst niet worden beleefd of zelfs irritatie oproepen. Het is goed om ons daarvan bewust te zijn.

Toestand in de wereld

Mensen zijn geen wezens die op zichzelf staan. Hoezeer ook individualisme in de samenleving een grote rol is gaan spelen, er zijn gebeurtenissen die toch een gemeenschappelijk gevoel van verbijstering teweeg brengen. Dat gevoel gaat aan kerkmensen niet voorbij en ze nemen dat ‘s zondags mee de kerkruimte in. Daaraan voorbijgaan in de eredienst is een gemiste kans om mensen juist betrokken te laten zijn bij wat er in de dienst gebeurt. Daarmee bedoel ik niet direct dat de tekstkeuze of de preek moeten worden aangepast vanwege de omstandigheden, al zul je bij wereldschokkende gebeurtenissen er niet omheen kunnen om er iets van te zeggen, al was het maar stamelend. Het hart van mensen is er vol van, en een voorganger mag toch niet over de hoofden en harten van mensen heenpraten. Wat ik wel bedoel, is dit: laat de toestand in de wereld van dat moment een plek krijgen in de eredienst. We mogen de wereld en haar nood voor het aangezicht van God brengen. Natuurlijk zal dat gebeuren in de gebruikelijke dienst der gebeden. Maar zou, bij diep ingrijpende gebeurtenissen die het hoofd en hart van mensen zo beroeren, er ook niet een apart liturgisch moment mogen zijn, waarin dit kort voor de Here wordt uitgezegd? Als dat meteen aan het begin van de dienst gebeurt, direct na bemoediging (votum) en groet, is ruimte gegeven aan wat mensen diepgaand in verwarring heeft gebracht en ontstaat er een zekere ontlading van spanning. Daarmee is de verwarring niet verdwenen, maar wat zwaar weegt is dan al even kort tot uiting gekomen. Daardoor wordt in ieder geval een mogelijkheid geschapen om ook de rest van de dienst mee te beleven. Wat een belemmering zou kunnen vormen om ‘erbij te zijn’ is toch al uitgesproken voor Gods aangezicht.

Waar het ten diepste om gaat

Aandacht voor de beleving van mensen is toegenomen. De markt is nu eenmaal gericht op de directe beleving en vraagt telkens weer: ‘Wat doet het je?’ Of we willen of niet, ook kerkgangers zijn geraakt door deze belevingsmaatschappij. Dat betekent dat ook de eredienst tot in alle onderdelen op het aspect van de beleving moet worden doorgelicht.

Uiteraard gaat het om de inhoud. Wat gezegd wordt en wat de betekenis is van de dingen die in de eredienst gedaan worden, is belangrijk. Maar voor de beleving is minstens zo belangrijk hóe de dingen gezegd en gedaan worden. Bovendien kan het ‘hoe’ öf een opening bieden voor een echte ontmoeting met de Heilige Israëls òf juist een belemmering vormen. Zeker, de Heilige Geest weet mensen te raken ook via wegen die misschien in onze ogen niet deugdelijk zijn, maar dat ontslaat ons niet van de plicht om wegen te zoeken die zo goed mogelijk zijn.

Wat bij alle overwegingen niet vergeten mag worden, is dat het in de eredienst ten diepste gaat om de Here God die ons wil ontmoeten en om de gemeente die deze ontmoeting zoekt. Dat is een unieke gebeurtenis die van ons een ootmoedige houding vraagt. Lofzegging, voorbede, schuldvergeving, prediking, inzameling van de gaven, sacrament enz. zijn onderdelen die in deze ontmoeting van fundamentele betekenis zijn. Wie aan deze ontmoeting deelneemt, mag aan de onderdelen van die ontmoeting ook wat beleven dat hem of haar troost, bemoedigt, blij maakt, terechtwijst, rust en vrede geeft, enz. Wanneer dat plaatsvindt, is dat niet dank zij onze tot in alle onderdelen goed verzorgde liturgie, maar dank zij de Heilige Geest die zich daarvan heeft willen bedienen. Daarom bidden we aan het begin van de dienst om de leiding van de Heilige Geest. Dat is maar niet een bijkomstigheid, maar van het allergrootste gewicht.

Worden alle liturgische onderdelen in de eredienst beleefd? Ik zou zeggen: dat is haast niet mogelijk, want dat vraagt een groot concentratievermogen; omstandigheden en stemmingen van mensen kunnen nu eenmaal heel wisselend zijn. Het is troostvol dat het ook niet hoeft. Want de kerk is een gemeenschap van mensen die samenkomt voor het aangezicht van God. Gemeenschappelijk mogen ze wat aan en in die samenkomst beleven. Maar wat beleefd wordt, zal voor ieder weer verschillend zijn. De één wordt geraakt door een passage in de preek, de ander door de tekst of een melodie van een lied en weer een ander beleeft het samen zingen als heel bijzonder. Zo heb je ook in de beleving van de eredienst elkaar nodig en vul je elkaar aan. Liturgie kan alleen maar tot in alle onderdelen beleefd worden, samen met alle heiligen.

Ds. Groenleer (1949) is predikant van de gemeente van Woerden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.