+ Meer informatie

CONFLICTEN IN DE KERK

8 minuten leestijd

Het komt overal voor: bij PSV tussen de raad van commissarissen en de directie, in de politiek rond de vragen wie wél en wie niet in Nederland mogen blijven uit de kring van asielzoekers, in de Prot. Kerk Nederland tussen hen die onder protest wél meegaan en hen die vanwege protest niet meegaan… We hebben het over conflicten en de beheersing daarvan. Ze zijn er altijd geweest, ook al in bijbelse tijden. Te denken is aan het eerste conflict dat ons in de bijbel beschreven is en dat meteen zo hoog opliep dat er sprake was van moord (Gen. 4 — een eenzijdig conflict overigens), of aan de spanningen tussen Paulus en Barnabas, beschreven in Hand. 15 (waarbij het altijd een vraag is gebleven of het tussen die twee nog goed gekomen is; uit Col. 4:10 zou men de indruk kunnen krijgen van wel).

CONFLICTEN… IN DE KERK

Ik schaam mij altijd extra wanneer er juist in de gemeente van de Heiland sprake is van een (hoog oplopend) conflict. Natuurlijk weet ieder dat wij geen haar beter zijn dan degenen ‘die buiten zijn’. Maar wanneer ik dat in acute situaties hoor, lijkt mij dat een godsdienstig schaamlapje — waar in de wereld overigens feilloos doorheen wordt gekeken. Is het niet zo dat we juist daar, waar woorden als vergeving en genade een zo grote rol spelen als in de kerk, die woorden extra glans zouden moeten geven opdat duidelijk wordt hoezeer ons die begrippen ter harte gaan? Is het geen veeg teken dat er grote woorden vallen in het vuur van de strijd, maar dat juist déze woorden dan achterwege blijven? In een tijd van tanende invloed van het christendom moet het ons extra pijn doen, wanneer een journalist op een gegeven moment opmerkt dat de satan wel kan gaan uitrusten, omdat de gelovigen elkaar vanzelf wel in de haren vliegen…

HOE KOMT HET TOCH?

Hoe komt het toch dat kerkelijke en gemeentelijke conflicten juist in onze tijd zo sterk de agenda’s beheersen en ons bij dag (en soms ook bij nacht) bezig houden? Het heeft natuurlijk iets te maken met de oeroude verzoeking van de satan om juist daar waar het heil wordt uitgedeeld en verkondigd, zijn vernietigend werk te doen. Het heeft, toegespitst, vandaag zeker ook iets te maken met de drang om je eigen gelijk te bevechten en je eigen territorium te bewaken. Het kan te maken hebben met het verschijnsel dat mensen op de dagelijkse werkvloer in moeite terecht komen, en dan ‘ter compensatie’ in de kerk hun afgepaalde posities ten koste van alles willen behouden… hoe begrijpelijk allemaal, maar hoe klein-geestelijk tegelijk. In ieder geval heeft het hoogst zelden te maken met de bijbelse notie dat de één de ander uitnemender zal achten dan zichzelf (Fil. 2:3). Niet dat men met een beroep op deze tekst alles maar moet slikken wat een ander tegen hem/haar zegt, maar wel dat deze tekst een kader aangeeft, waarin onderlinge meningsverschillen onder woorden kunnen worden gebracht, en wel zó, dat daaruit geen bloed vloeit, eenvoudigweg omdat beide partijen weten wat het betekent om te leven uit het bloed van Christus!

MEER IN DETAIL

Laten we iets meer in detail treden en een aantal zaken op het spoor trachten te komen die wortel kunnen zijn bij hoogoplopende kerkelijke conflicten. Om te beginnen kan een conflict ontstaan omdat men onvoldoende naar elkaar luistert tijdens het gesprek. Men hoort een zin, geeft er een betekenis aan, gaat vervolgens van de juistheid van die betekenis uit en borduurt op dat spoor verder; soms een spoor waarin de ander zich niet meer herkent. Soms komt dat omdat de één niet scherp genoeg geformuleerd heeft, soms omdat de ander niet goed genoeg geluisterd heeft. In ieder geval is het zaak om telkens te toetsen of de ander met wie u in gesprek bent nog ‘bij u is’. Zo doordenkend kun-nen we nog wel iets verder gaan: niet zelden gebeurt het dat, wanneer de eerste stellingen betrokken zijn, de partijen nog wel tégen elkaar (en vooral: tegen elkaar in!) praten, maar niet meer mét elkaar. Dat treft mij so wie so wel eens in kerkelijke gesprekken tijdens vergaderingen: men gaat niet wezenlijk in op de reactie van de ander, maar borduurt, ongeacht die reactie, op het eigen stramien voort. Dat kan nooit tot een vergelijk leiden; de kloof wordt alleen maar dieper…

Vervolgens: niet zelden worden conflicten in de gemeente van Christus principieel hoog opgespeeld. Wij moesten ons eerst eens bedenken, voordat wij het woord ‘principieel’ in de mond nemen: de discussie komt dan op een niveau terecht waarop vaak geen weg terug meer mogelijk is. Is alles werkelijk zo principieel, en zijn de verschillen in inzicht bij een dreigend conflict echt zó groot dat het tot op de millimeter moet worden uitgevochten? Of… zit daar toch ook vaak die gedachte bij van het zelf de rug recht willen houden en niet willen wijken? Hoeveel ‘vlees en wereld’ komt daar bij? Veel conflicten lijken te draaien om het recht van God zelf, als men ziet wat er allemaal uit de kast wordt gehaald. Maar men mist een adempauze om even terug te treden en tot bezinning te komen. Laten we eerlijk zijn: in de gemeente van Korinthe was een groot conflict (wel meer dan één zelfs). Allen waren overtuigd van het ei-gen principiële gelijk: die van Paulus, die van Apollos, die van Cephas… maar wat zegt Paulus ervan? Hij vraagt of Christus er ook werkelijk in is… De gemeente is immers van Hem, en niet van zijn ‘onderpersoneel’?

TUSSEN DOMINEES EN KERKENRADEN

Een niet onaanzienlijk deel van gemeentelijke conflicten speelt zich vervolgens af tussen predikanten en hun kerkenraden. Een goede teamgeest in onderlinge geestelijke verbondenheid moet wijken voor hoge woorden en ingegraven stellingen. Behalve datgene dat bij het vorige kopje gezegd werd, kunnen in dit soort moeiten de volgende kanttekeningen gemaakt worden. Naar de predikanten toe: zijn wij ons er voldoende van bewust dat wij dienaren zijn? Zeker, van het Woord (v.d.m.), maar welk Woord? In het spoor van Paulus (2 Kor. 5:19) wordt ons het woord van de verzoening (!!) toevertrouwd. Wij zijn er niet om de gemeente of de kerkenraad te beheersen, laat staan te overheersen. Als wij preken over de vrucht van de Geest, zullen we ook hierin door de Geest het spoor houden (Gal. 5: 22–26). Dat zou een stuk schelen. Wij moeten immers óók een keer verantwoording afleggen?

Naar de kerkenraden toe: bent u zich er zich altijd van bewust dat het ter sprake brengen van verschillen van inzicht (bijvoorbeeld rond de inhoud van de prediking) met uw predikant zó dient te gebeuren dat hij merkt dat het u erom te doen is hem werkelijk geestelijk te zóeken? Zelf merk ik hoezeer kritiek mij diep kan raken, eenvoudigweg omdat mijn werk als predikant altijd met mijn hart te maken heeft. Ik preek, catechiseer, spreek, bestuur en werk (even kort door de bocht) met mijn hart, en mijn werk is dus teer. Ik probeer daar dus ook op te letten en niet al te snel in de verdediging te gaan, maar positief het gesprek op de aangeroerde punten te voeren. Maar dat inzicht mag ook van de andere broeders van de raad gevraagd worden. Laat u er niet toe verleiden om de zaak waarover u wilt spreken te vermengen met de persoon, en het hart van de persoon! Formuleer zorgvuldig en rustig; een ongeluk zit in een heel klein hoekje.

EEN DERDE

Bij het in het oog houden van al deze hierboven beschreven zaken en processen (nog met een x-aantal te vermenigvuldigen) is het zaak om op tijd te onderkennen op welk moment meningsverschillen onbeheersbaar dreigen te worden. Wanneer men dat moment voorbij is, rest vaak alleen nog het beroep op art. 31 KO. En geen enkele kerkelijke vergadering, hoe noodzakelijk ook om kerkelijke zaken in het goede kerkordelijke spoor te houden, is in staat om conflicten werkelijk op te lossen. Daarvoor moet men op de plaats zijn waar dat conflict zich afspeelt. Maar een classis kent een paar wijze predikanten; de visitatoren bijvoorbeeld; de kerken kennen een vertrouwenscommissie (jaar-boek 2003 blz. 177). En er is vandaag de dag een menigte aan deskundigen en bureaus, niet in het minst binnen de gereformeerde gezindte, om te helpen de zaken waarom het gaat te helder benoemen zonder dat daarbij harten gebroken worden, of namen beschadigd. Die kosten een paar (euro)cent, zeker. Maar wat kost een gemeente die kapot is gegaan? Er wat is ons als gemeente de naam van Christus in een van Hem vervreemde samenleving waard? De Here schenkt ons op dit gebied mensen met helder inzicht en gaven van zijn Geest. Laten we zeker op dit gebied deze hulp uit de hemel aangrijpen. Onze God werkt zelden rechtstreeks, maar vaak via mensen. Die Barnabas uit Hand. 15 was eerder al zo’n bruggenbouwer geweest tussen de discipelen en Paulus. Ze zijn er nóg!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.