Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 175

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 175

2 minuten leestijd

163 of er mengt zich een vloek in. Maar spreken thans alleen van thans rusten. ligt. menschen onder de taal onze die in de verzoeking verzoeking om De velerlei. weer intusschen verzoeking is Ook die verzoeking om te tergen en liegen, de verzoeking om te vleien, de te zooveel meer. Maar ook de verzoeking om te haastig in woorden te en dit vooral wraakt Gods Woord als we in Spreuken 29 20 zijn, lezen: „Hebt gij een man gezien, die haastig in zijn woorden is, van een zot is meer verwachting dan van hem." Vooral tegen deze verzoeking dient dan ook gewaarschuwd, met

tien volzinnen

kunnen uitspreken,

deze verzoeking laten

We

we

:

name

den gewonen huislijken omgang.

in

min of meer vreemd terrein, onder menschen met wie men minder gemeenzaam is, bindt men zich van zelf min of meer in. Dan is het spreken meer aan beleefden vorm gebonden. Dan bedenkt men zich, eer men iets zegt. Soms zelfs heeft men dan eer te klagen, dat het woord te traag loopt, dan dat het te haastig het openbaar, op

In

uitkomt.

den gewonen omgang van het huislijk leven, in den kring zich thuis en op zijn gemak gevoelt, als geen vormen ons binden, en het woord vrij kan uitgaan, dan, ja, is de verzoeking maar al te groot, dat het woord den teugel afwerpt, de maat te buiten gaat, en te 'haastig uitkomt, om in drift, in uitgelaten dwaasheid of in alle perk te buiten gaande gemeenzaamheid, uit te flappen, wat in had moeten blijven, en te maken dat de onnadenkende zich zelven voor-

Maar

waarin

in

men

bijspreekt.

nu keert de ordinantie, die God voor de taal, voor uw menschelijk gaf, om. Zijn ordinantie toch is, dat er eerst zou zijn de gedachte, dat" daarna die gedachte zich als de ziel in het woord zou heli-

Dit

woord

en chamen.

naar Gods ordinantie, uw hart, uw hoofd spraakorgaan moet knecht zijn en dienen. Doch feitelijk keert men nu vaak die orde om. Dan ontmoet ge menschen, die men wel eens moulins a paroles, d. i. woordmolens noemt. Bij wie de tong vanzelf spreekt, en altoos maar doorspreekt, en ratelt; dat ze is als een molen die door den vang liep, of als een klok die aldoor tikt. Een eindelooze vloed van klanken en een druppeling van woorden, die u zeeziek maakt en u vermoeit. Dan beheerscht niet de ruiter het paard, maar het paard, hier de ratelende tong, loopt met zijn ruiter weg, en wat ge hoort is niet meer de uiting van een warm hart of een helder hoofd, maar een lekkende goot, die niet te stoppen is. Nu schijnt dit, als het niet te ver gaat, soms een groot gemak.

uw spreken moet Bij heerschen, en uw woord,

uw

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 175

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

PDF Bekijken