Bekijk het origineel

Aanteekeningen op Exodus 16.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Aanteekeningen op Exodus 16.

6 minuten leestijd

I. HET VERHAAL, Hoofdstuk 16. De derde legerplaats van Israël in de woestijn.
I I . HET ALDAAR VOORGEVALLENE.
A. De a a n l e i d i n g er toe, Vers 2 en 3.
B. Gods w o o r d e n tot Mozes, Vers 4 en 5
C. Wat Mozes en Aaron g e d a a n en g e s p r o k en h e b b e n
D. De v o o r b e r e i d e n d e r e c h t e r l i j k e h a n d e l i ng v a n God ten a a n z i e n van I s r a ë l.
a. Het volk voor den Heere geroepen, Vers 9;
b. verschijning der heerlijkheid Gods in de woestijn, Vers 10;
c.' Gods toespraak tot Mozes als den voorspreker des volks.
E. Het b e l o o f d e v l e e s c h en brood wordt geg e v e n , Vers 13 en 14.
F. O n d e r w i j s o m t r e n t het manna:
a. Wat het was, Vers 15.
b. Hoeveel zij dagelijks verzamelen moesten, Vers 16 ;
1. het gebod, Vers 16;
2. de gehoorzaamheid, Vers 17;
3. de vrucht er van.
c. Een verbod: er niets van over te laten;
1. de ongehoorzaamheid;
2 de straf en het gevolg er van.
d. Op welken tijd van den dag men het inzamelen moest.
e. Dat op den zesden dag een dubbel deel moest verzameld worden, en ten zevenden dage daarvan moest gegeten worden.
f. Slot van de beschrijving' van het manna, Vers 31.
G. Het b e v e l Gods, om e e n g e d e e l t e er van te b e w a r e n :
a. Een algemeen, aan Mozes gegeven.
b. Een bijzonder, aan Aaron opgedragen.
c. De uitvoering er van.
H. H e t s l o t d e r g e s c h i e d e n i s:
a. Hoe zij het aten.
b. hoeveel een gomer was.
E e n i g e b i j z o n d e r h e d e n b e t r e f f e n d e h e t m a n n a:
1. De toereikende voorraad, zelfs overvloed voor 1 500 000 menschen.
2. Op den zesden dag meteen voor den zevenden.
3. Des winters zoowel als des zomers.
4. Het eenige brood of de eenige spijze tot onderhouding des lichaams, voor kinderen en ouden, voor zieken en gezonden.
5. Dat het voor de zon versmolt, door het vuur echter zoo hard werd, dat het in een mortier fijngestooten kon worden.
6 Dat, ofschoon het spoedig bedierf, en reeds den derden dag stonk, nochtans de kruik met manna eeuwen lang in de a r k e des Yerbonds zonder bederf gebleven is. —
Noch te voren, noch daarna is ooit dezelfde spijze weder gevonden geworden. Het was den kinderen Israëls onbekend. Paulus noemt het eene geestelijke spijze. (1 Cor. 10 )
G e l i j k h e i d of o v e r e e n s t e m m i n g m e t C h r i s t u s.
1. In den naam: Wat vraagt gij toch naar Mijnen Naam, die „wonderlijk" is?
2. De gedaante, — rond, beeld der volmaaktheid, volheid, eeuwigheid, Col. 1 : 1 9 , Hebr. 7 : 5, — zeer klein, als de rijm, Ex. 16: 14, als korianderzaad, Jes. 53, Filipp. 2 : 7 , als een tarwegraan, Joh. 12: 24, wit (blank), als de bedola, d. i. als een edelgesteente, of een parel, of een helder doorschijnend kristal. Christus, de Heilige Gods, Ps. 4 5 : 3 ; wit en rood — Zijne heerlijkheid, Joh. 1 : 14.
3. Uit den hemel nedergedaald, en toch ook te voorschijn gebracht uit den dauw der aarde.
4. Het viel op de aarde in de woestijn rondom het leger der kinderen Israëls.
5. Israël had zulk eene weldaad niet verdiend.
6. Gegeven, toen de nood aan den man kwam.
7. Gezien in den morgenstond, 2 Sam. 23 : 4 ; Jes 21 : 12.
De nacht is voorbijgegaan en de dag is gekomen.
8 Het was er iederen morgen, Zef. 3 : 5
9. Op den zesden dag wordt het verdubbeld, op den zevenden niet gevonden. Christus in het graf.
H o e m e n h e t v e r z a m e l t en b . e w a a r t.
1 Het viel zonder Israëls toedoen. — De zaligheid heeft God bereid voor het aangezicht van alle volkeren
2. Israël moest echter uitgaan en het manna verzamelen. „Werkt om de spijze, die niet vergaat."
3. En wel vroeg in den morgenstond. „Zoekt den Ileere, terwijl Hij te vinden i s " Jes. 55; Ps. 3 2 : 6 . „Heden, zoo gij Zijne stemme hoort "
4. Uitgaan buiten de legerplaats. Hebr. 13 : 13; Ps. 45 : 11.
5. Het was voor alle Israëlieten Matth. 11 : 28 : „Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt".
6 Een iegelijk kreeg zijne maat. 1 Cor. 12.
7. Die veel verzamelde, hield niets over, en deelde met dengene, die weinig had Gemeenschap der heiligen, — »zijne gaven ten nutte en ter zaligheid der anderen aanleggen".
H e t g e b r u i k:
Het moest gegeten worden, opdat men zou leven, wassen en toenemen. Joh. 6 : 55.
De toebereiding , om tot eene aangename spijze te dienen: gestampt, geroosterd, gebraden, gekookt. Ps. 69 : 10; Jes. 53 : 5.
De smaak: het was niet slechts voedzaam, maar ook aangenaam en zoet van smaak, als olie, zoet als honing, Ps. 19 : 11.
Toereikend voor allen, voor iederen leeftijd, en zij hadden geene andere spijze noodig. Christus is alles iu allen, en in Hem zijt gij volmaakt Het voedde niet, als men het niet at, — indien men zoodanige weldaad niet met een geloovig hart aanneemt.
Steek de hand des geloofs uit, doe den mond van het verlangen wijd open, en eet, als gij honger hebt. Israël at ook tot verzadiging en tot den wasdom des lichaams, tot het opwassen in de kennis en de genade van Christus.
Gezond voedsel, — het diende ook tot geneesmiddel. Gij eet, — door Godvruchtige overdenking, — door het geloof, — door liefjesoefeningen omtrent Jesus, — daardoor, dat men de verzekering ontvangt, deel aan Jesus te hebben.
Hoe lang duurt deze spijze?. . .
Gomer is eene maat van droge veldvruchten, het tiende gedeelte van eene Epha bevattende. Gomer is afgeleid van het Hebreeuwsche wortelwoord "löl? i. e. superne existit; texit penitus aliquid ae mersit; Epha, van het wortelwoord HEJ i. e. cumulavit; complevit: consummavit. (Scheidius, lexicon Ilebraicum s. v.) H. F. K.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 27 november 1892

Amsterdamsch Zondagsblad | 11 Pagina's

Aanteekeningen op Exodus 16.

Bekijk de hele uitgave van zondag 27 november 1892

Amsterdamsch Zondagsblad | 11 Pagina's

PDF Bekijken