Bekijk het origineel

Zions roem en sterkte - pagina 165

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zions roem en sterkte - pagina 165

2 minuten leestijd

:

VAN HET AFDOEN DER CEREMONIEELE WET.

157

Vraag. Welke was de ceremonieele wet, of de wet der plechtigheden ? Antw. Die wet, welke God aan Israël heeft voorgeschreven, behelzende heilige plechtigheden, van een verborgen beduidenis, ziende op de genade van Christus, onder het Nieuwe Testament. Vraag. Hoe wordt die wet anders genaamd? Antw. De wet der geboden, in inzettingen bestaande, Efeze 2 15, de eerste beginselen der wereld, Col. 2 8. De wet des vleeschelijken 16. Eene afbeelding van den tegenwoordigen tijd, gebods, Hebr. 7 in welken gaven en slachtofferen geofferd werden, die degenen, die den dienst pleegden, niet konden heiligen naar de conscientie bestaande alleen in spijzen en dranken, en verscheidene wasschingen en rechtvaardigmakingen des vleesches, tot op den tijd der verbetering :

:

:

;

opgericht.

Vraag. Tot hoeveel hoofdzaken, kunt gij de geboden van deze wet brengen ? Antw. Of tot geboden, die het algemeene leven der Israëlieten aangaan of die den openbaren godsdienst betreffen. Anderen zeggen tot geboden die zien 1. op heilige personen; 2. heilige zaken; 3. ;

heilige plaatsen

4.

;

heilige tijden.

Vraag. Welke waren de heilige personen ? Antw. 1. De Hoogepriester, alzoo genoemd omdat hij was het hoofd, van en boven alle de priesters, van wiens ambt en aanstelling wij lezen. Exod, 28, Lev. 8, Num. 16, enz. De mindere priesters, of priesters der tweede ordening, 2. 2 Kon. 23 welke de dingen, die bij God eu menschen te 4, doen waren, dagelijks verrichtten, door het uitleggen der wet, offeren, voorbidden en zegenen van het volk, enz. Men leest breedvoerig van hun ambt en aanstelling, Exod 29, Lev. 10, Num. 19. 3. De Levieten, die in de plaats van de eerstgeborenen den priesters in den dienst des heiligdomst altijd behulpzaam waren. Deze zijn verdeeld geweest in drie bijzondere orden, Gersoniten, Kahathiten en Merariten, naar de drie zonen van Levi, Gerson, Kahath en Merari a. ten tijde van Mozes was hun werk aldus verdeeld, dat de Gersonieten de behangsels en bedeksels des Tabernakels wegnamen den Kahathiten waren de voornaamste dingen des heiligsdoms aanbevolen; en het houtwerk, met de overige instrumenten, stond ten laste der Merariten, zie Num. 3; b. ten tijde van David heeft de Koning hunne ambten veranderd, stellende sommigen tot opzieners over de schatten des tempels; anderen om te zijn ambtlieden en rechters. Eenigen tot poortiers en een vierde gedeelte tot zangers, welke laatste weder verdeeld waren in vierentwintig reien of orden. Zie hier van •

.

.

:

;

Kron. 25, 26, 27. De Nethinim. Deze waren geen Levieten of Israëlieten, maar Gibeoniten van geboorte, welke Jozua om het verbond, dat hij met hen aanging, niet heeft willen uitroeien, maar tot slaven van het heiligdom gemaakt, doende het allerminste werk, terwijl 1

4.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914

Abraham Kuyper Collection | 348 Pagina's

Zions roem en sterkte - pagina 165

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914

Abraham Kuyper Collection | 348 Pagina's

PDF Bekijken