Bekijk het origineel

De engelen Gods - pagina 86

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De engelen Gods - pagina 86

2 minuten leestijd

ONLICHAMELIJK.

82

om

engeTen in het gemeen, of althans de Serafs,

te besluiten dat de

gevleugelde lichamelijke wezens bestaan. Neen, wat hier in

als zulke

het visioen geschiedde, wij

ons

het

zwaard

de

we den

aan

ontleenen

stelling

het

alles

vorm en

in

onze

De

menschelijke

Schrift toe. Overal

de

gaat

als

Tijd ons voorstellen als een

zeis en zandlooper.

gerechtigheid en de

En

verbeelding.

waar het visioen

zoo ook

neemt

intreedt,

opdat het aldus door en in dien vorm

aan,

gestalte

tijd

daarom wel een voor-

zichzelve onwaarneembaar, en moeten

op

zijn

wat nu nog geschiedt,

precies hetzelfde

hand, of als

de

in

van dagen met

oude

is

afbeelden als een geblinddoekte verschijning met

Justitie

ons zou toespreken.

komt nog

Hier 6

aanbiedt

ons

maar

op

van

waren

Schriftuurlijk

Cherubs

de

wie op zulke voorstellingen als

terrein

herhaaldelijk, edoch, en dit

is

zich

Schrift,

gelijk

niet

als Jesaia

ze een photographie van de

Zoo spreekt de

verwikkelt.

moeilijkheid

noemen,

afgaan,

reeds

werkelijkheid,

te

dit bij, dat

wil

om

onoplosbare

in

slechts dit ééne

van de Serafs slechts ééns,

hier het opmerkelijke, telkens op

»En Hij stelde Cherubs Eden en het vlammend lemmer eens zwaards, om te bewaren den weg des levens." In Exodus bij de oprichting van den Tabernakel, en even zoo in 1 Koningen 6 en 2 Chronieken 3 bij den bouw van Salomo's Tempel wordt daarentegen van de Cherubs als van twee menschelijke gestalten met vleugelen gesproken, die zich over het Verzoendeksel van de Arke des Verbonds heenneigen. In Ezechiël 1, 9 en 10 worden ons de Cherubim voorgesteld onder diergestalten met raadselachtige raderen bij zich,

andere

het

tegen

Genesis 3

In

wijze.

24 heet het

bewegen.

En

in

diergestalten terugkeeren,

zelfde

:

des hofs van

Oosten

die naar alle zjjdeu zich

we deze

:

Openbaringen eindelijk zien

nu verzeld van de

vier en

twintig Presbyters. Deze afwisseling nu levert niet het allergeringste

bezwaar

we

zoo

op,

in

deze

van

afbeeldingen

visionaire

voorstelling

geestelijke

niet

wezens,

zien,

dan

behoeve

van

anders ten

Nieuwen Verbonds aldus gegeven, en gekozen naar wilkeur, maar telkens uitdrukkende wat deze niet doen. Maar natuurlijk is deze afwisseling van zijn en engelen voorstelling volstrekt onaannemelijk, bijaldien we in deze voorstelling stipte afdrukken van de werkelijkheid willen gaan zien. Dan de

heiligen

toch

kan

dan

weer

ge

een

maar

valt

Ouden

Cherub

de

in

en

de ééne maal een gevleugeld niensch, en met een meewentelend rad zijn, en zoudt tot het aannemen van allerlei soort van

niet

diergestalte

moeten

dus

Cherubs,

manier

des

komen

die zoo totaal te

zien,

van elkander verschilden, dat op geen

hoe ge ze nog allen saam onder den éénen

naam van Cherubs zoudt kunnen handhaven. Op hiërarchie van engelen bestaat, komen we later;

de vraag of er een toch

mag nu

reeds

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's

De engelen Gods - pagina 86

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 300 Pagina's

PDF Bekijken