+ Meer informatie

Opwelling

2 minuten leestijd

De vleselijke heillgmaking zegt altijd: „ik kan God niet dankbaar genoeg zijn", en is Hem nooit dankbaar, of de dankbaarheid moest in woorden bestaan. Welaan, zij wil en zal haar gehele leven God de Heere toewijden.

Dat is voor het ogenblik haar vast besluit, een besluit van ogenblikkelijke opwelling; inmiddels wijdt zij het Belial en der wereld. Dat weet zij wel doch wil het niet weten, en wordt daarom doorgaans ook zó verblind, dat zij haar eigen liegen gelooft. Vijandschap, nijd, haat en toorn kan zij zonder moeite afleggen, inmiddels gaat zij voort met haar naaste te doden. Zij spreekt altijd van liefde, om zelf van anderen geëerd en bemind te worden in haar wandel naar vlees, maar o, hoe liefdeloos is zij en blijft zij gezind omtrent degene, die uit waarachtige liefde die wandel naar vlees blootlegt.

De vleselijke heilgmaking is vol van goede voornemens en in de aanvang ijverig om deze ten uitvoer te leggen, totdat de eigenliefde er mee gemoeid raakt; wordt die gekwetst, uit is het met de goede werken voornemens, en in het met zoveel moeite opgetrokken gebouw is de verwoestende fakkel geworpen, en zij heeft in haar gebied honderden van torens, die onvoltooid bleven vanwege de verwarring van de sprake der bouwlieden.

H. F. Kohlbrugge

(„De ware Zelfbeproeving")

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.