Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 66

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 66

3 minuten leestijd

54

De tegenwoordig zoo sterke neiging, om naar de steden te trekken, en de bevolking der groote steden tot honderdduizenden, ja tot millioenen, te doen aanwassen, is alzoo wel verklaarbaar, maar mag van de zijde der Christenen niet worden aangemoedigd. Immers wat thans vooral die neiging voedt, is niet de zucht, om den hoogeren standaard van het leven mee te doorleven, gelijk die alleen in onze steden gevonden wordt, maar veelmeer de zucht, om zich in de menigte te kunnen verliezen, en daardoor vrijer in zijn bewegingen te zijn, en zich voorts de gelegenheden voor allerlei zingenot te kust en te keur geopend te zien. Niet om hooger te leven, maar om ruimer te genieten, trekt, wie er middelen voor heeft, naar de groote steden toe, en zoo worden de kleine steden al meer ontbloot van die er oudtijds thuis hoorende famihën, die er het leven veredelden, en het platteland almeer verstoken van die aloude landheeren, die juist door in het midden van hun volk te wonen, oudtijds de landbevolking veelszins tot een zegen waren.

Aan

die zucht

nu mag

onzerzijds niet

worden toegegeven. Wie

vrij

en onafhankelijk zijn woonplaats te kiezen heeft, ontwijkt, o, zooveel verzoeking en verleiding en kweekt zooveel gemakkelijker vromen zin onder de zijnen aan, zoo hij het zondig gewoel der steden mijdt, en zich blijft aansluiten aan het zooveel deger volk, dat ge bij voorkeur ten platten lande vindt. Zijt ge daarentegen niet vrij in uw keus, en heeft Hij, die over de plaats onzer woningen beschikt, u te midden van het stadsleven uw werkkring aangewezen, dan verwekke dat stadsleven Gods kinderen, zoo voor zich als voor hun kroost, tot dubbele waakzaamheid, en tot verveelvuldiging van het gebed. De stroom, die in zulk een stadsleven gaat, zuigt zoo sterk, en wee onzer, zoo we voor ons zelven, of voor ons huisgezin, waanden, dat de verzoeking op ons geen vat zou kunnen hebben. In elke stad moet de belijder van den Christus in heel het leven één levend protest zijn tegen den onheiligen geest, die vaak onze steden verpest. Ook het Christelijk leven kan in onze steden hooger staan dan op onze dorpen. Het is rijker, het is meer gespannen, het ontwikkelt rijper kracht. Maar dit schoone doel is alleen te bereiken, indien de kinderen Gods zich klaar en helder van hun positie, en het gevaar dat dreigt, en van hun hooger roeping bewust zijn. Niet zij moeten zich laten vergiftigen door het stadsleven, maar elk door zijn persoon, door zijn optreden en door zijn gezin, als een zuurdeeg zijn te midden der massa; zout, dat het bederf weert. Een vaste regel, die voor een iegelijk doorgaat, is dus ook hier niet gegeven.

Ook Gods kind kan

te

midden van het stadsgewoel

tot

hooger

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 66

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

PDF Bekijken