+ Meer informatie

Ter overweging

9 minuten leestijd

R Kaptem: Het huwelijk zonder kinderen. Uitgave J.H.Kok B.V., Kampen, 1973.

Ds.R. Kaptein is secretaris van de Raad voor de Herderlijke Zorg en van de Raad voor Kerk en Gezin van de Nederlandse Hervormde Kerk In gesprekeen met vrienden groeide bij hem de wens een oniënterend boekje te schrijven over het huwelijk zonder kinderen, gezien tegen de achtergrond van deze tijd. Veel in de beoordeling van kinderloze huwelijken is immers, zonder dat men het zich realiseert, verweven met situaties en omstandigheden van eeuwen geleden. Situaties, waarin grote gezinnen noodzakelijk waren om het menselijke ras in stand te houden, levensomstandigheden, waarin vader en moeder op de kinderen waren aangewezen, zodra ze zelf niet meer in staat zouden zijn om in hun onderhoud te voorzien of waarin de kinderen onmisbaar waren als personeel in het gezmsbedrijf.

De schrijver probeert zo nuchter mogelijk vast te stellen van welke tijdgebonden lasten de huwelijksverbmtenis is ontdaan en gaat dan na welke wezenlijke waarden voor het huwelijk zijn gebleven, welke nieuwe mogelijkheden in zicht zijn gekoiVien Bovendien is hij erin geslaagd het ongewildkmderloze huwelijk, met zijn zorgen, met zijn zegen ook, wat nauwkeuriger te ”plaatsen”.

Verder bevat dit boekje enkele voorlichtende hoofdstukken, waarm op oorzaken van kinderloosheid en mogelijke oplossingen wordt ingegaan.

Men behoeft het met van bladzij tot bladzij met ds. Kaptem eens te zijn om te constateren, dat hij met het schrijven van dit eenvoudig-gehouden werkje velen een dienst heeft bewezen. Echtelieden die over deze problematiek hun zorgen hebben, maar zeker ook ambts dragers, die met — en over — kinderlozen pastoraal moeten spreken.

M.C. Capelle. Wonder op wonder. Groot verhalenboek voor de jeugd over zending en werelddiakonaat. Uitgeverij Meinema, Delft. Prijs f 12,75. 359 blz.

Dit boek met 28 verhalen over mensen uit alle delen van de wereld wil ik graag hartelijk aanbevelen. Wie er aan begint, is voor een poosje weg. Je kunt het bijna met uit handen leggen. Spannend en met overtuiging wordt verteld van mensen in andere landen die het Evangelie mogen horen of op andere wijze daarmee in contact komen.

Wie als ambtsdrager op dit gebied eens wat wil noemen, moet dit boek stellig bovenaan op de lijst zetten. Hoe kan iemand dat doen zonder het zelf gelezen te hebben ?

Wolf Meesters. Bijbel behandeld voor jonge mensen. Uitgeverij De Vuurbaak Groningen. Prijs f 49,50 456 273 blz.

Wie denkt in dit voornaam uitgegeven boekwerk met een kinderbijbel te doen te hebben, vergist zich Hij kan ook beter weten, wanneer hij de titel op zich laat inwerken Hier wordt inderdaad geboden wat wordt aangeboden, namelijk een behandeling van de Bijbel (se geschiedenis) voor jonge mensen. Het gaat met zozeer om het (na)vertellen van de geschiedenissen, als wel om het verstaanbaar maken en doorlichten van bijbelse verhalen. Ik moet zeggen dat daarbij zeer verhelderende dingen worden gezegd.

Wel brengt dit met zich mee, dat dit boek zich niet zo gemakkelijk laat voor lezen aan kleine kinderen. Eigenlijk is het daarvoor niet geschikt. Het vraagt een ietwat oudere leeftijd om begrepen te kunnen worden. Het zal niet bevreemden dat de verhalen wat lang uitvallen.

Wie met deze opmerkingen rekening houdt, en juist voor wat oudere jongelui een vertellende en verklarende behandeling zoekt, kan hier terecht.

Deze Bijbelbehandeling is al eerder el ders uitgegeven Toen in twee delen Nu in één band. Op prachtig papiei. De prijs is niet gering. Men krijgt wel waar voor zijn geld.

Ir J van de Graaf. Het Getuigenis:Motief en Effect. Uitgeverij Kok Kampen 131 blz. Prijs f 11,75.

In dit boek zijn de reacties op het zo bekend geworden Getuigenis verzameld. Men treft er instemmende en afkeurende aan. De tekst van het Getuigenis zelf is weer afgedrukt. Verder vindt men er de tekst van de redes die prof Van Niftrik en prof Jonker ter synode hebben gehouden. Ook de scherpe kritiek uit de pen van dr. Buskes en het antwoord dat hem van de zijde van Van de Graaf en Van Niftrik geleverd werd vindt men hier.

Wie over het Getuigenis het één en ander gelezen en verzameld heeft, moet dit boek in die rij niet laten ontbreken. Ik vnd dit een zeer helder geschreven en bijzonder inzichtgevend boek. De hele kerkelijke en geestelijke situatie van onze dagen wordt er in weerspiegeld Het heeft ook iets van een afsluiting, moeten we vrezen. Tenzij we onder effect mogen verstaan: voorlopig effect. Ik hoop dat er nog meer te vertellen zal zijn in de toekomst. In elk geval zij dit boek, hartelijk aanbevolen.

Prof.Dr.J. Verkuyl/Drs. C. Plomp: Christelijk onderwijs met de wereld als horizon.

Onder deze titel verscheen als nr. 5 in de serie ”Cahiers voor het christelijk onderwijs”, uitgegeven onder auspiciën van de Unie ”School en Evangelie”, bij Kok, Kampen.

Prof Verkuyl voert het pleit voor ”mondiale vorming in de chr school”. Volgens de auteur xiebben wij het tijdperk van de gesloten continenten en nationaliteiten achter ons en staan wij ”aan het begin van de universele geschiedenis des mensheid” (p. 8). Een principiële argumentatie voor die mondiale vorming op de chr school geeft prof Verkuyl in het tweede hoofdstuk. God openbaart Zich in de Schrift als ”de ene en enige God, de Schepper des hemels en der aarde”. Reeds in de verkiezing van Israël ging het om het heil voor alle volken (p. 15). Nieuwtestamentisch klinkt de opdracht het heil te prediken aan alle volken, ”opdat God zal zijn alles en in allen”. Prof. Verkuyl wijst erop, dat ook binnen het chr. onderwijs tot voor kort alleen de nationale opvoeding als opdracht werd gezien, dat b.v. ook door prof. J. Waterink ”geen enkele pagina” gewijd werd aan mondiale opvoeding.

Wat houdt nu die mondiale vorming in ! In de hoofdstukken 3 t/m 8 behandelt de auteur een aantal themata, die naar zijn mening zeker in de chr. school aan de orde moeten komen, zoals o.a. opvoeding en vorming tot participatie aan de Europese Gemeenschap; opvoeding tot deelgenoten in de strijd om gerechtigheid in de rassenverhoudingen; opvoeding tot deelname aan de kerkelijke oecumene; opvoeding tot verantwoordelijk beheer van het leefmilieu.

En dat alles vanuit het geloof in de levende God.

In het 2e deel van dit cahier tracht drs. C. Plomp antwoord te geven op de vraag hoe dit alles nu in de praktijk van het onderwijs gestalte kan krijgen.

Wie dit boekje onbevooroordeeld leest, zal zich in zijn christenzijn op vele bladzijden aangesproken weten, meer nog: zich vaak beschaamd voelen vanwege de door de auteurs aangewezen eenzijdigheden in onze chr. opvoeding.

M1 heeft prof Verkuyl voor een niet gering deel gelijk als hij wijst op het ”heilsegoïsme” in onze kringen Naar mijn mening worden in dit hoofdstuk bijzonder belangrijke dingen gezegd, die prikkelen tot nadenken en zeer zeker ook tot kritische kanttekeningen. In dit bestek kan daarvan niet uitvoerig sprake zijn Twee bezwaren wil ik hier niettemin noemen Het eerste is, dat m.i. uit de eerste, fundamentele hoofdstukken bijzonder weinig blijkt, hoe de auteur de groeiende eenwording van de wereld principiëel beoordeelt. Hoe is de verhouding tussen die komende wereldeenheid en het Rijk van de Zoon des mensen ? Manifesteert dat komende Rijk zich in de groeiende wereldeenheid ? Zo ja, op wat voor wijze ?

Mijn tweede bezwaar hangt hiermee samen. Op verscheidene pagina's wordt met dankbaarheid melding gemaakt van samenwerking op het terrein van de ontwikkeling van mondiaal onderwijs tussen ”humanisten, christenen, aanhangers van andere religies en ideologieën”. Daarbij komt, dat op diverse plaatsen in dit boekje zonder verder commentaar geen verwezen wordt naar publikaties en activiteiten van allerlei instanties en ook actiegroepen — werkzaam in onze zéér genuanceerde samenleving ! — die als informatiebronnen van belang zouden zijn. Daarom ook hier de opmerking: waar beginnen de vragen ? Is feiten materiaal, van waar ook aangedragen, op zich ”waardenvrij” en doorslaggevend ? Velen die dit boekje lezen zullen op dit punt van kritische oriëntatie te midden van kreten van ”Imks” en ”rechts” in de mist blijven zitten.

Drs T M Gilhuis, Op de speelplaats

van het heil. Uitgeverij J.H. Kok, Kampen.

Gilhuis zoekt op een welhaast gepassioneerde wijze gehoor voor zijn onophoudelijk klinkende èn klemmende vraag: Wat betekent ”het najagen van de gerechtigheid” vandaag in de chr. opvoeding thuis en op school ? Daartoe wil hij allereerst aantonen hoe heilloos de problematiek verticaal-horizontaal is. Men kan zeggen, dat dit het hoofddoel van zijn betoog is: afrekenen met het valse dilemma ”horizontaal - verticaal”. Met een overvloed aan oud- en nieuwtestamentisch tekstmateriaal toont hij aan, dat het geen kwestie is van ”of -of” zelfs niet van ”en - en”. Nee, het is meer schering en inslag Twee kanten van dezelfde zaak (p.16). Gilhuis laat zien hoe in de vaderlandse kerkelijke historie eenzijdige accenten zijn geplaatst met funeste gevolgen voor de kerk: versmalling van Gods genade uitlopend op (alweer) heilsegoïsme en vooral een volstrekt onbijbelse visie op ”het vlees”, het lichaam, de stof, de aarde (p.24 e.v.). Hier worden bijzonder rake lijnen geschetst die ook iedere ambtsdrager herkennen zal; de consequenties die de auteur laat zien van deze misgroeiïmgen, stemmen tot nadenken en tot een hernieuwd toetsen van eigen meningen aan de Schrift. Het komt me voor dat Gilhuis hier, recht doend aan de Schrift, de wortel blootlegt van alle waarachtige dienst aan God en de naaste.

Hoe dat onrecht en die gerechtigheid in deze wereld zich aan ons openbaren, toont Gilhuis vervolgens aan op documentaire wijze: de ervaringen van een Spaanse gastarbeider, het relaas van een Palestijnse vluchteling, het verhaal van een Russische jodin; een uitvoerige brief van ds. Martin Luther King etc.

Dit boekje verdient onze intense aandacht. Het confronteert ons met onszelf en ons eigen belijden, het ontmaskert een vorm van kortzichtigheid waarbij we ons te vaak veilig en gerust voelen.

Het plaatst vooral de nood van onze naasten recht in ons vizier. Het boekje roept ook vragen op. Dat kan niet anders. Vragen die dan vooral gaan in de richting van de praktisering van ”de gerechtigheid” op de chr. school en daarbuiten; de onontkoombare vraag of ”politiek” — in de ruimste zin des woords — een legale plaats in de school moet hebben. Vergis ik me niet, dan stelt Gilhuis zich op dat punt toch genuanceerder en ietwat voorzichtiger op dan de auteurs van het voorgaande cahier. Het zal goed zijn Gilhuis' bedoeling ernstig te nemen door te lezen wat hij schrijft; die bedoeling kan weergegeven worden met wat hij zegt op pag. 32: het ”zaaien van een heilige onrust”.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.