Bekijk het origineel

De overheid - pagina 272

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De overheid - pagina 272

2 minuten leestijd

Locus DE Magistratu.

254

hoe hij een trap moet afi<iimmen, weiken voet hij eerst verzetten dan zou zoo iemand, naar die wet te werl< gaande, in plaats van naar boven te l<omen juist naar« beneden rollen. Waarom moet nu de mensch die wet bestrijden ? Omdat de natuur volkomen genoegzaam is om zonder dien schrijven,

moet,

vbpLzq uit

Wat van

eigen werking die werking teweeg te brengen.

het trappen-

loopen geldt, geldt eveneens van het spreken en ademhalen.

om

dit

gebrek

spraakvermogen heeft

hij

een

Een stotteraar gaat naar een'

Omdat

krank

hij

zijn

in

is

die een normaal spraakvermogen

nadenken, dat Zulk

een k met

v.

b.

hij

te

boven

te

komen.

noodig.

vbjxoq

Hij

nu

heeft, gaat niet, alvorens hij spreekt, eerst

moet voortbrengen.

zijn keel

wet zou dus

uitwendige

een

vragen

vbfxoq

juist

de goede levensuiting verhinderen

en belemmeren.

Het antinomianisme

dus vijandschap tegen de uitwendige wet en

is

de wet den mensch kwaad

Het zegt

zij

stelt,

dat

de gezonde natuur-

niet,

dat

men

niet

maar de vraag

zwaartekracht,

uitwendig of van buiten

Nu

moet leven naar de

innerlijke levenswet,

trappenklimmen werkt ook zonder uitwendige wet toch

het

der zij

vallen en dat

levensuitingen belemmert, hindert en stoort.

lijke

bij

is,

hem doet

is

of

tot het leven

de wet uitwendig of

altijd

want

de wet

innerlijk

is,

of

toekomt.

wilden de Anabaptisten die theorie op het zedelijk leven toepassen.

In het Paradijs toch recht ? Antw. ideëel genomen wel. Wanneer God aan Adam een vbtjLoc had gegeven, een lijstje, waarop stond, hoe hij te werk moest gaan, dan zou hij zeker in de war zijn Dit nu is de fout van het raak niet, en smaak niet, en roer niet aan, geraakt. (Col. 2 VS. 21.) en van het if^^ if^ lï^ (Jes. 28 vs. 13). In den Hemel bestaat geen hemelsche huisorde, hoe men gaan en zich bewegen moet en wat men

Hadden ze daartoe

bestond geen vb^oq.

i>-

spreken

Op juist

daar

zal,

zich

is

geen uitwendige

zelf is het

dat

gezien,

èn

in

we Antinomianen moeten

doodt de geregelde levensuiting.

wat Paulus

in zijn

fout der

over

stellen.

boorte

werd.

meer

te

volstrekt

pas

In

v:^iu.oc

dit licht

beschouwd

zullen

we

vbfjLoq

beter be-

bedoelde. :

tengevolge

heilig

brieven met

zijn,

volkomen

want de uitwendige

Antinomianen was, dat ze zeiden gelijk we op aarde als kinderen moeten we ook de uitwendige wet verwerpen en ons daartegenWanneer ware dit een juiste conclusie? Wanneer de wederge-

De Gods

leven,

vbixzc.

het natuurlijke èn in het ideëele leven

Dan en

had,

dat

iemand op eenmaal

bestaat er geen bezwaar, dan leeft

de mensch

het geval niet.

als

niet potentieel

komt

er

antinomiaan vanzelf goed.

Paulus toch zegt

in

Rom. 7

maar actueel

geen uitwendige wet

vs. 21

:

Doch

ci/,c(o-xoj

dit is

c/.py.

tsv

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's

De overheid - pagina 272

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1900

Abraham Kuyper Collection | 470 Pagina's

PDF Bekijken