Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De band des verbonds - pagina 295

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De band des verbonds - pagina 295

2 minuten leestijd

HET HEMELSCH PARADIJS.

De dood is om der En dien dood hebben nullen wij ten.

iets

De dood

zonde wil wij

vorderen is

niet

in

daarom

in

29 1

de wereld gekomen.

eerst recht te verstaan,

de ontwikkeling dezer gedach-

een „niet-meer-zijn",

is

niet

een „op-

houden van het bestaan", zooals met name door de mannen der wereld wordt geleerd. Christenen spreken veel van een onsterfelijke ziel, en werken zoodoende o. i. wel eenigermate een misverstand in de hand. Van tweeën één toch. Als van een „onsterfelijke ziel" ;gesproken wordt, dan bedoelt men, dat de ziel eeuwig blijft bestaan en voor vernietiging niet vatbaar is maar dan moet dadelijk opgemerkt, dat die onsterfelijkheid in even gelijke mate ook van het lichaam geldt. Ook het lichaam is, beschouwd in verband met de onsterfelijkheid, even onver;

nietigbaar als de

Of men

ziel.

bedoelt, dat de ziel na den tijdelijken

dood anders nu zij gescheiden is van het lichaam. Maar dat geldt toch ook van het lichaam, dat eerst als lijk, en straks na de ontbinding, anders bestaat, nu het gascheiden is van de ziel. Mocht men het echter geestelijk bedoelen, en zeggen dat in geestelijken zin de ziel onsterfelijk is, dan ligt het antw^oord voor de hand, dat zulks niet waar is, want dat de 2iel, zonder genade, dood is in zonden en misdaden, en uit dien dood alleen door wederbarende genade wordt opgewekt. Evenzeer als de ziel door de roeping Gods uit den geestelijken dood wordt opgewekt, evenzoo zal eenmaal het lichaam door het roepen Gods uit den lichamelijken dood tot opstanding geroepen worden. Hoe men het ook wende of keere, de ziel is niet alléén •onsterfelijk, maar het lichaam is dat ook. En het wil ons voorkomen dat, ter afsnijding van mogelijk misverstand, het Taeter is te spreken van den onsterfelijken mensch, waarbij bestaat,

terstond aan

ziel

èn lichaam gedacht wordt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 1 January 1907

Abraham Kuyper Collection | 336 Pagina's

De band des verbonds - pagina 295

Bekijk de hele uitgave van Tuesday 1 January 1907

Abraham Kuyper Collection | 336 Pagina's

PDF Bekijken