Bekijk het origineel

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 118

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 118

2 minuten leestijd

Maar ongelukkigerwijs kwam dit uit. Van de muren en uit de waclittorens werd

natuurlijk scherp toegekeken, om alle gemeenschap tusschen David en zijn achtergebleven vrienden te voorkomen. En nu zag een jong soldaat die dienstmaagd na ontdekte met zijn scherpe oogen, dat ze bij den Eogelput met twee mannen gesproken had en dat deze twee mannen daarna plotseling wegliepen. Hij blies daarop alarm. De poort ging open. En een patrouille van snelloopers werd dezen mannen nagezonden. Alles hing dus aan een zijden draad. Waren Jonathan en Ahimaaz ingehaald was daardoor geen bericht uit Jeruzalem naar David gekomen en was het Absalom gelukt, bet legerke van David onverhoeds in het open veld te overvallen, dan zou naar menschelijke bei-ekening Davids leger weg zijn geweest, en Absalom stellig niet geaarzeld hebben, zijn vader om het leven te brengen. ;

;

;

;

Doch wat

gebeurt'?

Jonathan en Ahimaaz zagen om, en merkten dat ze vervolgd werden. Daarom liepen ze wat ze konden maar zouden het op den duur toch niet tegen Absalom's snelloopers hebben uitgehouden. ;

ze daarom bij het dorpje Bahurim kw^amen, en daar in een aan den weg een breeden put, zonder water zagen, wisten ze niet beter te doen, dan zich ijlings, eer de vervolgers kwamen, in dien put te verstoppen. Toch zou hun dit niet gebaat hebben want van den weg af was te zien, dat ze in den put zaten. En zoo waren ze stellig verloren geweest, zoo David in datzelfde Bahurim niet stille, verborgen vrienden had gehad, en zoo niet een vrouwken in Bahurim hem met hart en ziel genegen ware geweest. Het geval wilde namelijk, dat de tuin, waarin die put was, hooi-de aan een man, wiens vrouw even trouw aan Davids zaak, als gewikst in haar handelingen was. Zoodra toch als zij, misschien door de traliën van haar venster, merkt, dat Jonathan en Ahimaaz daar komen aanrennen en in den put springen, doorziet ze op eens wat er gaande is. Ze begrijpt dat die twee mannen moeten gered worden, en dat ze toch, als ze zóó in dien put blijven, gewisselijk kinderen des doods zijn. En nu is denken en doen bij haar één; en in minder dan geen tijd trekt ze een stuk zeildoek uit huis naar dien put; overdekt er heel de opening meê; en heeft de handigheid, een half mud

Toen tuin

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

Vrouwen uit de Heilige Schrift - pagina 118

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1898

Abraham Kuyper Collection | 264 Pagina's

PDF Bekijken