Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 399

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

E voto Dordraceno - pagina 399

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

ZOND.

kon

kon

En

worden ingezet, en dienovereenkomstig behandeld, bijaldien de

Heeren Hekren het

wil des

overmits

hij

komen van

zijn

niet

willen

heeft

souverein Rechter alzoo besloot. heeft, en

hoewel zich innerlijk

vol-

optreden in den staat van een rechtvaardige, met de

en

eere

maar door eigen wilsdaad opge-

heerlijkheid,

den staat van een goddelooze,

in

is

als

nu zelf gewild

dit

volstrekte heiligheid van oogenblik tot oogenblik bewust,

passende

daarbij

treden

393

II.

en toch desniettemin geheel in den staat van den diepst schul-

zijn,

dige

XV. HOOFDSTUK

ja,

van den diepst schuldige,

wiens ééne schuld aller schuld saam evenaarde, met de daarbij passende

smaad

en schande en verdrukking, nu heeft van

zijn

ontvangenis

dien staat der vernedering, aldoor onze zonde gedragen en

in

geen oogen-

zonder het dragen van onze schuld geweest.

blik

Geheel

hiermee

overeenstemming

in

leert

dan ook de Heilige

dat het de Heere was, die onzer aller ongerechtigheid op loopen. Niet hij

is

af,

heeft

voor

God

hebben onze zonden op den Christus gelegd, en ook

ivij

op

ze

om nu

genomen,

zich

dit mysterie.

geacht

eerst daarna,

niet

met onze zonden

verschenen, als een ongerechtige gerekend te worden.

Neen, de werking gaat van het Besluit

van

Schrift,

hem deed aan-

En

Gode

heeft

het

is

uit.

Daar liggen de oorsprongen

krachtens dit Besluit dat „hij het geen roof

evengelijk te zijn,

maar

heeft zich ze] ven vernietigd,

de gestal tenisse eens dienstknechts aangenomen hebbende."

Immers

dragen.

In

dit laatste

Tweede

Als

Hij

hoorde er

bij.

Persoon in de Drieëenheid kon

hij

geen zonde of schuld

kon ze alleen dragen door het aannemen van onze natuur.

onze natuur kon

hij

als

Zoon van God geen schuld dragen naast

de onze, of gelijk aan de onze, want dan had

hij

een menschelijk individu

naast andere individuen moeten wezen.

Neen,

met

al

al

wat kon, was, dat

onze schuld en

den

hij,

onze natuur aannemende, ze

aannam

de zonde en de schuld die er op ruste, en zoo inderdaad droeg

toorn

ome

Gods

zonde, of gelijk de Catechismus het zoo juist uitdrukt:

tegen

de zonde des ganschen menschelijken geslachts.

TWEEDE HOOFDSTUK. Doch het behaagde den Heere hem heeft hem krank gemaakt.

te verbrijüelen;

Hy

Jes. 53

De Middelaar niet

lijden,

dan

:

10a.

leed „den ganschen tijd zijns levens op de aarde." Hij kon

om

onzentwil;

plaatsbekleedend voor ons; en in onze

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Friday 1 January 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 399

Bekijk de hele uitgave van Friday 1 January 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

PDF Bekijken