+ Meer informatie

Fransen in spanning over uitslag van eerste ronde

7 minuten leestijd

PARIJS — De Franse kiezer gaat bij de aanstaande presidentsverkiezingen, die zondag 26 april hun eerste ronde zullen beleven, op herhaling als men in aanmerking neemt dat de voornaamste kandidaten van de verkiezingen van 1974 ook nu weer hun opwachting maken. Toch bedriegt hier de schijn: in de tussenliggende zeven jaar is de wereld immers niet stil blijven staan.

Zo is ook de Franse samenleving in de greep gekomen van de economische crisis en verder bevindt zich nu onder de kandidaten een aftredende president, wiens autocratische regeerstijl de afgelopen jaren veel kritiek heeft ontlokt. De Franse kiezer staat voor de keuze: of hij bevestigt het oude verkiezingsbeeld dat rechts toch altijd weer aan het langte eind trekt, of hij zorgt na 25 jaar voor een wezenlijke verandering van het poitieke panorama.

Economische crisis

Sinds 1974 heeft in Frankrijk, evenals in de rest van de wereld, de economische crisis hard toegeslagen. Naast een inflatie van 13,7 pct hebben vele duizenden faillisementen en ontslagen een fikse toeneming van het aantal werklozen tot gevolg gehad. Terwijl er zeven jaar geleden nog 440.000 mensen zonder werk waren, telt men thans bijna 1,7 miljoen werklozen.

Giscard heeft de stijging van de werkloosheid ook publiekelijk erkend als zijn grootste nederlaag. Van de weeromstuit heeft hij een uit zeven punten bestaand plan gelanceerd ter bestrijding van met name de werkloosheid onder de jongeren. Dit plan is effectiever dan alle eerdere inspanningen op dit punt in de afgelopen zeven jaar, zo houdt Giscard de kiezers voor ter verdediging tegen de aanvallen van zijn rivalen.

Giscards plan ter bevordering van de werkgelegenheid omvat punten als een betere beroepsopleiding voor de jeugd, het vertrek van circa 250.000 gastarbeiders en vervroegde uittreding. Wat stellen de andere kandidaten daartegenover? De socialist Francois Mitterrand wil geld in de economie pompen voor het scheppen van 210.000 nieuwe banen bij de overheid, in de ziekenhuizen en in het onderwijs. Ook wil hij verkorting van de werkweek tot 35 uur. De communistische kandidaat George Marchais bepleit een beperking van de invoer die Franse banen bedreigt en een vertrek van de gastarbeiders. De vierde belangrijke kandidaat, de rechtse Gaullist Jacques Chirac belooft de werkgelegenheid te redden door het bedrijfsleven meer lucht te geven. Hij heeft geen concrete maatregelen in gedachten voor het creëren van arbeidsplaatsen.

Het economisch programma van Mittertand weerspiegelt de oude, door de econoom Keynes geïnspireerde gedachte, dat de economische crisis te lijf moet worden gegaan met geldinjecties in de economie, onder meer om de koopkracht van de laagstbetaalden op peil te houden. Voorts wil hij een twaalftal ondernemingen nationaliseren en de rijken hoger belasten.

Bezuinigen

Lijnrecht daartegenover staat Chirac, die een Reaganesk programma heeft opgesteld. Hij is voorstander van bezuinigingen op de Overheidsuitgaven en van een verlaging van de belastingen en sociale lasten. Hij wil 100.000 arbeidsplaatsen bij de overheid afstoten. Doel van Chirac is het bedrijfsleven de ruimte te geven om zichzelf te herstellen. Giscard bewandelt een sociaal-liberale tussenweg, met de bestrijding van de jeugdwerkeloosheid als kernpunt. En Marchais ten slotte, belooft een loonsverhoging voor de mensen met de lage inkomens, gefinancieerd met geld dat bij de rijken is weggehaald. Afsluiting voor buitenlandse import bepleit hij als medicijn voor de zieke economie.

Kritiek op Giscard

Sinds 1974 is niet alleen de economische situatie gewijzigd, maar ook de persoon van Giscard heeft onmiskenbaar een verandering ondergaan. Beschuldigingen dat hij zich gedraagt als een absoluut vorst zijn niet van de lucht. Zelfs zijn tafelmanieren, die ontleend zouden zijn aan de monarchistische traditie, zijn een voorwerp van spot geworden.

Alle kritiek vloeit in feite voort uit de enorme bevoegdheden die Giscard bezit op grond van de door generaal Charles de Gaulle opgestelde grondwet van' de vijfde republiek. Zonder overdrijving kan gesteld worden dat de Franse president over meer binnenlandse macht beschikt dan welk andere Westerse leider dan ook. Daar waar De Gaulle zelf de buitenlandse politiek geheel voor zichzelf opeiste maar op binnenlandspolitiek terrein de politici een zekere vrijheid liet, heeft Giscard zelfs op dat gebied het parlement tot een veredeld politiek café gedegradeerd.

Bezwaarlijk voor de president was ook de zogeheten diamantenaffaire. Maandenlang verschenen in de Parijse pers, met name in het blad Le Canard Enchaine en Le Monde, onthullingen over de diamanten die Giscard en zijn familie hadden gekregen van Jean-Bel Bokassa, de gewezen keizer van het eveneens voormalige Centraal Afrikaanse Keizerrijk.

Andere kritiek op de aftredende president betrof zijn buitenlandse beleid. Giscard stelde zich in zijn ambtsperiode op als een staatsman die Frankrijk onafhankelijkheid overal en altijd verdedigde.

Opiniepeilingen

Tot nu toe geven de opiniepeilingen aan dat de strijd in de tweede ronde hoogstwaarschijnlijk zal gaan tussen Giscard en Mitterrand. Als ef al een verrassing zou komen, dan zal die moeten komen van Chirac, die in de laatste weken voor de 26e april geleidelijk omhoog is geklommen in de verkiezingsonderzoeken. Chirac, thans burgemeester van Parijs voert een buitengewoon agressieve campagne, en aanhangers van Giscard hebben al gewaarschuwd dat hij daarmee de weg zal plaveien voor links. Voor Marchais lijkt geen succes weggelegd. Hij zal dan ook tot zijn spijt naar alle waarschijnlijkheid de socialisten wederom de sterkste partij zien worden in het linkse kamp.

In weerwil van de nek-aan-nek-race tussen Giscard en Mitterrand die de Polls voorspellen, en die een herhaling, zou zijn van 1974 lijkt in Frankrijk toch de mening te overheersen dat Giscard de zege zal behalen. In het verleden heeft het Franse electoraat bij herhaling na een proteststem in de eerste ronde bij de tweede ieder politiek avontuur van de hand gewezen en voor rechts gekozen. De Fransen zouden namelijk in wezen een conservatief volk zijn, dat niet geleidelijk doch slechts schoksgewijs (revoluties) tot vernieuwing komt en extremen van rechts en links afwijst. Volgens deze interpretatie moeten de communisten dan ook als een ,,fremdkürper" in de Franse samenleving beschouwd worden, waarvoor de angst groot is. Een angst die dan ook Mitterrand flink parten zou spelen omdat men bang js dat met hem het communistische paard van Troje binnen de regeringspoorten zal worden gehaald. Verder wordt wel beweerd dat de Fransen gezien hun geschiedenis, blijk hebben gegeven van hun behoefte aan een krachtig leidersschap, terwijl bovendien voor de Fransman populariteit en macht twee zaken zouden zijn. Waaruit dan geconcludeerd zou mogen worden dat de kritiek op Giscards monarchale neigingen in het stemhokje niet veel gewicht in de schaal zal leggen en niet van wezenlijke invloed zal zijn op de uitslag. Maar dat neemt toch niet weg dat een proteststem wel eens verkeerd kan uitvallen.

Mogelijke ontwikkelingen

In de verkiezingscampagne zijn naast de balans van Giscards ambtsperiode ook veelvoudig de mogelijke politieke ontwikkelingen na de presidentsverkiezingen aan de orde geweest. Van Frankrijk wordt beweerd dat het een land is met een schier onverzoenlijke en historisch tegenstelling tussen de behoudende en vooruitstrevende volksdelen, waarbij links de laatste 25 jaar niet meer aan de macht is geweest. Met de alliantie tussen de communisten en socialisten van een aantal jaren terug leek het links eindelijk te lukken de regeringsmacht naar zich toe te trekken, maar het verbond viel te elfder uren uiteen en de linkse verdeeldheid is weer net zo groot als voorheen. Maar ook ter rechter zijde is alles geen koek en ei. De Gaullisten gaan de verkiezingen met een drietal kandidaten in en hun verhouding met de Giscardisten is verre van rooskleurig.

Speculaties

Nu is het de vraag hoe de verhoudingen komen te liggen na de verkiezingen. Er doen al allerlei speculaties de ronde waarin vooral Mitterrand een centrale plaats inneemt. Wat gebeurt er als Mitterrand in de tweede ronde op 10 mei zijn waarschijnlijke tegenstrever Giscard verslaat? Zal hij dan communisten in zijn regering opnemen? De socialistische leider stelt zich formeel op: bij een overwinning zal hij nieuwe parlementsverkiezingen uitschrijven en zich neerleggen bij de meerderheid die dan ontstaat. Zijn tegenstanders voeren echter aan dat hij slechts kan winnen als de communustische kiezers in de tweede ronde op hem stemmen, zodat hij in dat geval voor de keuze komt te staan: of de communistische kiezers verraden, of communistische ministers in de regering.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.