Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 314

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 314

1 minuut leestijd

DE ZONDVLOED IN NOORD-AMERIKA. plaats gehad is, geologisch gesproken, slechts kort. De geheele duur van de post-pliocene periode, gemeten naar den omvang der physieke en algemeene organische veranderingen waarvan men weet dat ze hebben plaats gehad, is uitermate gering, in vergelijking met den ,

duur van

het

perioden

beide

levensvormen

van

de

nog veel geringer, waarschijnlijk, in ^). Niettemin ontmoeten wij in deze zulk een onderbreking van de continuïteit der en

plioceen,

met het mioceen

vergelijking

,

fauna

niet

noch ook zulk een radicale verandering (ofschoon

het

mag

anderingen even groot

aantal specifieke

we

zijn), als

van het post-plioceen in den nieuweren

in het

karakter

en algemeene ver-

aantreffen in den overgang

tijd.

In Midden-Europa bijvoorbeeld, hebben tallooze hyena's, rhinoce-

en

rossen

bestaan

van

en

hebben;

onafgebroken

toen

;

,

tot

in

terwijl

zijn al

deze soorten plotseling uitgeroeid, of wel

hebben deze landen verlaten. In Noord- Amerika was er altoos meer verschuiving van de fauna,

door

tijdperken

alle

katachtige

en

,

door het geheele plioceen heen

,

de nijlpaarden en olifanten een goed deel de pliocene en post-pliocene tijdperken in deze streken geleefd

post-pliocene tijden

ze

met den grooten Machairodns

antilopen,

van het mioceen

de

dieren

,

post-pliocene

mioceen

Maar toch

heen.

paarden

,

periode,

,

in

Zelfs

mastodon

,

het

We

vinden

megatherium

,

lagen

van

de

tertiaire

de

tot in post-pliocene

werden verdelgd. feiten

,

zoover

machairodus

den bij

afzettingen

als ze

,

gaan

,

in

den den megalonyx

het

,

scelidotherium

het

en tallooze reusachtige armadillos

in het plioceen

en de kameelen hier onafgebroken

,

Zuid-Amerika wijzen

richting.

soortgelijke groote

door het plioceen heen,

tijden, toen alle deze soorten tegelijk

dezelfde

we

de rhinoceros zoowel tot het

terwijl

behoort

als het plioceen

leefden van het mioceen

treffen

mastodons en olifanten

paard

,

elkander in de holen en in de

van den Pampas, maar

al

deze

soorten zijn niettemin sedert verdwenen.

Het ^)

o. a.

is

derhalve

Het mioceen

is

duidelijk,

dat

we thans leven

een geheel

een onderdeel van het jong-tertiaire tijdvak; er

bruinkolen-formaties in het mioceen voor.

294

in

komen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 1 January 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's

Wetenschappelijke bijdragen tot bevestiging der Oud-Testamentische geschiedenis - pagina 314

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 1 January 1907

Abraham Kuyper Collection | 360 Pagina's

PDF Bekijken