+ Meer informatie

Thuistips, tuin

3 minuten leestijd

Kunstmest
Kunstmest is, de naam zegt het al, geen natuurlijke maar een kunstmatig gemaakte mest. Vaak heeft men het over anorganische mest (kunstmest) tegenover organische mest die afkomstig is van planten (compost) en/of dieren. Aan beide mestsoorten kleven vooren nadelen. Kunstmest bevat een precies bepaalde hoeveelheid meststof. Als men weet hoeveel kilo (bijvoorbeeld) zuivere stikstof, of een andere stof, er gestrooid moet worden, dan kan men precies berekenen hoeveel kilo kunstmest per hectare er gegeven moet worden. Bij organische mest is dat niet het geval. Dat kan in de tuinbouw een nadeel zijn, in de particuliere tuin is dat niet of nauwelijks het geval. Kunstmest bevat geen voor de plant belangrijke spore-elementen, organische mest is een afvalprodukt. Kunstmest wordt gedeeltelijk door de plant opgenomen, de rest van de stoffen spoelen voor een deel uit naar het grondwater of het oppervlaktewater (zoals sloten en kanalen). Bemesting van water geeft een sterke planten/algengroei en dat dat problematisch is of kan zijn, weet zo langzamerhand iedereen. Bij organische meststoffen komt de voeding gespreid over een langere periode vrij, waardoor er minder uitspoeling plaatsheeft. Overigens zijn er ook langzaam werkende kunstmeststoffen, waarbij de meststoffen uit het door een laagje afgedekte mestkorreltje over een langere periode vrijkomen, waardoor het uitspoelprobleem niet of nauwelijks speelt.

Lelietje der dalen geurt heerlijk in bruidsboeketten
Lelietje der dalen - Convallaria majalis {= in mei bloeiend). In heel wat bruidsboeketten werden en worden lelietjes verwerkt. Een lieflijk bloemetje met een heerlijke geur, die uitstekend past bij zo'n blijde dag. Natuurlijk mag er door anderen van genoten worden. Een paar bloemetjes in een klein vaasje zijn al voldoende. Zet ze op een plekje waar u regelmatig zit. Na de bloei ontwikkelen zich giftige rode vruchtjes die er smakelijk uitzien. Dat hoeft geen reden te zijn om ze niet te planten. Zo zouden de uitgebloeide bloemen verwijderd kunnen worden, waardoor vruchtvorming niet voorkomt. Ze doen het uitstekend op schaduwrijke plekjes, bijvoorbeeld onder bladverliezende heesters, maar natuurlijk moeten ze wel wat in het zicht staan. De plant houdt niet van droogte, maar van een goede, vruchtbare en vochthoudende grond. Meng voor het planten een flinke hoeveelheid halfverteerde compost of andere rotte mest, bijvoorbeeld koemest, door de grond. Ook wat tuinturf is welkom. Het heeft geen bemestende waarde maar kan wel vocht vasthouden. Vochtig wil overigens niet zeggen dat de lelietjes ongestraft op een moerassige plek geplant kunnen worden. Niet alle aankopen bloeien in het eerste jaar Dunne, slanke plantneuzen doen daar een paar jaar over, maar bloeineuzen sieren met bloei en geur de tuin op in het eerste jaar na het planten. Bloeineuzen zijn daarom een stuk duurder dan plantneuzen! Na dat eerste jaar moeten de bloeiers weer een jaar of twee op krachten komen. Plant gemengd, dus bloei- en plantneuzen door elkaar in grote groepen (minimaal 25 stuks maar liever meer). Op goede groeiplekken breidt het lelietje zich gemakkelijk uit. Meestal is dat geen probleem, maar wel een goede gelegenheid om een ander eens wat planten cadeau te doen. Vertel er bij dat de vruchten giftig zijn!

Gele bloemen
Nogal wat mensen willen geen of weinig gele bloemen in de tuin. Vaak is moeilijk aan te geven waarom men dat niet wil. Kiezen staat vrij, maar geel is een kleur die ook in een koude, natte zomer fleur aan de tuin geeft. Donkere kleuren, zoals blauw en rood, hebben juist een tegenovergesteld effect.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.