+ Meer informatie

„Na elk applaus volgt weer de stilte

Getalenteerde Hongaarse pianiste Klara Würtz krijgt vaste voet op Nederlandse bodem

8 minuten leestijd

Schumann is haar grote liefde. „Hij mist de —zeg maar— haast onwerkelijke perfectie van Mozart of Bach. Hij was iemand die zijn zwakheden eerder cultiveerde dan verborg. De wereld van Schumann is er een vol twijfels, zere plekken en euforie. Daar voel ik me bijzonder toe aangetrokken". Een gesprek met Klara Würtz, pianiste uit Hongarije, die, na concertreizen door de Verenigde Staten en Canada, nu ook voet aan de grond krijgt in Nederland.

„Nederland stond een beetje op het tweede plan, maar ik ben getrouwd met een Nederlander, dus ik wil ook hier optreden. Maar Nederland is klein, dus zoiets gaat langzamer dan in de Verenigde Staten, waar je veel meer concertpodia hebt. Gelukkig heb ik sinds kort een Nederlandse zaakwaarnemer die er wel aan wil trekken".

Het begin is er inmiddels. Na wat optredens in de provincie —volgende week in een uitverkocht kasteel Groeneveld in Baarn— volgt komend najaar en voorjaar '92 het Amsterdamse Concertgebouw. Wie haar Schumann, Schubert of Chopin heeft horen spelen, is verkocht. Schumanns Kreisleriana opus 16, een zware, uit acht tegengestelde toonstukjes samengestelde compositie van een half uur, komt haar majesteitelijk uit de kleine vingers. Geen hapering die de technische hoogstandjes en de expressieve voordracht verstoort. Adembenemend.

Leerschool

Ze werd geboren in Boedapest, bijna 26 jaar geleden. Op zesjarige leeftijd begon ze aan de pianostudie. Vier jaar later reisde ze met het Hongaarse Radio- en Televisie-Kinderkoor door Europa en Japan, als begeleider en soliste. Weer vier jaar nadien zette ze haar studie voort aan het Franz Liszt Conservatorium in Boedapest. Daar kreeg ze les van de beroemde Zoltan Kocsis, in Nederland vooral bekend van optredens en plaatopnamen met dirigent Edo de Waart.

In haar ogen was het een goede maar harde leerschool. „Kocsis had weinig geduld met z'n leerlingen. Met als resultaat dat hij je vooral leerde dat je het zelf maar uit moest zoeken. Hij luisterde nooit twee keer naar een stuk van je. Was het die ene keer niet raak, tja, jammer. Dat lijkt een beetje een vreemde opleiding, maar misschien is er wel geen betere. Wil je het later redden, dan zul je het immers ook zelf moeten uitzoeken. Dan ben je beter uit als een soort autodidact dan als iemand die alles noot voor noot met de paplepel ingegoten heeft gekregen. Sommige leerlingen konden niet tegen Kocsis' lesgeven en gingen al snel terug naar hun oude leraren. Maar behalve Kocsis waren er aan de Academie ook echte pedagogen, vooral voor kamermuziek".

Vacuüm

Het aantal lessen van Kocsis bleef beperkt tot vijf, zes per jaar. „Als het weer zover was, ging je er vaak met knikkende knieën heen, vooral in de eerste jaren. Je had zelfs de neiging hem te vragen: Speelt ú dat stuk maar, dan luister ik wel. Wat ook geregeld gebeurde. Vervolgens was je weer een paar maanden bezig met een nieuw stuk, waarvan je niet zeker was of je het ooit voor hem zou spelen. Een zonderlinge opvatting van muziekonderwijs misschien, maar je leerde er onafhankelijk door te werken. Als musicus moet je in een vacuüm kunnen werken. Ik heb geleerd een stuk in te studeren en in een concertzaal uit te voeren zonder dat eerst drommen leraren en 'adviseurs' eraan hebben gesleuteld. Helemaal zonder klankbord kun je natuurlijk niet. Soms ga ik daarom terug naar Boedapest om een stuk te laten horen aan mijn vroegere leraren".

Op haar twintigste won Klara de eerste prijs bij een internationale pianocompetitie in Milaan. Die erkenning betekende een doorbraak. De lovende kritieken wedijverden in termen van „superieure techniek" en „uiterst sensitief spel". In 1988 volgde een tweede grote prijs, met Schuberts Sonate in b-mineur opus post. D960 op een internationaal concours in Dublin. Ze ontmoette er ook haar Amerikaanse manager. In het seizoen 1989/1990 maakte ze drie tournees door de Verenigde Staten en Canada, het afgelopen seizoen toerde ze met het Tsjechisch Philharmonisch Orkest langs de Amerikaanse oostkust, als soliste in Beethovens derde pianoconcert. „Avontuurlijk, maar vermoeiend". Komend seizoen volgen Nederland, Frankrijk en opnieuw de Verenigde Staten.

Het kunstenaar-zijn zit in de familie, maar de muziek is haar niet met de paplepel ingegeven. Trots is ze op het werk van haar vader, schilder en grafisch kunstenaar in Boedapest. Haar moeder maakt bijbelse voorstellingen met wat ze noemt oorspronkelijke materialen. „Ze is minstens zo getalenteerd als m'n vader, maar had, omdat ze mijn broer, zus en mij opvoedde, minder tijd om haar gaven te ontwikkelen".

Grootvader van vaderszijde, een Newyorker van Hongaarse afkomst, was costumier in de Metropolitan Opera in New York. Hij hield veel van muziek. Toen hij een keer terugreisde naar Hongarije, raakte hij daar verliefd, bleef er wonen en kreeg er zeven kinderen. „Mijn vader vertelde me dat zijn vader in de jaren '20 luisterde naar de muziek van Bartók, die toen net een beetje naam begon te krijgen. Dat is eigenlijk de enige band van de familie met muziek".

IJdelheid

Ook Klara's man, kunstredacteur bij een dagblad, is geen musicus. „Dat is heel plezierig. Omdat de wereld van de muziek een heel gekke is, met een enorme competitiedrang. Je weet dat er onder collega-musici nooit echt iemand zal zijn die jou onvoorwaardelijk steunt, die achter je staat zoals je moeder dat doet. Mijn man raakt steeds meer ingewijd. Hij heeft een goed ontwikkeld kritisch gevoel. En omdat ik weet dat zijn meeleven onvoorwaardelijk is, is zijn commentaar niet kwetsend, maar een steun in de rug".

De hoogtepunten uit haar carrière zijn voor haar niet de prijzen en het grote applaus. „Ik herinner me bij voorbeeld heel weinig van die eerste prijs in Milaan. Als ik naar de foto's kijk wel, maar verder niet. Natuurlijk hoor je in de zaal het applaus, maar daarna komt de stilte. Je gaat gewoon weer aan het werk. Dat betekent niet dat je zonder reacties kunt, maar dat heeft weinig met ijdelheid te maken. Ook als je minder goed hebt gespeeld, moet je dat van iemand horen".

„Ik ben 25 en mag dit doen sinds m'n achtste. Niet de grote dingen herinner ik me, de kleine dingen doen het. Toen ik 10 was, waren we met het kinderkoor in Japan. Mijn solo was een vroege etude van Liszt, hij was 14 toen hij het schreef. Een melodieus, warm stuk. De kinderen zaten vlak bij me, muisstil. Op een bepaald moment begonnen er een paar zachtjes te huilen, door de muziek misschien en van heimwee. Dan doet een publiek van 2000 mensen er niet meer toe. Een paar kinderen, iets jonger dan ik was, moesten huilen. Dat was mooi, die gebeurtenis blijft me bij".

Soms is ze ook heel gelukkig als ze beseft dat ze met haar spel een sfeer kan oproepen. „Mijn eerste grote concert in Boedapest. Schumann, Phantasie opus 17". Schumann schreef hierover aan zijn geliefde, Clara Wieck: „Het eerste deel is wel het meest hartstochtelijke wat ik ooit heb gecomponeerd, een diepe klacht om jou". Klara Würtz: „De mensen gingen met me mee, dat vergeet je nooit meer. Ik zal ook de uitdrukking op het gezicht van mijn vader op dat moment niet gauw vergeten".

Melancholie

Haar vaderland heeft een sterke piano-traditie. Liszts leerling Istvan Thoman was de leermeester van Bartók. Bartók was de meester van Pal Kadosa, die op zijn beurt Zoltan Kocsis onder zijn hoede had. „Daarnaast is er nog een andere, onzichtbare traditie. Geen Hongaar is zonder melancholie, en zonder scepsis over de mensen tussen wie hij leeft en over zichzelf. Dat zie je bij voorbeeld als we meedoen aan competities. Deelnemers uit het Westen presenteren zich met een gezonde portie zelfbewustzijn, de meeste Hongaren zijn eerder geneigd hun problemen te herkauwen in plaats van ze op te lossen. Ik bedoel niet dat westerlingen geen problemen hebben, maar ze cultiveren ze in elk geval niet. Hongarije heeft zo veel crises beleefd, dat we misschien wel een beetje van onze misère en ons zelfbeklag zijn gaan houden. Ik denk daarom ook dat ons land nooit een echte wat jullie „welvaartsstaat" noemen zal worden. De verdeeldheid onderling is ook te groot. Als twee Hongaren samenkomen, gaan ze meestal in drie richtingen uiteen".

Trieste figuur

Heeft de aard van haar volk iets te maken met haar voorliefde voor een componist als Robert Schumann? „Nee, maar ook Schumann had gevoel voor drama. Hij was een beetje een trieste figuur. Voortdurend in conflict met zichzelf, met de muziek, met vorm".

Naast Schumann staat voor haar Schubert. „Hij is in veel opzichten Schumanns tegenpool. Heel heldere muziek, soms bijna onschuldig en dan weer met een grootse passie, al heeft hij die te allen tijde onder controle. Ik denk dat die beide eigenschappen de spanning in zijn werk uitmaken. Zijn Impromptus, zijn Moments Musicaux, ze zijn heel zuiver en harmonieus. Bijna volmaakt". Verder staan Rachmaninov en Lizst op haar lijstje. „En Bach, al speel ik die op dit moment niet tijdens recitals. Maar Bach is een soort fundament, waarmee je in contact moet blijven". De Franse pianoliteratuur ligt haar niet heel erg na aan het hart. „Maar misschien komt dat nog. Jawel, ik speel wel Debussy".

Richter

Haar grote voorbeeld is de Russische Sviatoslav Richter, die onlangs nog in Arnhem speelde. „Richters concerten waren zo ongeveer de mooiste uren in m'n leven. Waarom, dat kan ik niet precies uitleggen. De beste beschrijving is misschien die van Kocsis. Die zegt: Richter kan muzikale problemen oplossenzonder alle antwoorden te geven. Richter dwingt je na te denken, inspireert je en tegelijkertijd weerspiegelt zijn spel iets van de essentie van musiceren: het voortdurende zoeken naar de muzikale waarheid, wat dat ook mag zijn. Richter is voor mij de Michelangelo van de uitvoerende musici van vandaag".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.