Bekijk het origineel

Als gij in uw huis zit - pagina 75

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Als gij in uw huis zit - pagina 75

2 minuten leestijd

63 één, dat het moedwillig leger hen met spot en hoongelach ontvangen, en hen óf opzij dringen óf om hun bemoeizucht den kop voor de voeten zou leggen. Ge weet het, om een menschenleven meer of minder gaf men in die dagen niet bijster veel. Toch schrikt geen gevaar hen af. Ze trekken met hun vieren de poorte van Samaria uit, ze gaan den heirweg, waar het leger langs moet komen, en zóó als ze het leger in het gezicht krijgen, treden ze kloek en dapper op. Ze smeeken niet, maar eischen, en zeggen kort en goed: „Gij zult deze gevangenen hier niet inbrengen. Het zou een schuld tegenover den Heere over ons zijn. Onze schulden zijn reeds zoo vele. Zoudt gijlieden ook dezen gruwel nog tot onze zonden willen toedoen?" En zie, wonderlijk is de uitwerking van dat manmoedig optreden. Heel het leger gaat voor die vier mannen uit den weg. Ze houden halt. Ze staan als verbijsterd. En al de optrekkende bataljons laten op staanden voet niet alleen de tweemaal honderd duizend gevangenen maar staan ook hun onmetelijken buit, dien ze geroofd hadden, los, aan dit viertal mannen af.

God heeft hun En nu slaat de

kloekheid gezegend. geest van heel het leger om. Het is of de generaal en verdere officieren hebben afgedaan, en in een oogwenk stellen allen zich aan Azaria met zijn drie vrienden ten dienste, en in plaats van Samaria jubelend binnen te trekken, vangt er onder den blooten hemel een heilig werk der broederlijke liefde aan. Lees slechts wat er zoo schoon en teeder in de Schrift van vermeld staat: Zij namen de gevangenen bij de hand, en kleedden al hun naakten van den roof. Zij kleedden hen, en schoeiden hen, en spijsden hen, en drenkten hen. Zelfs als tot overmaat van liefde, zalfden ze hen. En toen zett'en ze hen op ezelen, voor zooverre zij te zwak waren om te loopen, en voerden alzoo deze tweemaal honderd duizend mannen, vrouwen en kinderen, als in den jubel der liefde, naar Jericho, de Palmstad, bij hun broederen terug. En eerst toen dat liefdewerk aan de broederen voleind was, toen trok het overwinnend heir, met Azaria en zijn drie vrienden aan het hoofd, nu met gestilde conscientie, naar

Samaria, waar het paleis van Pekah stond, terug. Die Azaria, en Berechja, en Jehizkia, en Amasa, het waren de eerste vier barmhartige Samaritanen, en ook zij zijn evenals de Samaritaan in de gelijkenis, bij Jericho, de Palmstad, gezien.

Toch is het niet hun barmhartige zin, die aan Azaria en de zijnen nu reeds sinds eeuwen een plaats heeft verzekerd onder „de mannen wier

namen

uitgedrukt zijn."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

Als gij in uw huis zit - pagina 75

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Abraham Kuyper Collection | 304 Pagina's

PDF Bekijken