+ Meer informatie

Speuren naar sporen van zondvloed

Laagdrempelig boek wapent reformatorisch volksdeel tegen on-Bijbelse geologie

8 minuten leestijd

Een intellectueel antwoord op de smaders van Gods Woord. Zo omschrijven drs. Hans Hoogerduijn en Jan Rein de Wit hun nieuwe boek "Zoeken naar de zondvloed". Het moet vooral jongeren wapenen tegen de gangbare geologie van de miljoenen jaren.

Een tentoonstelling over het ontstaan van Urk in het Urker museum gaf de aanzet tot het schrijven van "Zoeken naar de zondvloed". "Eigenlijk is het boek de nasleep van die expositie", vertelt Hoogerduijn, in het dagelijks leven docent aardrijkskunde aan het Greijdanuscollege in Zwolle.

Vanaf 1995 werken De Wit, werkzaam in de visbranche in Urk, en Hoogerduijn samen om een boek op de markt te brengen dat het ontstaan van de aardlagen verklaart binnen de Bijbelse tijdlijn van ongeveer 6000 jaar.

Detective

De auteurs houden onverkort vast aan de historiciteit van de Bijbelse geschiedenis. "Dat is voor ons de absolute waarheid, zoals de evolutietheorie dat is voor een evolutionist. Centraal staat de vraag: Hoe passen de geologische feiten binnen het raamwerk van de Bijbelse chronologie?" stelt De Wit, tevens voorzitter van stichting De Oude Wereld.

Een helder antwoord vereist veel studie. Hoogerduijn spit in zijn vrije tijd de wetenschappelijke publicaties -onder meer Science en Nature- in de bibliotheken van Leiden en Utrecht door. De Wit werkt zich door stapels boeken heen. "We moesten de harde feiten eerst lospellen uit de schillen van evolutionistische interpretatie, en deze vervolgens opnieuw interpreteren met de Bijbel in de hand. Dat voelde als een detectivestory."

Manuscript

Al snel schakelen ze grafisch kunstenaar Fokke de Vries uit Urk in voor het maken van de illustraties. "Visualisatie is belangrijk: een plaatje vervangt duizend woorden. We hadden zo veel informatie dat we zeiden: Dit moet goed verbeeld worden. Anders verdrinkt de lezer erin", aldus De Wit.

"Daarnaast leven we in een beeldcultuur", stelt Hoogerduijn. "Wetenschappers lezen eerst de voetnoten, maar de doorsneelezer zal veel steun hebben aan de illustraties. Die maken ons boek laagdrempelig en toegankelijk."

De Vries herinnert zich de beginperiode nog goed. "Jan Rein gooide zijn eerste manuscript bij mij in de brievenbus met een verzoek om mee te doen. Ik zag dat als een soort roeping. Ik ben dankbaar dat dit op mijn pad is gekomen."

Voor de grafisch kunstenaar begon daarmee een periode van intensieve samenwerking met beide auteurs. Hoewel hij zich nog altijd een leek voelt, heeft De Vries inmiddels veel geologische kennis opgedaan. "Dat kun je zien aan de illustraties. De eerste zijn allang vervangen door betere."

Paradigma

Het doel van het boek is vooralsnog toerusting van de achterban. "Die krijgt hiermee een Bijbels én wetenschappelijk verantwoord alternatief in handen als tegenwicht voor de wijdververbreide geologie die uitgaat van een geologische geschiedenis van miljoenen jaren."

De Wit denkt dat het vooral jongeren zal aanspreken. "Die zitten op het puntje van hun stoel." Hij sluit echter niet uit dat "Zoeken naar de zondvloed" ook de basis zou kunnen zijn van een wetenschappelijk creationistisch model dat -naast de evolutietheorie- in het onderwijs kan worden gebruikt. Maar dat is volgens de Urker pas aan de orde als de meerderheid van de bevolking lastige oorsprongsvragen gaat stellen.

De auteurs verwachten weinig aandacht van wetenschappers voor hun boek. "Ze zullen het negeren. Ze zitten opgesloten in het atheïstische paradigma van de evolutietheorie. Kritiek daarop is taboe. Ze hebben eenvoudigweg geen boodschap aan een geologisch model dat zich baseert op de Bijbel", vermoedt Hoogerduijn.

Keuze

"Ons boek is een intellectueel antwoord op de smaders van Gods Woord. Als de wetenschap -met de meeste theologen voorop- bepaalt hoe ik de Bijbel moet lezen, blijft er niet veel van over. Zij kiezen als uitgangspunt de seculiere wetenschap en niet de Bijbel. Helaas hebben velen die keuze gemaakt", verzucht De Wit.

Op dezelfde dag dat Darwins "On the Origin of Species" 150 jaar geleden verscheen, komt stichting De Oude Wereld vanavond in kerkgebouw de Ark in Urk met drie boeken. Hoogerduijn presenteert het boek "Zoeken naar de zondvloed". Het ligt daarmee echter nog niet in de boekhandel. "Omwille van de zorgvuldigheid geeft stichting De Oude Wereld eerst een beperkt aantal exemplaren van het boek uit. De kritiek die daarop komt, verwerken we in de definitieve uitgave die zo snel mogelijk op de markt moet komen."

Datzelfde geldt voor het tweede boek "Evolutie, een kritisch leerboek" van de Duitse microbioloog prof. dr. Siegfried Scherer en bioloog dr. Reinhard Junker. Het derde boek, "Terug naar de oorsprong", van moleculair bioloog Peter Borger is wel direct verkrijgbaar (325 pag.; ?19,95).

Hoogerduijn hoopt dat "Zoeken naar de zondvloed" dezelfde status krijgt als "De ark in de branding" van prof. dr. W. J. Ouweneel en "De zondvloed" van prof. dr. A. M. Rehwinkel. "Die belandden zo ongeveer bij elke kerkganger op de boekenplank."

oude-wereld.nl.


GEOLOGIE

Zinkende Titanic

Het boek "Zoeken naar de zondvloed" (De Oude Wereld, 2009) van drs. Hans Hoogerduijn en Jan Rein de Wit verdedigt een wetenschappelijke zondvloedtheorie, het "Zinkende Titanicmodel".

Zware meteorietinslagen hebben middelijkerwijze de zondvloed in gang gezet. In de oudste aardlagen zijn daarvan veel restanten terug te vinden. De meteorieten zouden gaten in de oceaanbodem hebben geslagen, waardoor deze in de lichtere aardmantel begon weg te zinken. De mantel kwam vervolgens omhoog, zodat het waterniveau steeg. Door de onderzeese hitte verdampte veel water, dat op het land viel als regen, veronderstellen de auteurs.

Opvallend genoeg gaf recent seismisch onderzoek aanwijzingen dat dichtbij de aardkern koude zones voorkomen, die bestaan uit resten van oude oceaanbodems.

De auteurs stellen dat alleen de aardlagen die in de geologie bekend staan als paleozoïcum, zijn ontstaan tijdens de zondvloed. De andere aardlagen dateren zij van de periode na de grote vloed, toen de aarde geologisch nog erg in beweging was; ze zijn ontstaan door plaatselijke tsunami's, aardbevingen en vulkaanuitbarstingen.

De auteurs baseren zich onder meer op het niveau van het zeewater, dat aan het einde van het paleozoïcum lager zou zijn geweest dan ooit.

Grafisch kunstenaar Fokke de Vries voorzag het boek van paginagrote illustraties, die de theorie toegankelijk maken voor de leek. De informatieve grafische weergaven zijn vaak een goede vervanging van de tekst.

De auteurs stellen zelf dat hun boek verhelderend kan zijn bij het bestuderen van Gods Woord. Zo biedt het een wetenschappelijk onderbouwd theoretisch model van de mogelijke gebeurtenissen in het Midden-Oosten in de periode na de zondvloed. Een model dat niet in strijd is met de letterlijke Bijbeltekst.


BIOLOGIE

Kritisch studieboek

In het boek "Evolutie, een kritisch leerboek" (De Oude Wereld, 2009) nemen de auteurs, dr. Siegfried Scherer en dr. Reinhard Junker, de bestaande evolutionistische theorieën onder de loep. Uitgangspunt daarbij zijn Bijbelse feitelijkheden en de huidige stand van de wetenschap.

Scherer is hoogleraar microbiologie aan de TU München, dr. Reinhard Junker is staflid van de organisatie "Wort und Wissen".

Micro-evolutie -waarbij "grondtypen" soortgrenzen niet overschrijden- kan op hun instemming rekenen: een rund blijft een rund, ondanks alle verschijningsvormen waarin dit op aarde voorkomt.

Macro-evolutie heeft hun sympathie echter niet. Volgens deze darwinistische hypothese zou vanuit een eerste cel zich al het plantaardig, dierlijk en menselijk leven hebben ontwikkeld. Ze toetsen de macro-evolutie aan alle mogelijk biologische principes, mechanismen en processen, en concluderen dat deze niet steunt op wetenschappelijk bewijs maar op een speculatieve theorie.

Vooral op het moleculaire niveau moet de macro-evolutie het ontgelden. Overeenkomsten in biologische structuren -zoals cytochroom c- of van verschillende stukjes DNA leiden tot een veelheid aan hypothetische afstammingslijnen. Bewijsbaar zijn ze geen van alle, stellen de auteurs.

Het boek gaat ook in op fossiele vondsten in de bodem. Deze stellen de evolutionist eerder voor raadsels dan de creationist, menen de auteurs. Zo laten de fossielen alleen volledig -en geen gedeeltelijk- ontwikkelde dieren zien. Ook duiden verschillen is schedelvorm en skelet erop dat de mens als soort volledig losstaat van de mensapen.

De lezer krijgt met het rijk geïllustreerde en zorgvuldig geschreven boek een complete cursus biologie op vwo-niveau, maar dan vanuit een duidelijk Bijbelse visie.

MOLECULAIRE BIOLOGIE

Darwinisme afgedankt

Het boek "Terug naar de oorsprong, of hoe de nieuwe biologie het tijdperk van Darwin beëindigt" (De Oude Wereld, 2009) van dr. Peter Borger licht de genetische basis van de micro-evolutie toe.

In het eerste deel maakt Borger korte metten met natuurlijke selectie als drijvende kracht achter macro-evolutie. Selectie kan volgens de auteur alleen plaatshebben als er iets te kiezen valt: Een hert met genetische informatie voor de vorming van een gewei moet eerst bestaan om selectie op geweigrootte te kunnen ondergaan en niet omgekeerd. De natuur kan de dieren pas daarna selecteren op de grootte van een gewei.

Natuurlijke selectie kan niet voor nieuwe informatie zorgen, die moet er vooraf zijn. Hij concludeert dat het selectiemechanisme conserverend is: het houdt voordelige eigenschappen bij bestaande soorten in stand.

Daarnaast ziet Borger overvloedig bewijs tegen Darwins evolutie, die in kleine stapjes zou verlopen. Waarom zou een mens muzikaliteit hebben ontwikkeld? Het is immers een nutteloze eigenschap. Bovendien is een klein beetje muzikaliteit zinloos, waardoor positieve selectie is uitgesloten.

De vele voorbeelden wijzen volgens de auteur op een intelligent ontwerp. Waarom hebben sommige zaden -zoals die van de Javaanse kalebas- bijzonder verfijnde aerodynamische vormen, zodanig dat mensen hun hoofd erover breken om ze te kunnen nabootsen bij vliegtuigen?

In het tweede deel van het boek "Terug naar de oorsprong" beschrijft Borger hoe de genetische informatie zich na de zondvloed op aarde heeft ontwikkeld. Zijn model noemt hij de "Generale en universele theorie over biologische verandering" (GUToB): De oorsprong van het leven kan niet in wetenschappelijke termen worden beschreven, het heeft geen naturalistisch begin. Leven is geschapen met zogenaamde pluripotente baranomen: genetische informatiedragers waarin alle variatie die later optrad binnen de soorten, was opgeslagen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.