+ Meer informatie

Ter overweging

3 minuten leestijd

Dr. Okke Jager. Bevrijde Tijd. Van prestatiemaatschappij naar vrijetijdscultuur, 239 blz., f 22,50, Zomer en Keuning, Wageningen 1974.

Dr. Jager assisteert prof. Rothuizen, aan wie dit boek is opgedragen, bij het onderwijs in de ethiek en de evangelistiek. Dit boek beweegt zich vooral op het eerste terrein. Toch zou het mij niet verbazen wanneer de schrijver het boek tegelijk een evangelisatorische tendens zou toeschrijven.

Dr. Jager verzet zich tegen de omschrijving van vrije tijd als overgespaard op of ontwrongen aan de arbeid. De noodzaak tot arbeiden is een typisch verschijnsel van onze prestatiemaatschappij. We zijn op weg naar een heel ander soort maatschappij, die door de vrije tijd wordt gekenmerkt.

Daarop wil dit boekje inspelen. Het wil bij theologen en kerkmensen daarvoor de weg banen, hun ogen openen en datproces bevorderen. We zullen uit moeten gaan van de vrije tijd. Dan moet er zeker ook wel gewerkt worden, maar niet als een prestatie. De schrijver vermeldt wel dat arbeid in de Bijbel een zegen is. Ik kan niet ontdekken dat hij ieder tot arbeiden geroepen acht. Eigenlijk vervagen de grenzen tot werken en vrije tijd, zegt hij. Dat maakt zijn boek in de probleemstelling onhelder.

Vooronderstelling is natuurlijk dat ieder een bepaald basisinkomen door de staat gegarandeerd moet krijgen. Vandaar ook de samenhang van de oplossing die Jager voorstaat met progressieve politiek. Het gaat dus om een heel ander soort maatschappij. Dr. Jager wil aan die nieuwe maatschappij een bijbelse onderbouw geven. Zijn betoog komt er op neer, dat juist deze nieuwe maatschappij door het verlossingswerk van Jezus bijbels is.

Men kan niet zeggen, dat hij de tijd verlummeld wil hebben. Er moet wel degelijk gewerkt worden, maar binnen een ander kader. Het is mij niet duidelijk waar hij de maatstaven voor dat kader vandaan haalt. Dat het verlossingswerk van Christus inhoudelijk op zijn beschouwing inwerkt, kan ik niet zien. Ik kan niet veel beginnen met de opmerking dat Jezus gewerkt heeft alsof Hij altijd vakantie had. Ons ontgaat, zegt Jager, de vreugde die Hij in zijn werk gehad heeft; vooral als het „klikte” tussen zijn wil en die van de Vader. Hier wordt Jezus’ werk met ons werk op één lijn gesteld. Het specifieke van zijn messiaanse taak wordt hier uit het oog verloren. Dat heeft consequenties voor heel het betoog van de schrijver. Dat Luther het klooster uitgebreid zou hebben tot de hele wereld lijkt mij een niet geringe vertekening van Luthers leer van roeping en beroep.

Met name de gedachte van de roeping ontbreekt in dit boek. Dat lijkt mij de grote lacune. Hoe zal men dan zijn weg vinden? Moeten we de arbeid niet zien als een scheppingsordening? Ik zou het voor deze stelling willen opnemen en kom dan tot heel andere resultaten dan de auteur van dit boek. We kunnen vrije tijd eenvoudig niet omschrijven buiten de gedachte aan het werk om. Wie dat wel wil, kan niet zonder een hele omkering van de maatschappij. Die verandering wordt in dit boek dan ook bepleit. Men kan dan vanuit het Evangelie hoogstens nog wat bijsturen, maar geen fundamentele kritiek meer leveren op de samenleving die op komst is.

DE REDACTIE ONTVING:

Dr. H. Kakes, Waar zijn de engelen nu? 208 blz., f 17,90, Kok, Kampen.

M. Goote, Evangelie in de Grieks Romeinse wereld, 174 blz., f 17,90, Kok, Kampen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.