+ Meer informatie

MET HEEL JE VERSTAND…

3 minuten leestijd

Moderne godloochenaars doen er werkelijk alles aan om religie in het algemeen, en de christelijke godsdienst in het bijzonder, af te schilderen als een gevaarlijke vorm van zelfbedrog, of -erger nog - als een belachelijke vorm van misleiding. Het Humanistisch Verbond doet daar in ons land dapper aan mee. Humanisten moeten maar liever intens willen leven vóór de dood dan zich druk maken over een leven daarna…. Natuurlijk speelt hier voortdurend de soms hoog oplopende spanning tussen geloof en wetenschap in mee. Voor veel atheïsten geldt, dat wie de wetenschap serieus neemt echt niet langer in (een) God blijft geloven. Voor hen is een gelovige wetenschapper een aanfluiting!

Er zijn heel wat christenen die van de weeromstuit elke confrontatie van hun geloof met deze voorvechters van een godloos leven uit de weg gaan. Zij vinden dat het bestaan van God niet te bewijzen valt en dat je als christen de ‘wereld van het geloof’ maar het beste buiten de discussie kunt houden. Gevoel en intuïtie lijken dan de pijlers onder het Godsgeloof te zijn; het verstand zou hier weinig verder helpen, je misschien zelfs van je geloofsovertuiging beroven! Denk aan de angst die gelovige ouders kunnen hebben voor de wereld van de wetenschap waarmee hun studerende kinderen in contact komen: zullen ze wel ‘staande blijven’?

Toch wringt hier wel wat. Want wat doen wij met de tekst van het grote gebod, waarin duidelijk gesteld wordt dat wij God niet alleen lief moeten hebben met ons hele hart maar ook ‘met geheel uw verstand’? God vraagt zogezegd geen hersenloze aanbidders, maar mensen die met hun hele bestaan en dus ook met hun volle verstand Hem willen kennen, liefhebben en dienen. Vanuit die overtuiging hebben gelovige wetenschappers de confrontatie met atheïstische ‘gelovigen’ niet geschuwd. Want, stellen zij terecht: de wetenschap kan Gods bestaan niet bewijzen, maar ze kan evenmin het niet-bestaan van God aantonen. Gods bestaan gaat ons denken te boven; zeker, maar daarmee is geloven nog niet onredelijk!

En zo hebben sinds de opkomst van de geseculariseerde wetenschapsbeoefening toch ook steeds begaafde geleerden het goed recht van het christelijk geloof verdedigd. Ik denk aan het optreden van de Engelse geleerde C.S. Lewis, die vanuit een atheïstische overtuiging tot een getuigend christelijk geloof kwam en dat niet ondanks, maar dankzij het gebruik van zijn verstand. Gelukkig zijn ook in onze tijd christengeleerden actief in de verdediging van het geloof op goede gronden. In ons land noem ik met name het werk van de briljante natuurkundige Cees Dekker. Dicht bij huis leveren Stefan Paas en Rik Peels met hun jongste boek een belangrijke bijdrage aan het debat.

Er is wel een gevaarlijke valkuil voor christelijke geloofsverdedigers, namelijk als zij ‘het gelijk van de Bijbel’ toch weer afhankelijk maken van wetenschappelijke bewijzen. Als de krant meldt dat archeologisch onderzoek heeft aangetoond dat er toch al wel synagogen waren in Jezus’ tijd en Lukas dus toch gelijk heeft, zitten we in zo’n valkuil. Dat ‘met heel uw verstand’ gaat immers niet over bewijzen, maar over het liefhebben van God!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.