+ Meer informatie

‘LEES MIJ VRIJ ZEVEN MAAL, JA ZEVENTIG MAAL ZEVEN…’ Gedachten over persoonlijk Bijbellezen

7 minuten leestijd

Persoonlijk Bijbellezen - komt er nog wat van? Wie pastoraal de gemeente rondgaat en die vraag her en der eens stelt, doet meer dan eens schokkende ontdekkingen. En ook uit onderzoek binnen de gereformeerde gezindte blijkt dat het er met het Bijbelgebruik minder rooskleurig voorstaat dan we zouden denken en misschien ook zouden verwachten. Hoe kunnen we jongeren en ouderen stimuleren om persoonlijk de Bijbel ter hand te nemen? En hoe staat het met onze eigen ‘stille tijd’, onze verborgen omgang met de Heere? Daarom een bescheiden handreiking, om in voorkomende gevallen door te geven en zelf ter hand te nemen.

WAAROM ZOU IK?

Mensen anno 2015 zijn druk. Gezinnen zijn vaak een soort duiventil: in- en uitvliegen. En als we thuis zijn bieden de (sociale) media ons onbegrensde mogelijkheden om onze tijd door te brengen. Dat bevordert niet een klimaat om rustig de Bijbel te bestuderen.

Bovendien kom je nogal eens de opmerking tegen: ‘De Bijbel? Dat is zo’n moeilijk boek.’ En als je dan al vluchtig leeft, heb je ook niet veel zin om je erin te verdiepen. Het moeten hapklare brokken zijn, en anders haken we af.

En toch: we hebben de omgang met het Woord van God zo nodig. Het is het zaad van de wedergeboorte (I Petr. 1:23). Met andere woorden: geestelijk leven ontstaat door de omgang met het Woord. En je hebt het ook nodig om vervolgens geestelijk verder te komen (zie I Petr. 2:2). Het is ook ‘brood onderweg’. De lezing en overdenking ervan is dus broodnodig!

HOE DAN? - EEN PRINCIEEL KADER

Ik noem een paar principes die bij het lezen van de Bijbel van belang zijn, uiteraard zonder daarmee volledig te zijn.

1. Het is van belang de Schriften in hun geheel te lezen. Ze vormen een samenhangend geheel. Het geheel wijst naar de delen en de delen verwijzen naar het geheel. Ik pleit daarom sterk voor een doorgaande lezing, stukje bij beetje. Niet zelf bladeren en kijken wat ons aanspreekt - dan zullen we waarschijnlijk veel overslaan. Of kijken naar waar de Bijbel openvalt en dan maar zien waar ’t schip strandt. Te vrezen is dat het dan geestelijk bij ons ook zo is.

De Heere heeft ons niets voor niets geopenbaard. Dat wil niet zeggen dat alles meteen duidelijk is. Maar we moeten oppassen voor een consumptieve houding, vanuit een stuk luiheid. Consumptief betekent ook: ‘selectief’. Zoals in een winkel: we pakken wat van onze gading is en de rest laten we liggen.

Dat heeft desastreuze gevolgen. We denken het dan immers beter te weten dan de Auteur van de Schriften Die ons dit álles heeft geopenbaard. Omdat het voor ons nodig is in dit leven, tot Gods eer en tot onze zaligheid (zie Artikel 2 NGB).

2. Het is van belang om teksten en Bijbelgedeelten in hun context en (heils) historisch verband te lezen.

Dat wil zeggen: in het verband waarin een tekst of perikoop staat en in het licht van de historische achtergrond van toen. Zomaar een tekst uit zijn verband plukken leidt tot ongelukken. Dan kunnen we de Bijbel laten buikspreken. Een gevaar dat je ziet zowel in bepaalde evangelische kringen als in orthodox-gereformeerde kring.

Vraag bijvoorbeeld: wat is de politieke en geestelijke situatie van Israël tegen de achtergrond waarvan die profeet op dat moment spreekt? Waarom legt Paulus zoveel nadruk op de rechtvaardiging door het geloof alleen, en waarom beklemtoont Jakobus de noodzaak van goede werken? Tot welke lezers richt Mattheüs zich en tot welke Lukas?

Waarom volgen wij bepaalde aanwijzingen in het Oude Testament niet meer op? Dat blijkt te maken te hebben met de voortgang van de openbaring, met het volbrachte werk van Christus, met de plaats van Israël en de gemeente. Daarom brengen wij bijvoorbeeld geen offers meer en houden we ons niet meer aan allerlei ceremoniële bepalingen. Maar we mogen er wel tekeningen in zien van het werk van Christus.

En allerlei oudtestamentische bepalingen kunnen verrassend actueel blijken te zijn. Een belangrijke leesregel geeft in dit verband Artikel 25 van de NGB, over het ophouden van de ceremoniële wet. Het artikel luidt als volgt:

‘Wij geloven dat de ceremoniën en voorafbeeldingen van de wet met de komst van Christus hebben afgedaan en dat aan alle voorafschaduwingen een einde gekomen is, zodat het gebruik daarvan onder de christenen moet vervallen. Toch blijft voor ons de waarheid en de inhoud ervan in Christus Jezus, in Wie zij hun vervulling hebben. Intussen maken wij nog gebruik van de getuigenissen uit de Wet en de Profeten om ons geloof in het Evangelie te bevestigen en ook om ons leven in alle betamelijkheid in te richten tot Gods eer en naar Zijn wil’.

3. Het is van belang om bij het lezen van de Bijbel oog te hebben voor de literaire aard van het betreffende Bijbelboek.

Voor een historisch boek als Genesis is een andere benadering nodig dan voor een dichterlijk boek als de Psalmen. Nog weer anders is de manier waarop we profeten lezen. Zij gebruiken vaak symbolische taal, bijvoorbeeld in Zacharia en Openbaring. Dat heeft gevolgen voor bijvoorbeeld de duiding van getallen in zo’n boek. Denk aan de manier waarop in de vorige eeuw iemand als Hal Lindsey tot de meest wonderlijke uitleg van profetieën kwam, omdat hij geen rekening hield met dit gegeven. In een boek als ‘Wake up!’ vinden we daarvan een hedendaagse variant.

HOE DAN? - PRAKTISCHE AANWIJZINGEN

Hoe kunnen we nu praktisch invulling geven aan de persoonlijke Schriftlezing? Die vraag is uiteraard ook bij het lezen in gezinsverband van belang.

1. Laat onze Schriftlezing altijd gepaard gaan met gebed. Gebed dat de Heere Zijn Woord echt voor ons opent. Gebed dat we een verlicht verstand en een geopend hart mogen ontvangen, en een wil die bereid is om te buigen onder wat Hij zegt. We spreken wel over de inspiratie van Gods Woord door de Heilige Geest (het Woord is onfeilbaar). Daarnaast spreken we over de illuminatie (verlichting) van ons hart door de Heilige Geest. We vragen dus aan de Auteur van de Schriften: ‘HoudZelfdefakkelbij’.

2. Lees niet vluchtig, als een toetje bij de maaltijd dat je snel even wegwerkt. Het gaat er niet om dat we een koude plicht vervullen of ons geweten tot rust brengen, maar dat we de stem van de Heere zullen horen. In gezinsverband geldt dan ook: probeer er met elkaar nog even over door te praten. Een vraag aan een kind, een toepasselijke opmerking.

3. Lees kleine gedeelten. De rijkdom van Gods Woord is overstelpend. Daarom breken we de veelheid in stukken. We lezen woord voor woord, we overwegen, we proeven de woorden. Vroeger gebruikte men daarvoor het woord ‘herkau-wen’- zoals de reine dieren die Mozes in de wet beschrijft. Daar zit iets in van: lezen en herlezen. Dan smaken de woorden van de Schrift de ene keer zoet, de andere keer bitter - al naar gelang de Heere voor ons nodig vindt.

4. We kunnen een leesrooster gebruiken waarbij de Schriftlezing gevarieerd wordt en je toch mettertijd door de hele Bijbel heen komt. Een andere mogelijkheid is om steeds een bepaald Bijbelboek te kiezen, afwisselend uit het Oude en Nieuwe Testament.

5. Maak gebruik van hulpmiddelen. Er zijn studiebijbels in soorten en maten (Bijbel met uitleg bij de SV, Studiebijbel HSV), verklaringen, handboeken, Bijbelstudies, landkaarten, etc.

6. Stel bij het lezen een paar eenvoudige vragen. Wat staat er? Wat betekende dat voor de mensen van toen? Wat heeft de Heere mij vandaag erin te zeggen over Hemzelf, over Christus, over mij, over de kerk, over de samenleving? Bevat het gelezen gedeelte een belofte, of een opdracht, een vermaning, of een waarschuwing?

7. Maak het gelezene tot stof voor uw gebed. Pleit op de beloften die u las en smeek om de kracht van Gods Geest om naar Zijn aanwijzingen te handelen. Om zo dader van het Woord te zijn en niet alleen hoorder (Jak. 1: 22).

VAN ’S MORGENS VROEG TOT ’S AVONDS LAAT

Wat is nu het beste tijdstip om de Bijbel te lezen? In principe natuurlijk elk moment van de dag. Maar laten we op dit punt eens naar Luther te luisteren. Hoe bezet zijn agenda ook mocht zijn, hij trok op vaste tijden, zowel aan het begin als aan het einde van de dag, geruime tijd uit om de Schrift te lezen, te bidden en te mediteren. ‘Als ik het extra druk heb, neem ik extra tijd voor het gebed, want dan heb ik extra kracht nodig’, zei hij. Stil zijn in het vroege morgenuur, omdat God het eerste woord dient te hebben. En stil zijn voor het slapen gaan, omdat aan de Heere ook het laatste woord toekomt.

TENSLOTTE

Over het lezen van Gods Woord dichtte Jacob Cats als volgt:

Lees mij vrij zeven maal,
ja, zeventig maal zeven.
Nòg vat uw brein ’t niet al
wat in mij is geschreven.

Hoe meer gij in mij zoekt,
hoe meer gij in mij vindt.
Hoe meer gij in mij leest,
hoe meer gij in mijn vindt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.