+ Meer informatie

"Dutchbat zat als een rat in de val"

4 minuten leestijd

DEN HAAG - Waarom kwam er geen luchtsteun op de momenten dat Dutchbat het hard nodig had? Die cruciale vraag blijft hangen, ook na de verhoren gisteren van Nederlandse militairen die destijds belangrijke posities bekleedden in de VN-bevelslijn.

Iemand die het antwoord zou kunnen geven, is brigadegeneraal Harm de Jonge. In gevechtspak met opgestroopte mouwen maakte hij gistermiddag zijn entree in de oude vergaderzaal van de Tweede Kamer. De Jonge kwam voor zijn verhoor bij de parlementaire enquêtecommissie Srebrenica even over uit Macedonië, waar hij de NAVO-operatie Amber Fox leidt.

Van januari tot augustus 1995 behoorde hij als kolonel tot de staf van de Franse commandant van de VN-missie in voormalig Joegoslavië, generaal Janvier. Van De Jonge kwam het idee om zogenaamde "blocking positions" in te richten. "Een lijn in het zand." Met pantservoertuigen moest Dutchbat de opmars van generaal Mladic naar Srebrenica tegenhouden.

"Geklungel van de eerste orde", oordeelde oud-chef defensiestaf Van der Vlis eerder deze week. Hoe kunnen 'blauwe' vredesmilitairen een 'groene' opdracht (in feite oorlogshandelingen) uitvoeren, zeker als ze daar de bewapening niet voor hebben?

De Jonge onthulde gisteren dat de door Dutchbat ingenomen posities helemaal niet waren bedoeld om de Serviërs af te stoppen. "Ik wilde Mladic kleur laten bekennen, kijken wat hij doet. Verder wilde ik dat een volgende aanvraag voor luchtsteun wel werd gehonoreerd." De Jonge liet daarom een door Janvier ondertekende waarschuwing uitgaan aan Mladic. Als hij de "lijn in het zand" zou overschrijden, zouden er NAVO-luchtaanvallen volgen, klonk het dreigend.

Of de Nederlandse militair rekening hield met slachtoffers onder de Dutchbat-militairen wilde de commissie weten. "Ja", antwoordde De Jonge koeltjes met de armen stijf over elkaar. En even later, als onverschrokken militair: "We kunnen bang zijn voor alles, maar er moest iets gebeuren. Bij niets doen was de enclave weg."

De Jonge schilderde een tot de tanden bewapend palet. "We kunnen luchtsteun zo massaal maken als we zelf willen. Dat is niet een enkel vliegtuigje, niet eenmalig een bommetje, het kan zolang het nodig is. We hadden zicht op de doelen en konden die stuk voor stuk afwerken. Daar was ik eigenlijk op uit."

Toch kwam de luchtsteun er op de meest cruciale momenten niet. Het directe gevaar was geweken en het risico voor de eigen troepen was te groot, hoorde De Jonge van Janvier op de avond van de 11e juli 1995. En hij herhaalde dat gisteren bij de enquêtecommissie. Die nam daar genoegen mee. Men vroeg niet door. De Jonge kwam er mee weg. En of Janvier deze weken naar Den Haag komt, is maar zeer de vraag.

De Jonge mocht aan het einde van zijn verhoor zijn waardering uiten voor het optreden van Dutchbat. Hij deed en passant over de hoofden van de commissieleden een oproep aan het Nederlandse volk: "Laat nooit meer Nederlandse soldaten zo hard vallen als met Dutchbat is gebeurd."

Dat de hoge militairen Dutchbat in de julidagen van 1995 ook lieten vallen, kwam gisteren pijnlijk aan het licht. Noch de topmilitairen bij de VN noch de militairen op het ministerie van Defensie hadden grip op de situatie. "Dutchbat zat als ratten in de val. Ze zaten op het verkeerde moment op de verkeerde plek", zei generaal-majoor Frank van Kappen, toenmalig adviseur van de secretaris-generaal van de VN. Hij vroeg "begrip" voor de positie van Dutchbat. "Hun aanwezigheid was een politiek gebaar. De enige echte afschrikking die we hadden, was het luchtwapen. Daar was geen politieke steun voor. Je trekt dan in feite ten oorlog tegen een van de strijdende partijen."

Generaal-majoor Hilderink zat ten tijde van de val in de bunker onder het ministerie van Defensie. Van daaruit is welgeteld één keer gebeld met Dutchbat-commandant Karremans. "Wij deden geen zaken met Ducthbat." Inschatting van de situatie was "op 2000 kilometer afstand moeilijk." En opheldering over het uitblijven van luchtsteun? Hilderink: "Het ligt niet in de lijn dat ik contact op zou nemen met een viersterrengeneraal in het gebied."

De enquête gaat maandag verder met het verhoor van een van de hoofdrolspelers in de Srebrenica-affaire, kolonel Karremans. De commissie trekt maar liefst drie uur uit voor zijn verhoor. 's Middags is luitenant-generaal Van Baal aan de beurt. Hij is de enige militair die tot nu toe functioneel slachtoffer is geworden van Srebrenica. Later in de week volgen de politici Pronk en Lubbers en ex-landmachtbaas Couzy.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.