Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bilderdijk in zijne nationale beteekenis - pagina 80

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Bilderdijk in zijne nationale beteekenis - pagina 80

2 minuten leestijd

76 Verwey

in zijn InL tot de

nieuwe Nederl. Dichtkunst komt er rond vooruit:

„Het was alleen dat algemeene wezen der poëzie dat voor hen oprees, en

enlcel

komt een

hier

van

karakteristiek

beteekenis

van een Christelijke eeredienst"

als plaatsvervangster

zich aankondigde

(p. 13).

En

hij legt dit

was

zoo uit: „Het gevoel waarin de poëzie die jongeren bracht of aantrof,

God

dat van den vrome, die zijn

Van

zelf

moest

hoe Kloos aan lucht gaf.

diepe verachting,

Toch ging deze

als

we zagen

de meest krasse tegenstelling leiden, en

dit tot

zijn

maar de god was de poëzie

aanbidt,

was de Schoonheid".

beeld geworden, de god

ja,

tegenstelling

verafschuwing van het Christendom

nog

dieper.

over Theisme, zonder dat de onderscheiding

Ze werd pantheïsme tegen-

Monotheisten of Polytheisten

in

hier meespreekt. Uit dit pantheïsme nu vloeide van zelf de individualiseering.

De te

dichter

kon

gelooven, of

aan

aarzelen

niet hij

op pantheïst

hield

goddelijke te zijn.

concentratie

vergoding, d.w.z. tot de uitspraak, dat de dichter heid

zich

theistischen

zelf, als

God

kan

en

geen andere uitkomst leiden. Ook

tot

dichtergroep, die aldus de kunst opvatte, en met

opvatting van de poezy vormde, een

om

van

zijn

de aard en de

natuur

den voor het dicht

als eisch

de denkbeelden,

baast zich dan ook

maar in

te in

Bilderdijk dicht,

moeten beider

politieke,

Dat nu een

niet

andres

daartoe,

Het verschil

zijn.

als dichter

de historische, of de

vloekte met wat

stellen.

moest

zich zelf getrouw

dwongen hen

dat

al

zich zulk een kunst-

Bilderdijk

als

wel moesten aanleggen. Niet de van

in

man

name

eeren, volgde van zelf uit den maatstaf dien ze,

confessioneele denkbeelden

dit

In dit alles

pantheïstische schoonheidsleer moet in

er uit volgen, dat de dichters al spoedig elkaar in de haren vlogen.

blijven,

en van

tot het aller-individueelste,

de aller speciaalste sensatie of emotie.

tot

was men volkomen consequent. De

te

den pan-

was. Niets kon geduld, dat hieraan afbreuk deed, en van

aller-individueelste

mystiek opgaan,

tot zelf-

orgaan der schoon-

bewustgeworden, de concentratie en incarnatie van

daar de overgang van het individeele

kon

zich-zelf

in

Zoo kwam men voorts

Wie

dit

zij

maar

oordeel-

ligt hier niet

inziet

ver-

geen enkel opzicht over het oordeel der SOgers

over Bilderdijk, maar wel hierover, dat er waarlijk nog belijders van het

Theisme worden gevonden,

die

zich

afsloven

om

bij

deze pantheïstische

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 96 Pagina's

Bilderdijk in zijne nationale beteekenis - pagina 80

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906

Abraham Kuyper Collection | 96 Pagina's

PDF Bekijken