+ Meer informatie

Door de spiegel Voor onze jongens

Er was een orgel nodig in Roosendaal

5 minuten leestijd

Er was een sergeant in Roosendaal, en er was een manufacturier in Dinteloord. De ene vroeg iets, de ander schonk iets. En dat zij elkander vonden, dat de een de ander kon helpen, was te danken aan het feit dat zij leden waren van één groot gezin, het Spiegel-gezin!

Geeft acht!
Het verhaal begint op die zondag in de maand december, de 16e, toen de heer A. Slings uit Dinteloord, vader van zes zoons en één dochter, de oproep las, die sergeant G. Hosmar, namens alle protestantse commando's van de stormschool te Roosendaal, had doen plaatsen in de redactie-rubriek van de "Spiegel" van 15 december jl.

„Geeft acht!" luidde de kop van het bericht, waarin o.a. te lezen stond: „ledere avond wordt er in een van de kamers van de Engelbrecht van Nassau-kazerne, alhier, een dagsluiting gehouden door protestantse commando's. Roosendaal bezit helaas geen chr. militair tehuis, zodat wij daar niet samen kunnen komen om de dag met God te beëindigen. Zou u voor ons geen mogelijkheid weten om voor deze dagsluiting, die wij niet kunnen missen, een orgeltje te krijgen, zodat ook deze jongens, die toch ook uw jongens zijn, in deze Rooms-Katholieke omgeving, enige gezelligheid vinden?

Wij weten dat Chr. Nederland ons niet vergeet, en hopen dat u ons kunt helpen, opdat wij met het bezingen van Gods heerlijkheid mogen bijdragen tot de verbreiding van Gods Koninkrijk. Misschien is er een of andere vereniging die een oud orgeltje op de zolder heeft staan. Bij ons zou het met vreugde begroet worden en een "ruime plaats" innemen."

De spaarpotten leeg
Vader Slings stond even stil bij dit bericht en liet er zijn gedachten eens over gaan. Toen las hij het voor aan vrouw en kinderen. Hierop ontwikkelde zich in het gezin Slings een gesprek over de mogelijkheden om hulp te bieden. Zelf bezat men geen orgel; wat kon men doen?

Er werd wat heen en weer gepraat en, onverwachts nog eigenlijk, kwamen de kinderen eensgezind tot het besluit de spaarpotten te ledigen, en voor het totale bedrag een orgel te kopen. En zo gebeurde. De spaarpotten werden voor de dag gehaald, en van de oudste tot de jongste van het zevental, ja ook de 14-jarige Toos en de 7-jarige Dik, droegen zij allen hun deel bij voor de aankoop van een tweedehands harmonium.

Zo spoedig mogelijk zocht vader Slings nu contact met sergeant Hosmar, die niet weinig verrast was over deze spontane, niet alledaagse hulp. Het orgel werd gekocht; en op een grimmige, natte januari-avond verscheen het in de Engelbrecht van Nassau-kazerne.

Een orgelfonds
Daar werd het orgel officieel door de familie Slings overgedragen. Door de familie, dat wil zeggen, door vader, moeder, èn het zevental. Het was wel even een vreemd gezicht dit gezin in burger min of meer verdwaald te zien tussen al die militaire uniformen; maar door de ongedwongen sfeer die er was in de cantine, voelden de Slingsen er zich dadelijk thuis.

De commandant, majoor J.H.A.K. Gualtherie van Weezel, die steeds blijk geeft met zijn jongens mee te leven, was ook aanwezig. Alvorens ds. T. Spilker, de veldprediker, met zijn gewone dagsluiting begon, vond de overdracht van het orgel plaats, waarbij Henk Slings, de oudste zoon, een woordje sprak.

Na de avondwijding werden er woorden van dank gesproken door enkele militairen, onder wie ook majoor Gualtherie. Deze liet vooral uitkomen, hoe 't hem getroffen had, dat juist „kinderen van ons volk dit geschenk hadden gegeven aan de jeugd van Nederland onder de wapenen..." En vader Slings sprak nog over een op te richten orgelfonds voor onze militairen. Want niet alleen Roosendaal, maar ook andere kazernes hebben behoefte aan instrumenten.

„Zingen doen de jongens graag", zei ds. Spilker ons; „en nu wij een orgel hebben, zal dit de belangstelling voor de dagsluitingen ongetwijfeld doen toenemen."

Ook anderen...
Wij hebben 't tot nog toe slechts gehad over de aanbieding van de familie Slings, omdat dit de meest ongewone was. Toch mogen we de toezeggingen van anderen, waarvan een even dankbaar gebruik zal worden gemaakt, in dit verband niet onvermeld laten. Sergeant Hosmar toonde ons de brieven met een glunder gezicht.

Het betreft de aanbieding van een orgel van de familie Van Drempt uit Slijk-Ewijk, mevr. wed. Van Leeuwen-Veldhuizen uit Leersum, mevr. wed. Gerstel-Blijker uit Kapelle en de heer De Troye uit Arnemuiden. Dat "De Spiegel" op die bewuste avond veelvuldig en in dankbare bewoordingen werd genoemd, mogen we ook nog wel even vermelden.

Want we vinden het heus prettig, dat "De Spiegel" in deze zaak een groot aandeel heeft mogen hebben. Dat is juist onze bedoeling: door en voor elkaar, als in één groot gezin. Wat wij willen, is dat protestants Nederland elkaar de hand reikt, door alle rangen, standen en groeperingen heen.

Maar niet door bestaande afscheidingen omver te werpen of als lucht te beschouwen; nee, over de muren heen, in een sterke, manlijke greep! Want daaraan is behoefte in deze tijd, meer dan ooit! En daarom vinden we 't fijn, dat 't deze keer mocht zijn, de handdruk van burger tot militair, en dat we mogen zeggen: dóór "De Spiegel" - vóór onze jongens!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.