Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 137

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 137

2 minuten leestijd

125 verkwisten van het geld zoolang het er is, om als het er niet meer is, op anderer goeddadigheid te gaan leven. En wat niet minder geoordeeld is, en waar toch zoovelen in uitglijden, het is dat meer uitgeven dan men ontvangt, niet omdat men er niet van leven kon, maar omdat men zegt er niet van te kunnen leven naar zijn ingeheelden stand of zijn denkbeeldige behoefte. Woning, kleeding en voeding is onmisbaar, en als daar de „rekening van ontvangsten" niet goed voor is, dan steekt er in het zoeken van hulp schade noch schande. Dan moogt ge anderer hulp inroepen. Dan moet ge om Gods wil geholpen worden. Maar wat daarboven is, komt u niet toe, als uw God het u niet geeft, het u niet toebeschikt, het u niet in huis zendt. Ge kunt niet uw inkomen naar uw uitgaaf, ge moet uw uitgaaf naar uw inkomen regelen, en al wie dit van der jeugd af stipt en strengelijk deed, is nooit in de klem gekomen, en heeft zich toch

dat

nooit

De

arm

gevoeld.

tering naar de nering.

Een koopman moet geregeld boekhouden, omdat der menschen wet het van hem eischt, maar ook elk Christen moet terdege boekhouden omdat de wet zijns Gods het hem oplegt, en opdat straks niet de Naam zijns Gods om zijn slordigheid gelasterd worde. Zoo moet de man als hoofd van zijn gezin doen, en de vrouw voor haar huishouden, en de dienstbode

in

haar keuken, en elk kind van

inkomsten. Altoos rekening, en nooit er slordig op toeleven. Dit hebt ge zelf in practijk te brengen, en bij uw kinderen er in te brengen, opdat bij een volgend geslacht de slapheid des levens niet nog verder ga, en niet nog banger slachtoffers vordere. Want vergeet niet, juist dat luchthartig omspringen met de rekening van ontvangst en uitgaaf, heeft reeds zoo menig gezin eerst jammer en angst doen doorleven, en ten slotte in den grond geboord.

zijn kleine

En wat ge óók niet moogt vergeten, in den grond der zaak is alle rekening en alle verantwoording één. Daarom spreekt onze Belijdenis en onze Catechismus zoo gedurig over de rekening die wij met onzen God hebben. En nu heeft geestelijke slapheid er wel op gesmaad, dat ge bij uw God niet van betalen moet spreken, dat zijn liefde veel te hoog en zijn barmhartigheid te oneindig is, om het platte denkbeeld van betalen op uw verhouding tegenover den Heilige toe te passen maar spreekt ;

dan de

Schrift niet zelf van

een rantsoen?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 137

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

PDF Bekijken