+ Meer informatie

VERSCHEURD VERLANGEN

3 minuten leestijd

Deze bundel is uitgebracht naar aanleiding van de vijftigste verjaardag van het Contact Orgaan Gereformeerde Gezindte (COGG). Dit orgaan beoogt bij te dragen aan de eenheid tussen gereformeerde belijders, vertegenwoordigd door verschallende kerkverbanden. De kerken van gereformeerd belijden zijn verscheurd. Maar het verscheurde verlangt naar eenheid. Of moet je zeggen: zelfs het verlangen naar eenheid is verscheurd? Want de doelstelling van het COGG blijkt in het eerste deel van deze bundel, een overzicht van vijftig jaar COGG (geschreven door RA. van Lieburg), niet eenvoudig realiseerbaar.

Het tweede deel van de bundel bestaat uit een in 1964 door ds. G. Boer gehouden lezing over kerkelijk eenheid: deze was op sommige punten profetisch en is op andere punten nog volstrekt actueel. Hij stelt scherpe vragen aan zowel de Nederlands Hervormde Kerk als aan de afgescheiden kerken: Waarom is de gezindte één, maar de kerk niet? Kan dat eigenlijk wel? En als dat niet kan, hoe moet die eenheid er dan komen? Hij waarschuwt tegen een door menselijke organisatie tot stand gebrachte eenheid. Roeping en afhankelijkheid, wat een spanningsveld…

In deel drie geven de di. P.D.J. Buijs, W. Visscher, A. de Snoo, A.J. Mensink en P.L.D. Visser een reactie op Boer en trekken ze lijnen door naar vandaag. Stuk voor stuk mooie bijdragen die het boek tot een steeds spannender wordend geheel maken. Het meest prikkelend is wellicht de bijdrage van ds. Mensink, die scherpe vragen plaatst bij de prediking in de gereformeerde gezindte (blz. 158v) en tevens bij het bestaansrecht van de afgescheiden kerken (blz. 162v). Naast veel herkenbaars steekt dat laatste ook een beetje. Voelen we ons bij de tekening nu helemaal recht gedaan?

De manier waarop Mensink soteriologie (de leer van de genade) en ecclesiologie (de leer van de kerk) op elkaar betrekt door ‘de rechtvaardiging van de goddeloze’ tot brandpunt van deze ellips te maken, roept vragen op. Een ellips heeft namelijk twee brandpunten! Er is een verhouding tussen beiden, maar ze liggen niet op dezelfde plek. Kan de leer van de ‘rechtvaardiging van de goddeloze’ zomaar op dezelfde wijze worden toegepast in de ecclesiologie als in de soteriologie? Komen we dan niet in conflict met artikel 28 en 29 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis? Hier kunnen over en weer natuurlijk vragen aan worden toegevoegd: Was de toenmalige Nederlands Hervormde Kerk dan een valse kerk? En: is de Afscheiding ook niet door die kerk zelf in gang gezet? Of: ziet Mensink het, doorredenerend, dan niet als een roeping terug te keren naar de Rooms Katholieke moederkerk? Hier ligt nog gespreksstof open.

Ook roept het vragen op dat Mensink als centrale notie binnen de kerk wel de sacramenten noemt, maar niet de tucht! Is die omissie niet veelzeggend voor de verschillende posities waarop afgescheidenen enerzijds en de PKN anderzijds zich bevinden (maar: wat is nog over van onze eigen ‘afgescheiden’ handhaving van de tucht)? Aangelegen vragen!

De antwoorden die ds. Visser in zijn bijdrage aanreikt, lijken ter zake: Terug naar de gereformeerde gehoorzaamheid als het gaat om katholiciteit! We hebben samen een weg te gaan om vorm en inhoud van de gereformeerde kerk terug te brengen tot Gods bedoeling. Die zoekend en elkaar zoekend vanuit de Schrift. Het moet van verscheurd verlangen naar gerealiseerde gehoorzaamheid. Om Christus’ wil!

N.a.v. I. A. Kole (red.), Verscheurd verlangen. De uitblijvende eenheid van de gereformeerde gezindte, Uitg. De Banier, Apeldoorn 2013, 207 blz., € 14,90.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.