Bekijk het origineel

Een brief van Olevianus, den medeopsteller van den Heidelbergschen Catechismus, geschreven kort na de uitgave van denzelven.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een brief van Olevianus, den medeopsteller van den Heidelbergschen Catechismus, geschreven kort na de uitgave van denzelven.

(Uit het Latijn vertaald, met eenige aanteekeningen.)

4 minuten leestijd

Den voortreffelijken en waarachtig getrouwen dienstknecht Christi Dr. HEINRICH BULLINGER, dienaar der Kerk te Zurich, mijnen achtenswaardigen Heer!

Genade en vrede zij U! Ik breng U mijnen dank, eerwaardige vader en broeder in Christus voor het mij toegezonden boek, en ik zend U wederkeerig een geschenk t. w. onzen Catechismus, in het Latijn en Hoogduitsch 1). Als duidelijkheid en helderheid daarin aanwezig is, zoo danken wij dit voor het meerendeel aan U en aan de schitterende talenten der Zwitsers 2).
Doch de roem komt Gode alleen toe. Hier zijn niet alleen de godvruchtige gedachten van eenen enkelen, maar die van vele personen bjjeengebracht 3). Het was inderdaad een verzuim, dat onze Catechismus U niet eer is toegezonden, doch ik wilde niet door te haastige toezending van mijne gave het prijzenswaardige doen van mijne collega's, vooral niet van Erastus, vooruitloopen. Evenwel, hoe de zaak ook zij, ik zend U deze boekjes in onzer aller naam. Ik ben zeer verlangende naar Uw oordeel. Waarlijk, met dit boekje predikt onze vorst aan vele koningen en vorsten, aan wie hij daarbij eigenhandige brieven gezonden heeft 4). Het Evangelie wordt in waarheid met een mosterdzaad vergeleken 5). De Heere geve Zijnen zegen. Amen De vrede in Frankrijk is gewis gesloten en aan den Prins van Condé het bestuur over het rijk toebetrouwd 6). Dit schrijf ik U in haast, en verzoek U, het vriendelijk te willen opnemen. Vaarwel, hooggeachte man!
Ik bid God, dat Hij U nog zeer lang ten dienst Zijner Kerk beware. Bid ook voor mij, zooals Gij bij ons afscheid voor mij gebeden hebt, dat God mij de gave der helderheid schenken moge 7); bid Hem, dat Hij Zijnen geringen dienstknecht de gaven genadiglijk vermeere. Vaarwel!
Den 14. April 1563. CASPAR OLEVIANUS.


AANTEEKENINGEN.

1) De Catechismus verscheen in eerste uitgave in het begin van het jaar 1563 ; derhalve is deze brief waarschijnlijk slechts eenige maanden na het verschijnen van dit gewichtige boek geschreven.
2) Hier wijst Olevianus, naar onze meening, in de eerste plaats op den Catechismus van Calvijn, waaruit in den Heidelbergschen Catechismus veel is opgenomen, maar ook op werken van andere Zwitsersche hervormers.
3) Om deze reden wordt de Catechismus meermalen vergeleken met het Corinthische erts, dat uit vele edele metalen werd te zamen gesmolten.
4) Deze vorst is Keurvorst Frederik III van de Palts, die, zooals bekend is , de uitgave van den Catechismus veroorzaakte. Hoo aangrijpend en roerend is het, dat een Duitsch vorst de toezending van eenen Catechismus aan koningen en hooggeplaatste personen als eene gewichtige staatsaangelegenheid behandelt. De religie was in den tijd der reformatie het middelpunt van alle handelingen, ook bij de vorsten en koningen, en de geest des tijds was toen een geheel andere dan in onze dagen, waar men voor tegenstanders van den godsdienst gedenkteekenen opricht.
5) Olevianus schijnt de groote beteekenis van dit boekje te hebben vermoed, en waarlijk, de Heidelbergsche Catechismus is een mosterdzaad, dat tot een boom opgegroeid is, onder welks takken menige afdeeling der naar Gods Woord gereformeerde Kerk gewoond heeft en nog woont. Wie kan de gemeenten tellen, waar deze Catechismus als openbaar leerboek ingevoerd werd? Wie kan de millioenen menschen tellen, die hem van buiten leerden ? Wie is in staat te berekenen, hoeveel millioenen leerredenen er over den Catechismus gehouden zijn ?
En onmetelijk is het aantal boeken, die over den Catechismus geschreven zijn, alsmede van de verklaringen, uittreksels, uitbreidingen, ontledingen, de verdedigings-en tegenschriften, de lofredenen en lasterschriften !
6) Hier is stellig de vrede van Amboise bedoeld (1563), die, hoewel voor een korten tijd, aan den godsdienstigen burgeroorlog in Frankrijk een einde maakte.
7) Wij hooren hier ten tweedemale in dezen korten brief, welk gewicht de hervormer op de gave der helderheid en duidelijkheid legde. Diep treffend is het te vernemen, hoe Olevianus den voortreffelijke!! Bullinger verzoekt voor hem den Heere der Kerk om deze gave te bidden. Juist aan deze gave der helderheid, door den Heere genadiglijk geschonken, is het te danken, dat de Catechismus thans meer dan 300 jaren voor duizenden gemeenten leeraar en onderwijzer gebleven is, dat hij noch wat den inhoud, noch wat den vorm aangaat, verouderd is, maar dat hij groen en frisch is gebleven tot op den huidigen dag, en nog zijne werking doet in Nederland en Duitschland, in Zwitserland en Hongarije, in Europa en Amerika, ja tot aan het einde der aarde. De roem echter daarvan verblijve alleen den Heere, die het werk dezer jeugdige Heidelbergsche Professoren [Ursinus was 28 jaar, en Olevianus slechts 26 jaar oud, toen dit leerboek verscheen] als een levend, macht uitoefenend werk heeft tot stand gebracht, terwijl duizende en nogmaals duizende boeken en werken van andere professoren en geleerden in het stof van bibliotheken begraven liggen zonder hoop van opstanding.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 juni 1888

Amsterdamsch Zondagsblad | 6 Pagina's

Een brief van Olevianus, den medeopsteller van den Heidelbergschen Catechismus, geschreven kort na de uitgave van denzelven.

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 juni 1888

Amsterdamsch Zondagsblad | 6 Pagina's

PDF Bekijken