Bekijk het origineel

Antirevolutionaire Staatkunde - pagina 267

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Antirevolutionaire Staatkunde - pagina 267

met nadere toelichting op Ons program. Eerste deel. De beginselen.

2 minuten leestijd

CONCLUSIE.

„Nu

ziekte onze arts ons eindelijk zegt:

van herstel ons

is

we

het dank waard, zoo

weer kunnen

onverlet

Gods

gratie loven,

en

leert

om

Er

te

straat neerslaan,

maar heel anders nog

er

in

zal

ziel

Alle dingen

het

gewichtige.

blijvend

En daarom,

onderwerpen aan de overheidsmacht een gebeurtenis

dat het

en toch

onze

een sneltrein, die derail-

heelhuids afkomen.

zelf

Natuurlijk

eeren.

onderscheid tusschen het groote en het kleine,

is

en

voorbijgaande

op

struikelen en

opstaan,

maakt,

genezen," en een gevoel

de Gratie Gods

zoo we, voortsnorrend

slachtoffers

staan niet gelijk. het

zijt gij

bloed doortintelt, ons veel sterker dan

zelf heerlijk het

gezonde dagen uitlokken,

in

259

al

als

is

andere

toch spreekt hier het gevoel van volk en vaderland, en daarom

is,

't,

is

het alleszins betamelijk en volkomen naar recht, dat bijzonderlijk van

de Gratie Gods gewaagt, wie zich

't

gezag

toevertrouwd over heel

ziet

zijn

vaderland. Natuurlijk geldt dit volstrekt niet alleen voor de Vorsten, maar

evenzoo voor den President eener Republiek of een stadhouder, gelijk evenzoo

recht uit

den

titel

de

schipper zelfs spreekt het volkomen te-

naast God, schipper van mijn schip," omdat op zee

„Ik, schipper,

:

niemand boven hem in

De

de gemeentebesturen.

in

staat.

Dat men nu

bij

Gods" weglaat,

bijvoeging „bij de Gratie

ten onrechte het denkbeeld

republieken meest altoos

doen opkomen en gevoed, alsof alleen het

monarchaal gezag van heiligen oorsprong was, geldende waarheid

alle

klaard

te

heeft zeer

in strijd

hebben, voegen we

zou

wat uiteraard met

iets,

Maar na

zijn.

er toch bij, dat

de

dit duidelijk ver-

erfelijke

monarchie

een zoo buitengewoon gezag aan een persoon niet alleen, maar soms

eeuwen aan eenzelfde huis

over

er hier vooral steeds

is,

hoofde

eigen

aan toe

te

hoog noodig

voegen, dat deze Prinsen niet

zelven

maar,

regeeren,

verleent, dat het zelfs

niets

zijnde,

hun gezag

uit

alleen

ontleenen aan de vrije genade van den Almachtige.

§

29.

De

Conclusie.

slotsom, waartoe

we

geraakten,

is

alzoo saam

te

vatten in deze

stellingen: 1.

Van Godswege

kelijk het

is

in het gezin

hoogste gezag, dat

in

God

een orde ingesteld, die oorspronrust,

door den vader

over alle leden van het gezin heerschen deed.

als orgaan,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Abraham Kuyper Collection | 736 Pagina's

Antirevolutionaire Staatkunde - pagina 267

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1916

Abraham Kuyper Collection | 736 Pagina's

PDF Bekijken