+ Meer informatie

Een bladzijde voor en van onze jeugd

7 minuten leestijd

Een praatje vooraf.

Dit praatje zal erg kort zijn, jongelui, want ik wil dit maal veel van jullie plaatsen. Alleen wijs ik jullie op de nieuwe prijsvraag, waar we mee gaan beginnen. Lees dat gedeelte maar goed en natuurlijk meedoen!

Uit de natuur.

Jullie herinneren je nog wel dat we een tijd geleden een opstel geplaatst hebben van Cobie van der Slikke, nu is haar zusje Nellie in de pen geklommen. Ze schreef er onder: Ik ben een trouw lezeres van ons mooie blad. Zijn jullie ook zo?

Vogels.

Vogels onderscheiden zich van andere dieren door het bezit van vleugels en veren. Al lijkt het dat ze slechts twee poten hebben, toch bezitten ze er vier, maar de voorpoten zijn tot vleugels omgebouwd. Er zijn zelfs vogels, die een paar echte nagels aan hun vleugels hebben b.v. de struisvogels. Met uitzondering van de onherbergzaamste bergtoppen en poolstreken, komen vogels in (ja raad U eens? ) maar liefst 12.000 soorten over de gehele aarde voor, in een enorme verscheidenheid van leefwijze, vormen en kleuren. Er is nagenoeg geen millieu in de wereld te vinden waar geen vogels voorkomen. In dit opstel wil ik jullie over verschillende vogels vertellen. De meeste vogels kunnen uitstekend vliegen, doch sommige, al hebben ze vleugels, zijn toch niet in staat zich in de lucht te verheffen. Dat zijn o.a. rhea's, struisvogels, kasuarissen en pinguins. Bij deze laatste zijn de vleugels perfecte roeispanen geworden, ze kunnen er pijlsnel in het water mee vooruitkomen. De struisvogels en rhea's gebruiken hun vleugels onder meer als balanceerorgaan bij het maken van scherpe hoeken in volle ren. Bij de kasuarissen kan men eigenlijk nauwelijks van vleugels spreken. Ze hebben maar een paar korte stompjes. Het moet nog gezegd, dat vrijwel alle vogels goed ontwikkelde scherpziende ogen hebben. Ze hebben een groot vermogen om kleuren te zien en deze spelen heus wel in het vogelleven een grote rol. Zo stimuleren de snavelkleuren van vele vogels de jongen tot het pikken in de richting van de snavel en dus naar het zich daarin bevindende voedsel. Omgekeerd worden bij andere soorten de ouders tot voedsel geven geprikkeld bij het zien van de vaak felgekleurde mondholte van hun, de bek opensperrende, jongen. Dan nog zijn er bij verscheidene vogelsoorten de mannetjes herkenbaar door de felle opvallende kleuren en die kleuren zijn soms zo opvallend mooi; bij de wijfjes is de kleur onopvallend. Dat zo'n mannetje nu 7.0 mooi is, is om het als zodanig kenbaar te maken tegenover de wijfjes, maar ook wel tegenover de andere mannetjes. De wijfjes vai> b.v. eenden en fazanten hebben geen belang bij de kleur, ze hebben alleen maar tot taak om te broeden en hun kuikens te verzorgen, want de heren houden zich daar niet mee op. Toch zijn er enkele vogelsoorten waar alleen de man broedt en de jongen verzorgt. Het wijfje steekt er dan geen snavel naar uit. Merkwaardig is het dan, dat bij deze dieren de mannetjes juist eenvoudig en de wijfjes opvallend van kleur zijn. Dan nog moet vermeld worden dat vrijwel alle vogels zingen, al is het niet altijd zo mooi, niet waar? Een volgende keer hoop ik nog iets over dat „zingen" te vertellen.

Nellie van der Slikke, Sehoondijke. Ik heb al veel opstellen geplaatst, maar dit is wel één van de mooiste, 't Is geweldig Nellie. Jij zit zeker wel veel in diei'kunde boeken te snuffelen of leer je dat allemaal op school?

Een gedicht.

Hier volgt dan het tweede deel van

De verborgen schat

't Werd de tijd van pacht betalen, 't Was dit jaar niet best gegaan, Hoe het bij elkaar te krijgen Kwam het nu voor hem opaan! Nog eens rekenen en tellen. Hij was niets op zijn gemak Daar nog bijna vijftig gulden Voor de pachtsom hem ontbrak. Zuchtend loopt boer Teun naar buiten. „Wel mijn vriend, hoe gaat 't er mee? " Klinkt het plots'ling in zijn oren Voor hem staat de dominee. Teun vertelt hem nu zijn zorgen Dominee, dat wel verstaat.

Maar dan vraagt hij hoe het Met het lezen van de Bijbel gaat. Teunis werd wel wat verlegen Daar hij geen goed antwoord vond. Dominee begrijpt al spoedig Hoe het met de zaken stond. Dominee vraagt nu de Bijbel. Teunis haalt hem voor de dag En de dominee gaat blaad'ren Tot Jesaja open lag.

(Wordt vervolgd)

We denken aan zieken en zending.

De vorige keer deed ik een oproep om een kaart te sturen aan één van onze zieke vrienden. Ik gelooi wel dat jullie dat allemaal gedaan hebben. Nog niet? Dan eerst doen. Ik heb toen ook gevraagd aan alle langdurige zieken mij hun adres te sturen, dan zullen alle lezers, oud en jong, hun een mooi stads-of dorpsgezicht sturen. De zieken bewaren de kaarten een maand en sturen ze dan naar het zendingsbureau (zie „Paulus"). Ik kreeg een heel vriendelijke brief van een lezeres, die al zo lang ziek is. Ik hoop dat de Heere haar alle kracht en berusting zal geven, die zij nodig heeft. Laten wij, die jong en gezond zijn, haar eens verrassen met enige honderden kaarten. Hier komt het adres. J. M. J, Sanderse, Aetsveldselaan 4, Weesp. Niet vergeten hoor! Ik hoor later wel eens hoeveel kaarten zij ontvangen heeft.

De nieuwe serie opgaven.

Nu de avonden weer gezellig worden en jullie toch wel een paar uurtjes over hebben, beginnen we weer met nieuwe vragen. We doen het nu anders dan de vorige keer. Hieronder vinden jullie twee korte opstellen. In deze opstellen zijn echter alle namen weggelaten, dus ook de plaatsnamen. Jullie zoeken die dus op. Je neemt een velletje papier en schrijft daar de nummers 1 t.m. 20 op. Achter ieder nummer schrijf je de gevonden naam. Pas op hoor, vergis je niet. Jullie doen toch allemaal mee? In eens mee gaan doen, want er zo tussen vallen gaat nu niet. Zullen we 't eens proberen? Doe je best.

Hij, die Israël zondigen deed.

Dit is de korte geschiedenis van koning (1), de zoon van (2). Zijn bijnaam staat boven dit opstel. Het is niet mooi als de Bijbel zo over een koning spreekt. De profeet (3), die te (4) woonde, had hem gezegd, hoe hij regeren moet, maar de goddeloze koning stoorde zich niet aan God. Integendeel, hij richtte een kalverendienst op in (5) en (6). De straf op zijn zonde bleef niet uit; zijn zoontje (7) werd ziek en stierf. Deze koning woonde in (8) en regeerde tegelijk met koning (9) van het twee-stammenrijk. De eerstgenoemde koning werd opgevolgd door zijn zoon (10).

Gij raast.

Deze geschiedenis verplaatst ons naar het Nieuwe Testament. We zijn dan in de stad (11) in het huis van stadhouder (12), de opvolger van (13). Deze heeft juist bezoek van koning (14) en zijn zuster (15). Deze willen ook de gevangene (16) wel eens horen. Deze gevangene was geboren in (17) en had aan de voeten van (18) gezeten, om onderwezen te worden, maar op de weg naar (19) had God hem geveld en voor Zijn dienst gewonnen. De gevangene had zich op de keizer beroepen en moest naar de stad (20) gebracht worden.

Dat zijn ze, dus nu maar aan de slag. Je brief stuur je naar mij toe. O ja, zet je leeftijd er ook bij. Natuurlijk krijgen de besten weer een mooi boek. Je brief wil ik graag voor 7 oktober hebben.

Een vraag

moet nog afgemaakt worden. Het gaat over de gebedshouding. De vorige keer heb ik verschillende houdingen opgenoemd. Ik zou bijna zeggen, dat iedere houding goed is, mits zij eerbiedig is. Uit de gestalte moet altijd blijken, dat men tot God spreekt, zodat een ieder dat kan zien. Het voornaamste is natuurlijk de gestalte van het hart, want al ben je nog zo eerbiedig en je houdt het hart gesloten, dan is het gebed zonder enige waarde. Deze juiste houding vind ik in Ps. 62 : 1: Mijn ziel is immers stil tot God."

Allen hartelijk gegroet.

Pr. Bernhardlaan 27, Dirksland

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.