+ Meer informatie

Overlast inwoners aannemersbedrijf

Bouwvergunning te vroeg afgegeven

3 minuten leestijd

UTRECHT Een aantal inwoners van Hooglanderveen wenst dat het aannemingsbedrijf Van Belikum zijn werkzaamlieden in een loods aan de Heideweg staakt en verlangen van de president van de rechtbank in Utrecht een \ethod er nog enig ander bedrijf in uit te oefenen. Ze ze^en last te heb-

ben van dit bedrijf (lawaai, autoverkeer van de inmiddels opgeheven gemeente e.d.), dat met een bouwvergunning Hoogland werd uitgebreid, hoewel dat in strijd zou zijn met het bestemmingsplan. De grond kreeg namelijk een agrarische bestemming.

Tn een reeds in het begin van dit jaar bij de president van de rechtbank, prof. mr. V. J. A. van Dijk, door de inwoners aangespannen kort geding, waren partijen het er wel over eens dat er iets niet klopte. De bouwvergunning had namelijk niet mogen worden afgegeven. Het besluit van de vroede vaderen is voor vernietiging voorgedragen, maar de Kroon heeft nog niet beslist.

„Maar mijn cliënt heeft te goeder trouw gehandeld", betoogde dinsdagmiddag de raadsman van het aannemingsbedrijf, mr. B. van den Hemel die te kennen gaf dat alle pogingen om tot een minnelijke regeling te komen (de president had daarop begin dit jaar na een chouw in Hooglanderveen aangedrongen) op niets waren uitgelopen.

„Dat komt omdat de aannemer er niet van overtuigd is onjuist te hebben gehandeld", zei mr. D. Runia namens de inwoners. „De bouwvergunning werd weliswaar gegeven, maar zeker een aannemer had behoren te weten dat het gemeentebestuur daarmee in strijd handelde met het bestemmingsplan", aldus mr. Runia. „Een vergunning is nog geen vrijbrief om maar fe doen wat men wil".

Mr. Runia noemde het ongeoorloofd om via een andere dan de legale weg een gewijzigde planologische toestand in het leven te roepen. De gemeente ging met het geven van die bouwvergunning buiten haar boekje. Door een reeks verboden handelingen ondervinden de omwonende burgers schade.

Mr. Va den Hemel liet blijken, dat zijn cliënt enkele malen van Hoogland het aanbod had gekregen grond te kunnen kopen, maar steeds ging de koop niet door, omdat er andere — meer biedende — gegadigden waren. „Als troostprijs h eeft de gemeente toen maar die bouwvergunning gegeven voor uitbreiding van een loods, die reeds op die grond aan de Heideweg stond", aldus mr. Van den Hemel. Misschien was het niet juist wat Hoogland deed, maar mag men dat de aannemer nu kwalijk nemen? En bij wie moet de schade nu worden verhaald? Bij de gemeente Amersfoort, die Hoogland annexeerde, maar siets met die transactie te maken had?

Aannemer Van Bekkum verklaarde nog, dat wethouder Hilhorst en de burgemeester zelf hebben gesuggereerd het bedrijf aan de Heideweg uit te breiden. Het gemeentebestuur zou dan wel voor de bouwvergunning zorgen. '

Mr. Van den Hemel protesteerde fel tegen de suggestie van zijn tegenpleiter, dat de aannemer en de gemeente „zouden hebben samengespannen om de wet te ontduiken". Van vriendjespolitiek is geen sprake geweest, liet ook de aannemer weten. Via zijn raadsman verklaarde hij zich bereid alle maatregelen te willen nemen om geluidshinder te voorkomen. „En als hij zijn bedrijf er niet meer mag uitoefenen, zou het wel geoorloofd zijn er een agrarisch loonbedrijf te vestigen, want in het bestemmingsplan is sprake van agrarische grond met bebouwing.

Mr. Van den Hemel suggereerde, dat met twee maten dreigt te worden gemeten, want elders in Hoogland vestigde een aannemer zijn bedrijf op 5.000 vierkante meter agrarische grond. Hij deed dat Tdoor een boerderijtje — met' vergunning — op te bouwen

Prof. Van Dijk zal 21 augustus vonnis wijzen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.