Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 164

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 164

2 minuten leestijd

162 dan Maria de apostelmoeder, heel anders dan Maria van Jeruzalem. Ze openbaart een eigen kracht, en een kracht, die steeds in de gemeente Gods werkzaam moet zijn. Een vrouw die Jezus waarlijk liefheeft, moet al het hare op zijn altaar offeren, en dus ook den invloed, waarover ze als vrouw van positie beschikt. Jezus heeft er recht op, dat; waar zoo menige vrouw, die hem niet liefheeft, al haar vrouwelijken invloed bezigt, om zijn gemeente te schaden, die andere vrouwen, die hem wèl aanhangen^ dan ook haar invloed krachtdadig aanwenden, om den bloei van zijn heilige zaak

te bevorderen.

Ook

hier schuilt een talent, dat

wordt begraven

;

een

gave die

maar

niet

al

aarde een kracht

te dikwijls in de

opgewekt wordt

;

die slaapt.

De vrouw behoeft daarom niet uit haar huis te loopen, noch ook zich af te sluiten van de wereld. Maar wel kan ze uit liefde voor haar Heiland er op zinnen, hoe ze in heel haar omgeving, op ouderen en jongeren, in zal werken, om alle dingen wel te schikken voor haar Heere. Maria was daarom nog volstrekt niet, wat men in slechten zin een intrigante noemt. Alle loosheid blijve steeds buitengesloten. Maar gelijk de vrouw, als het belang van man of kind op het spel staat, soms zoo vindingrijk is en energiek optreedt, zoo ook moet ze voor de zaak haars Heer en arbeiden, door alle toetsen van het klavier te bespelen, waarover ze in hare omgeving beschikt.

XXIV.

ik mij in gedachtenis breng het on veinsd geloof dat in u is, hetwelk eerst

Als

gewoond heeft in uwe grjotmoeder Loïs en uwe moeder Euni'ce, en ik ben verzekerd dat het ook in u woont. 2 Tim.

1

:

5.

de grootmoeder. Zij wijst ons op de eigenaardige beteekenis, grootmoeder in het famiheleven heeft ook in geestelijken zin. Loïs was een geloovige vrouw geweest. Toen Paulus zijn tweeden zendbrief aan Timotheüs schreef, was ze waarschijnlijk reeds overLoïs

die een

is

;

leden. Hij zegt toch, dat het ongeveinsd geloof in Loïs gewoond /?<r>(?/ï^. Maar al is ze reeds voor kort of lang gestorven, de vrucht van

haar leven werkt nog na. Blijkbaar toch stelt de H. Apostel zeker verband tusschen het geloof, dat nu in Timotheüs uitblonk, en dat voor hem geschitterd had in zijn moeder Eunice, en vóór haar weer in Loïs.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 164

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

PDF Bekijken