Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gedachten.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Gedachten.

3 minuten leestijd

Al!e Christenen moeten dit voor vast en zeker houden: dat een proces, ofschoon het rechtvaardig is, nimmer van iemand behoorlijk kan gevoerd worden, tenzij hij zijne wederpartij bejegene met zulk eene liefde en goedgunstigheid, alsof de zaak, die in geschil is, in der minne ware afgedaan en beslecht.
__________
Het eerste ambt der onderdanen omtrent hunne overheden is, dat zij een hoog en eerbiedig gevoelen hebben omtrent derzelver staat eu bediening, bekennende dat die staat en dienst is gelijk als eene commissie en bevoegdheid, hun van God gegeven, en dat zij daarom hunne overheden als Gods dienaars en stedehouders eeren en met eerbiedigheid bejegenen moeten.
Want men vindt sommige menschen, die aan hunne magistraten genoegzame gehoorzaamheid bewijzen, en niet gaarne zouden zien, dat er geene Overheid was, om hen te regeeren, overmits zij weten en verstaan, dat zulks zoo nuttig en oorbaar is voor het gemeene welvaren, — en niettemin van de magistraten geen ander gevoelen hebben, dan dat zij zijn een noodzakelijk kwaad, hetwelk men niet kan ontberen. Maar Petrus eischt iets meer van ons, wanneer hij den koning wil geëerd hebben, en Salomo, wanneer hij gebiedt God te vreezen en den koning.
Want Petrus begrijpt onder het woord eeren een oprecht en goed gevoelen, hetwelk wij van de Overheid hebben moeten; en als Salomo den koning met God te zamen voegt, zoo wijst hij aan, dat den koning eene zekere heilige eerbiedigheid en waardigheid toekomt. Zeer voortreffelijk is ook de titel, dien Pau'ius den magistraten geeft, wanneer hij zegt, dat wij moeten gehoorzamen niet alleen om der straffe wil, maar ook om der conscientiën wil. Waarmee bij beduidt, dat de onderdanen niet alleen moeten bewogen worden, om te blijven onder de gehoorzaamheid van hunne vorsten en overheden uit eenen schrik en vreeze voor de straf, die zij anders zouden hebben te verwachten, maar ook dat de gehoorzaamheid, die hun geschiedt, God Zelf bewezen wordt, dewijl hunne macht van God is. Ik spreek niet van de personen, even alsof dwaasheid of snoodheid of wreedheid en manieren, die vol zijn van oneerlijkheid en boosheid, door het kleed van staat en hoogheid bedekt worden, en alzoo de ondeugden den lof van deugden moesten verkrijgen, maar ik zeg, dat de staat en orde der Overheid zelf eer en eerbiedigheid waardig is; zoodat alle magistraten bij ons in aanzien en achting zijn en vanwege hunne heerschappij eere ontvangen en hebben moeten.
__________
Indieu men de Overheid niet kan wederstaan, zonder God meteen te wederstaan, zoo staat het vast, dat, ofschoon men schijnt eene ongewapende Overheid zonder vrees voor straf te mogen versmaden, God nochtans gewapend is, Die Zijne verachters niet zal ongestraft laten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 15 januari 1899

Amsterdamsch Zondagsblad | 8 Pagina's

Gedachten.

Bekijk de hele uitgave van zondag 15 januari 1899

Amsterdamsch Zondagsblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken