+ Meer informatie

ADVENT

5 minuten leestijd

„Want daar zal een rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isaï, en een scheut uit zijn wortelen zal vrucht voortbrengen, en op Hem zal de Geest des Heeren rusten, de Geest der vrijheid en des verstands, de Geest des raads en der sterkte, de Geest der kennis en der vreze des Heeren, en Zijn rieken zal zijn in de vreze des Heeren, en Hij zal naar het gezicht Zijner ogen niet richten, Hij zal ook naar het gehoor Zijner oren niet bestraffen, maar Hij zal de armen met gerechtigheid richten, en de zachtmoedigen des lands met rechtmatigheid bestraffen " (Jesaja 11 : l-4a)

Wij hebben hier het adventslied van Jesaja waarin hij gewaagt van de nederige verschijning, de heerlijke toerusting en de gezegende regering van vorst Messias. We laten niet gaarne in de adventstijd het boek van Jesaja's profetie gesloten. Hij is immers de Evangelist van het Oude Verbond. Hij laat ons de parel van grote waarde zien tegenover een donkere achtergrond.

Het was voor Juda een bange tijd. De Assyrische wereldmacht wordt ons voorgesteld als een machtig cederbos. Het koningshuis van Juda is vervallen tot een dorre boomstronk en teruggezonken naar een roemloos begin. Maar dat bos wordt uitgeroeid, de wereldmacht verbroken.

Uit de afgehouwen tronk zal een groene levende spruit te voorschijn komen, zodat er voor Gods volk weer verwachting zal zijn. Als een nachtegaal in een donkere nacht begint Jesaja te zingen, dat op dat spruitje de Geest des Heeren zal rusten. De Heere komt altijd in een weg van onmogelijkheid Zijn genade verheerlijken. Aan het einde van onze weg ligt het begin van Gods weg. Alle menselijke grootheid wordt bij de wortel afgesneden en alle menselijke roem moet verstommen, opdat het zij: Gij toch, zijt hun roem, de kracht van hunne kracht, en Uw vrije gunst alleen, wordt de ere toegebracht.

Het begin is klein, teer, zwak en nietig. Denk aan de geboorte van Christus toen Jozef en Maria, als nazaten van David door de machtige Augustus gedrongen werden naar Bethlehem op te trekken. Toen Augustus, de verhevene, als mensgod werd vereerd en de gehele wereld zich boog onder zijn scepter, toen heeft God de Vader Zijn Eerstgeborene als de Godmens doen geboren worden en in deze wereld ingebracht. Toen is vervuld geworden het woord van Jesaja: „Want daar zal een rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isaï." Al zou Christus honderd maal geboren zijn in Bethlehem en niet in ons hart, dan zou de zegen van Zijn wondervolle geboorte ons ontgaan.

De oude mens is datgene wat na wederbarende genade van Adam in ons overbleef, en de nieuwe mens is wat van Christus in ons werd geopenbaard. Dan worden we door het geloof Hem ingelijfd en deelgenoot vtin Zijn zalving. Dan delen we in het nut van Zijn heilige ontvangenis en geboorte en worden we Christenen genaamd omdat wij het door genade zijn geworden.

Dat spruitje ontvangt de Geest zonder mate. Het getal zeven is het getal der heilige volkomenheid. Op groene Donderdag worden in de Griekse kerk de jonge lidmaten door de bisschop gezalfd met een zalfolie, die uit zeven en vijftig kostelijke specerijen werd saamgesteld. Door een luchtige wolk van de aangenaamste geuren werden zij dan omgeven. Dit symboliseerde de gaven des Geestes.

De Geest was nodig opdat die spruit als waarachtig mens, de geweldige taak zou kunnen volbrengen, waartoe Hij van Godswege geroepen werd.

Daar zal Ik David, door Mijn kracht, een hoorn van rijkdom, eer en macht, doen rijzen uit Zijn nageslacht, 'k Heb Mijn gezalfde knecht, een licht, een heldere lampe toegericht.

Op Hem zal de Geest des Heeren rusten. Drie paren worden nu door Jesaja genoemd: De Geest der wijsheid en des verstands; de Geest des raads en der sterkte; de Geest der kennis en der vreze des Heeren.

Wijsheid als een inzicht in het wezen der dingen waardoor wij in staat worden gesteld het begeerde doel te bereiken (denk aan de wijze bouwer en de wijze maagden).

Verstand om met scherpe onderscheiding te kunnen regeren.

Raad om in moeilijke zaken de gewenste oplossing te geven.

Kracht om Zijn bevelen te doen uitvoeren.

Een practische liefdekennis als vrucht van de innige gemeenschap met Zijn Vader en de vreze des Heeren om in godvruchtige tederheid Zijn regeermacht

uit te oefenen. Rechters op aarde moeten hun vonnis bepalen naar hetgeen zij gehoord en gezien hebben. Daarom is hun rechtspraak altijd gebrekkig. Vorst Messias laat Zich door geen schijn bedriegen. Hij zal naar het gezicht Zijner ogen niet richten. Hij zal ook naar het gehoor Zijner oren niet bestraffen. Zijn regering is strikt rechtvaardig.

Aardse vorsten worden omgeven door het edelste der natie, door rijken en machtigen. Van deze Koning weten we, dat Hij Zijn discipelen koos uit de geringsten des volks. Zij waren echter van geestelijke adel.

Van Hem zong de dichter: „Nooddruftigen zal Hij verschonen, aan armen uit gena, Zijn hulpe ter verlossing tonen, Hij slaat hun zielen ga."

Het zijn niet vele machtigen, niet vele edelen, maar het zwakke, het dwaze heeft God uitverkoren. Die geestelijke adel worden zij deelachtig door een nieuwe geboorte en door de mededeling van Zijn zalving.

Zo iemand de Geest van Christus niet heeft, die komt Hem niet toe, die is Zijn eigendom niet. Die spruit moge dan een nederige verschijning zijn, Zijn toerusting is heerlijk en Zijn regering is een gezegende regering. Een scheut uit Zijn wortelen zal vrucht voortbrengen. Christus is de wortel en het geslacht Davids. Uit Hem, door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Alles wat uit Adam voortkomt is waardeloos voor God. Daarom moeten wij worden afgekeurd voor alle diensten, zal Christus en Zijn werk ons noodzakelijk en dierbaar worden.

Neen, we verwachten geen herhaling van het Kerstwonder, want die mannelijke Zoon is verhoogd en verheerlijkt aan de rechterhand des Vaders. Hij is niet alleen de Verwerver, maar ook de Toepasser van de zaligheid. Hij kan door Zijn Geest niet alleen het adventsevangelie, maar ook straks het Kerstevangelie gebruiken om Gods kinderen met heimwee te vervullen om met de dichter in te stemmen: Uw komst is het, die ons heil kan volmaken en met Jesaja doen roemen: Want een Kind is ons geboren en een Zoon is ons gegeven.

Mocht dat geboren Kind als waarachtig mens, en die gegeven Zoon als waarachtig God, het voorwerp zijn van onze eerbiedige bewondering om begiftigd met hetzelfde geloof van Paulus te getuigen: „En buiten alle twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot. God is geopenbaard in het vlees."

ds. A. DE BLOIS.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.