+ Meer informatie

Boeken in de regio Onderwijs Strijen

4 minuten leestijd

Bij de boekhandel in Strijen verscheen begin deze maand een boek over honderd jaar christelijk onderwijs in Strijen. Het kreeg de naam "Souvenirs 1891-1991" mee. Het 254 bladzijden tellende jubileumboek werd samengesteld door P. C. J. van den Broek, onderwijzer aan de christelijke basisschool Het Spui in Strijen. Het bevat zo'n tachtig klassefoto's en nog tal van andere specifiek Strijense plaatjes, waaronder enkele kleurenfoto's.

Na een woord vooraf van voorzitter A. Buitendijk Gzn. en een inleiding door de samensteller volgen tien hoofdstukken. Hierin wordt in chronologische volgorde de geschiedenis van het christelijk onderwijs beschreven.

Het boek zou niet compleet zijn als voor de schoolstrijd geen ruimte was ingeruimd. Zowel de landelijke als de Strijense schoolstrijd wordt uitvoerig beschreven. Het socialisme had ook toen al in Strijen een grote aantrekkingskracht. Dit mag blijken uit het feit dat het eerste vrouwelijke kamerlid, Suze Groeneweg (lid van de SDAP) afkomstig was uit Strijensas.

Vervolgens heeft Van den Broek gretig gebruik gemaakt van de nog talrijk aanwezige notulen van de oude schoolvereniging en de vele jaarverslagen. Hij heeft kans gezien om er één geheel van te smeden en zo honderd jaar christelijk onderwijs in Strijen in beeld te brengen.

Bij de Strijense bevolking blijkt grote belangstelling voor dit jubileumboek. Er werd voor 800 exemplaren ingetekend tegen een voorintekenprijs van 27,50 gulden. N.a.v. "Souvenirs 18911991", door P. C. J. van den Broek; uitg. Drechtwerk, Dordrecht, 1991; 254 biz.; prijs 37,50

gulden. W. van de Velde kend. Het 300 koppen tellende garnizoen stak de stad in brand en ging op de vlucht bij de nadering van Mondragon en zijn leger. Behalve 350 huizen gingen ook de zoutketenen en de meestoven in vlammen op. De stad was totaal geruïneerd. In de 18e eeuw slonk de welvaart meer en meer. Dijkdoorbraken in de jaren 1711 tot 1715 verslonden kapitalen en meermalen moest de stad verklaren de lasten niet meer te kunnen dragen. Omstreeks 1750 telde men 306 huizen en 41 schuren en was eer een inwonertal van circa 1000 personen.

Toch kwam er nog een onverwachte nabloei. Doordat de haven van Goeree dichtslibde, werd in 1838 het Brouwershavense gat betond. Oostinjevaarders kwamen naar Brouwershaven om hun produkten over te laden in lichters, zodat deze binnendoor naar Rotterdam en Dordrecht voeren.

Dit alles gaf veel vertier en een goede bron van inkomsten. In 1871 werd aan loodsgelden niet minder dan 171.000 gulden ontvangen. Ook het aantal inwoners nam snel toe. In 1874 had Brouwershaven 1933 inwoners. Daarna vervloog het sprookje weer doordat een nieuwe waterweg gegraven werd die rechtstreeks toegang gaf tot Rotterdam. als Stuurgroep Oosterschelde, milieuorganisaties en dergelijke in beeld".

Het is niet het eerste windmolenproject dat Ibro Energy gaat opzetten. Volgens Govaert is de windenergie op het ogenblik een volwaardige industrie in Nederland. „Wij zijn op het ogenblik de tweede bouwers van windmolens ter wereld, na Denemarken. Aan het IJsselmeer staat het grootste park van Europa. Op de Maasvlakte hebben we ook een groot park geplaatst, voor het GEB Rotterdam. Daar staan de grootste individuele turbines, ter grootte van 500 kilowatt. Wat betreft de windmolens op de Oesterdam denken we aan turbines van 250 kilowatt, maar het kunnen er ook van 500 kilowatt worden. De energie die we daar gaan opwekken, komt weer ten goede aan de inwoners van Zeeland. We gaan leveren aan de elektriciteitsmaatschappij aldaar".

„Ik denk wel dat het doorgaat, zeker gezien de belangstelling die er op het ogenblik is voor alternatieve energieopwekking. De rijksoverheid geeft subsidies. De windenergie is een rendabele investering geworden. Het begint nu zijn vruchten af te werpen. Daarom verwacht ik dat de vergunningen geen problemen zullen opleveren. Straks staan er, in plaats van bomen, windmolens langs de Oesterdam. Als we vandaag toestemming krijgen, beginnen we morgen met bouwen. Wat mij betreft bouwen we de hele dam vol", aldus Govaert.

Vogels

Of de windmolens schadelijk zullen zijn voor de vele vogels die zich bij de Oesterdam bevinden, is nog de vraag. Volgens P. Stols van de vogelwerkgroep van de Natuurvereniging Tholen zijn er geen officiële cijfers bekend. Wel verwacht hij dat er vogels zullen sneuvelen. „Als ze op het stuk vlak bij de Bergsediepsluis windmolens gaan zetten, dan zal dat zeker gevolgen hebben voor de vogels. Daar bevindt zich namelijk de trekroute van de meeste vogels. Zes keer per dag trekken daar de vogels van de zoetwaterkant naar de zoutwaterkant. Overdag zal het misschien nog wel meevallen, maar vooral 's nachts zullen de vogels er veel last mee hebben. Ik hoop dat men hiermee wel rekening wil houden. Op zich zijn wij echter geen tegenstanders van windmolens, integendeel zelfs".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.