+ Meer informatie

OP DE WACHTTOREN

6 minuten leestijd

4

Kerk en prediking.

De voornaamste roeping van de kerk dat is de prediking, ’t Heeft de Heere immers behaagd om door de dwaasheid der prediking zondaren zalig te maken. De kerk, tot het eeuwige leven uitverkoren, moet worden saamvergaderd, en de Heere wil dat doen door middel van de prediking onder de toepassing des Heiligen Geestes.

Daarom roept de Heere ook Zijn dienstknechten, om in Zijn naam onder ambtelijke bevoegdheid Zijn Woord te verkondigen. Deze ambtelijke bevoegdheid komt vooral uit in de sleutelmacht!

Het kern-element van elke ambtelijke prediking is dan ook: het openen en het sluiten van het koninkrijk der hemelen! Wat dit betekent kunnen wij lezen in onze belijdenis. Wij lezen in Zondag 31 van onze catechismus: „Hoe wordt het hemelrijk door de prediking des heiligen Evangelies ontsloten en toegesloten?” Het antwoord is: „Alzo, als volgens het bevel van Christus, aan de gelovigen, allen en een iegelijk verkondigd en openlijk betuigd wordt, dat hun, zo dikwijls als zij de beloftenis des Evangelies met een waar geloof aannemen, waarachtiglijk alle hun zonden van God, om de verdiensten van Christus’ wil, vergeven zijn; daarentegen alle ongelovigen, en die zich niet van harte bekeren, verkondigd en betuigd wordt, dat de toorn Gods, en de eeuwige verdoemenis op hen ligt zolang als zij zich niet bekeren; naar welk getuigenis des Evangelies, God zal oordelen, beide in dit en in het toekomende leven”.

Dit maakt elke ambtelijke prediking dan ook van zo diepe ernst en ontzaggelijke verantwoordelijkheid. ’t Gaat bij elke prediking om dood of leven! eeuwig wel of eeuwig wee! ’t Gaat om de opening en de sluiting van het koninkrijk der hemelen.

Beseffen wij de diepe ernst daarvan dan zullen wij begrijpen wat die Schotse prediker eens sprak, die op de brandstapel moest sterven. Beklimmende de trappen van de brandstapel riep hij uit: „De Heere weet, dat ik deze trappen met minder angst beklim, dan dat ik ooit de kansel heb beklommen”.

’t Beklimmen van de kansel had hem altijd angst en ontroering in de ziel gebracht, omdat hij die twee sleutels met zich droeg, de sleutels van de opening en sluiting van het koninkrijk der hemelen.

Wie van Gods geroepen dienstknechten kent daar niets van, als de ernst van de ambtelijke bediening des Woords op het hart wordt gebonden? „Zeg het de rechtvaardigen dat het hen wel zal gaan, maar zeg het de goddelozen dat het hen eeuwig kwalijk zal gaan!”

Hedendaagse preek-methoden.

En hoe is nu de preekmethode in onze tijd? Wordt de ernst van de Woord-bediening doorvoeld? Worden de sleutelen van het koninkrijk der hemelen recht gebruikt? Als de wachter op de wachttoren het oor te luister legt, dan hoort hij dingen, die hem diep bedroeven, die hem oproepen om op de bazuin te blazen!

Afgedacht van het feit dat de Woord-bediening al meer en meer op de achtergrond wordt gedrongen, en allerlei rooms aandoende liturgie op de voorgrond wordt gesteld, denk hierbij aan onze moderne kerkgebouwen, waar de avondmaalstafel in het midden, en de kansel in een hoek is gesteld, afgedacht daarvan echter, hoe bedroevend worden thans verschillende preek-methodes, als ideaal voor onze tijd gesteld!

Zo moet de prediking om te beginnen kort zijn! origineel! nuchter! z.g.n. verstaanbaar tot het banale en goddeloze toe.

Enkele voorbeelden lazen wij daarvan in het bekende blad „Kerknieuws”.

Gelukkig met afkeuring en verontwaardiging werd daarin melding gemaakt van een predikant, die in zijn adventspreek de kinderen dacht te boeien, door met een gesloten hand de kansel te beklimmen, en op de kansel het de kinderen toeriep: „Wat heb ik in mijn hand? Een snoepje, zei één van de jongste kerkgangers. Mis poes, zei de dominee. Dominee deed zijn hand open en..... liet een luciferdoosje zien. Het was een kleintje, zei hij er bij, want anders kon hij het niet in zijn gesloten hand houden. Hij liet de kinderen zien dat hij nu vuur kon maken, en stak een lucifer aan. Maar ik kan nog een ander vuur maken hoor, vervolgde hij, terwijl hij de lucifer uitblies. Uit de zak van zijn toga haalde hij toen een kaars. Die stak hij ook aan, en daarna zette hij haar op de preekstoel. Natuurlijk liet hij haar niet zo lang branden, want hij was bang voor het druipende kaarsvet. Hij zei geen ruzie met de koster te willen hebben, en blies de kaars gauw uit. „Nu hebben jullie dit licht gezien” zo sprak hij, en zo is de Heere Jezus ook het licht der wereld”. Zie hier een voorbeeld van de preekmethode van onze tijd voor de kinderen, en voor de grote mensen is het niets beter, alleen wat grover en goddelozer. Televisie-predikers laten de telefoon bij zich op de tafel plaatsen, of zij brengen witte muizen of tarwebrood en taartjes mee, dan hebben ze prachtige uitgangspunten voor hun toespraak.

Predikers op de preekstoel sloven zich uit om toch maar de meest originele woorden voor hun z.g.n. predikatie te vinden. Jijen en jouen, dat staat voorop, dat klinkt al direct sportief en dan woorden als „naar de bliksem gaan”.; „een rotkarwei voor Jezus” (de voetwassing) „Jezus over je kuifie laten strijken”, zo zeggen de legerpredikanten het elkander na...... We zouden zo verder kunnen gaan, maar we schamen ons om meer van deze banaliteit in ons blad te laten afdrukken. Inmiddels is dit de ernstige realiteit van de hedendaagse preekmethoden. Kanselstijl wordt uit den boze geacht, en ’t Woord der Schrift wordt van geen waarde geacht: past bij de ernst ook deftigheid.

Een hellend vlak.

Wat bij deze gesignaleerde realiteit vooral zo ernstig is, dat is, wij leven met dit alles op een hellend vlak! ’t Gaat al verder en verder bergafwaarts! Wat moet er terecht komen van onze jeugd, die in dit klimaat leeft en opgroeit? Jongeren, die diep in hun ziel aanvoelen, dat het zo toch ook niet moet. En..... waar dan heen? als de ouderen de jongeren hierin voorgaan, of althans alles maar tollereren?

Een der eerste stappen op dit hellend vlak is ongetwijfeld het evangelie z.g.n. „verstaanbaar” te maken voor de moderne mens. De nieuwe vertaling kwam, en dat niet alleen, maar men kwam tot een vertaling inde volkstaal, in de omgangstaal. Bijbelse begrippen en woorden worden soms nog wel in hun bestaande vorm gehandhaafd en gebruikt, maar intussen van een totaal andere inhoud voorzien. Men wil dan z.g.n. voor de moderne mens een brug bouwen omte komen tot het geloof, ’t Evangelie dat niet is naar de mens, wil men dan zo ombuigen, dat het aanvaardbaar wordt voor de mens.

’t Evangelie wordt dan verschraald tot een boodschap van de medemenselijkheid. Daar is uiteindelijk God, en het werk van de Heilige Geest niet meer nodig. De uiterste konsekwentie is dan ook de kreet: „God is dood”. Wij vermelden deze dingen in diepe ernst en met een ernstige waarschuwing: „Houdt het voorbeeld der gezonde woorden, die gij van mij gehoord hebt in geloof en liefde, die in Christus Jezus is. Bewaar het pand u toebetrouwd, door de Heilige Geest, Die in ons woont”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.