+ Meer informatie

EN HET ZAAD VIEL...

VERSLAG BONDSDAG -12

5 minuten leestijd

Het is op 5 juni een drukte van belang rond het. Congresgebouw in Den Haag, waar de bondsdag —16 gehouden zal worden. Honderden jongens en meisjes zoeken hun eigen zaal op. Voor de kinderen van de —12 klubs is dat de Carousselzaal. Om kwart over tien is deze zaal voor het grootste deel gevuld met ongeveer 600 jongens en meisjes. Na het zingen van Psalm 119 : 3 en 53 en het lezen van Matth. 13 : 1-9 opent de heer C. Brouwer de bondsdag. Het telegram voor Koningin Beatrix wordt voorgelezen en samen zingen we het Wilhelmus.

De heer C. de Bode komt, naar voren, die de gelijkenis van het zaad vertelt. Hij neemt ons mee naar het strand van de Zee van Tiberias. Vele mensen staan daar ingespannen te luisteren, want in een bootje dicht bij de oever is de Heere Jezu's aan het vertellen.

Ziet, een zaaier ging uit om te zaaien. Uit de buidel die hij draagt, neemt hij steeds een handvol van het goede zaad en. strooit dat op de akker. Maar het zaad valt op verschillende plaatsen.

Een deel valt bij de weg. En kijk, er komen vogels op af en die pikken het zaad op. Van dit zaad geen vrucht. En het zaad viel... op steenachtige plaatsen. Onder een dun laagje aarde ligt daar harde rotsgrond. Maar het zaad gaat groeien, dat. gaat goed! Na een paar weken echter, wordt het al geel en als de zon fel gaat schijnen verdorren de stengels. Ook hier geen vrucht. En het zaad viel... tussen de doornen. Voordat er gezaaid werd, had de boer het onkruid eruit gehaald, maar de wortels zijn blijven zitten. Het zaad groeit goed. Maar na een poosje ziet de landman ook andere stengels, het onkruid is ook gaan groeien, en na een paar weken is het koren er door overwoekerd. Geen vrucht.

Is er dan helemaal geen vrucht? Gelukkig wel!

En het zaad viel... in de goede aarde. Eer.st groeien de wortals, maar dan kornen ook de stengels en... de aren! In de ene aar zitten wel meer korrels als in de andere, maar dat geeft niet. Er zijn vruchten! Een mooi verhaal. Maar toch is het nog niet uit, want: Wie oren heeft om te horen, die hore. Het gaat om de uitleg.

Wie is de zaaier? Dat is iedereen, die uit de Bijbel vertelt. En het zaad? Dat is de Bijbel, het Woord van God. En de akker? Dat is iedereen die dat Woord hoort. Dat Woord is steeds hetzelfde, maar degenen die luisteren zijn anders, net als bij die akker.

Bij sommigen valt. het zaad op de weg. Dat zijn de kinderen die vanmorgen eigenlijk niet. eens luisterden, ze denken aan allerlei andere dingen. Geen vrucht. Bij sommigen valt het als op de steenachtige plaatsen, maar als ze daarmee geplaagd worden is het ineens over. Die kinderen luisteren goed, ze gaan graag naar de kerk, Geen vrucht!

Bij anderen valt het zaad tu'ssen de doornen. Die kinderen willen wel graag luisteren, maar er zijn nog zoveel andere fijne dingen. Later, als ze wat ouder zijn, dan zullen ze Heere wel ernstig gaan zoeken. Geen vrucht!

Maar 'gelukkig, er valt ook zaad in de goede aarde. Dat zijn die kinderen bij wie de Heilige Geest in het hart woont, Die dat hart toebereidt, zodat het zaad dat erin valt, kan ontkiemen en vruchten kan dragen.

Daarom moet je veel vragen of de Heilige Geest ook jouw hart zo wil toebereiden. Dan ga je je zonden zien, maar dan krijg je ook de Heere Jezus lief, Die je zonden vergeven wil. En dan komt er vrucht, want dan ga je proberen te leven tot eer van God. Vraag dan veel of de Heere je hart wil bewerken, zodat je aan het eind van je leven mag zeggen: En het zaad viel... bij mij, door genade, in de goede aarde.

Na deze mooie vertelling werd Psalm 72 : 6, 7, 8 en 11 'gezongen. Daarna kwam het kinderkoor uit Bodegraven naar voren, dat o.l.v. de heer W. Huijser zes mooie liederen zong. Het koor deed goed z'n best en het klonk dan ook prachtig.

Toen we Psalm 1.50 : 1 en 2 gezongen hadden hield mevrouw M. Houtman-Vavier een vertelling over „En ook daar werd het zaad gestrooid".

Twee ru'ssische jongens horen van hun moeder de verhalen uit de Bijbel, maar als vader het ontdekt, wordt hij vreselijk boos. Zo boos dat hij zijn vrouw gaat slaan, moeder moet vluchten. Als vader een poos later door het bos dwaalt, ontdekt hij een christen-samenkomst, en daar ziet, hij zijn vrouw. Hij luistert naar de preek en krijgt oprecht berouw over zijn zonden. Hij zal het goedmaken.

Met de twee jongens gaat hij moeder halen. Ook daar werd het zaad gestrooid, als God het zegent zal het ook daar groeien.

Dan volgt het laatste gedeelte van de bondsdag. Mirjam Molenaar en Oor van Bmsbergen van de jeugdklub uit Moerkapelle houden een vraaggesprek met evangelist J. Kwantes. Hij vertelt ons enkele 'gebeurtenissen die hij meemaakte bij zijn werk. Een keer moest hij ergens spreken. Er kwam een groep jongens binnen, met de bedoeling om herrie t.e gaan schoppen. De heer Kwantes vertelde toen maar een andere geschiedenis dan dat hij van plan was; het verhaal van David en Goliath. De jongens luisterden zo aandachtig, dat ze helemaal vergaten, waarvoor ze gekomen waren, en drie van deze jongens gaan nu nog regelmatig naar de kerk. Evangeliseren is het doorvertellen van de bijbelse boodschap. Dat mag altijd en door iedereen. Ook door kinderen, denk maar aan het slavinnetje van Naaman. Zij vertelde van de profeet. Elia, de knecht van God. Heel eenvoudig, maar toch genoeg. Ook kinderen kunnen dus het zaad strooien.

Dan zijn we aan het einde van de bondsdag gekomen. De heer Brouwer bedankt iedereen die aan deze dag heeft meegewerkt en hij leest het telegram voor dat de Koningin aan ons heeft laten sturen als dank voor het onze! Daarna sluit ds. Driessen met gebed.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.