+ Meer informatie

Brits protest tegen executie journalist

Dringende oproep Thatcher aan Bagdad

2 minuten leestijd

LONDEN - Groot-Brittannië heeft gisteren steun van andere landen gekregen bij zijn poging Irak ervan te weerhouden een Britse journalist te executeren. Dit heeft een woordvoerder van het Britse ministerie van buitenlandse zaken gezegd. Een gerechtshof in de Iraakse hoofdstad Bagdad heeft zaterdag Farzad Bazoft (31) wegens spionage ter dood veroordeeld.

De ambassadeur van Groot-Brittannië heeft aan de Iraakse autoriteiten een dringende oproep van premier Margaret Thatcher overhandigd waarin zij om genade voor de journalist vraagt. De Britse premier zou „ontzet" zijn over het doodvonnis. De Britse diplomaat kreeg te horen dat het verzoek aan de Iraakse president, Saddam Hoessein, zou worden doorgegeven, aldus het Britse ministerie van buitenlandse zaken.

De afgezanten van Ierland, Frankrijk en Italië brachten namens de Europese Gemeenschap een vergelijkbaar verzoek om clementie aan het Iraakse ministerie van buitenlandse zaken over. Londen liet weten ook steun bij de Verenigde Naties te zoeken.

„Wij hebben deze oproepen gedaan en wij proberen internationale druk op Irak te mobiliseren", aldus een woordvoerder van het Britse ministerie van buitenlandse zaken. „Wij moeten nu afwachten en zien wat ervan komt". Bazoft, van Iraanse afkomst, was als verslaggever werkzaam bij het Britse blad The Observer. De Britse verpleegster Daphne Parish (53) kreeg vijftien jaar gevangenisstraf, omdat ze Bazoft geholpen zou hebben.

Spionage

In september verbleef Bazoft in Irak op uitnodiging van de Iraakse regering om de verkiezingen bij te wonen in de zogenoemde autonome Kurdische provincies. Evenals zovele andere buitenlandse journalisten, onder wie ook Nederlandse, wilde Bazoft berichten natrekken over een enorme explosie die volgens het Britse blad The Independent op 17 augustus had plaatsgevonden in een wapenfabriek in Al-Iskandria, ten zuiden van Bagdad.

Parish, die in een ziekenhuis in Bagdad werkzaam was, bracht Bazoft in een auto naar het gebied, waar de journalist zich uitgaf als arts. Toen hij later het land wilde verlaten, werd hij op het vliegveld gearresteerd.

Eerder had Bazoft in oktober voor de Iraakse televisie verklaard dat hij voor Israël spioneerde en voor „verscheidene mensen" in Groot-Brittannië inlichtingen verzamelde nadat hij in 1987 een baan had gekregen bij The Observer. Tijdens zijn proces trok Bazoft deze bekentenis in en verklaarde dat die was afgedwongen.

Volgens westerse industriële bronnen zijn bij de explosie in de geheime wapenfabriek zeker 1500 mensen om het leven gekomen. Volgens The Independent brandde het complex twee dagen lang. Onder de slachtoffers bevonden zich volgens de krant ook veel Egyptische werknemers die naar huis werden overgevlogen.

Omwonenden bevestigden dat er een enorme explosie was en dat ziekenauto's af en aan reden maar wilden verder tegenover buitenlanders geen mededelingen doen. De Iraakse autoriteiten bevestigden later dat zich inderdaad een ontploffing heeft voorgedaan. Maar er zouden volgens Bagdad slechts negentien slachtoffers zijn, voornamelijk brandweerlieden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.