Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vrede zij ulieden!

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vrede zij ulieden!

6 minuten leestijd

Als het dan avond was, op dezelfde eerste dag der week, en als de deuren gesloten waren, waar de discipelen vergaderd waren, om, de vreze der Joden, kwam Jezus en stond in het midden, en zeide tot hen: rede zij ulieden. Johannes 20:19.

s"a de opstanding heeft de verrezen 'aas-en vredekoning Zich op ondercheidene wijze en vele malen g'eipenbaard. De Schrift zegt: „Met ele gewisse kentekenen, zijnde van len gezien".

tvóór Hij verschijnt in de opper-; £, £ heeft Hij reeds de vrouwen ontnoet, terugkerende van het ledige ; raf. Maria Magdalena's tranen geloogd.

an Simon is Hij gezien. De Emaaüsgangers heeft Hij onderwezen. )och thans verschijnt Hij en zien we lem als de Koning des vredes, telidden van onrustige onderdanen. ]n, indien ergens, zo openbaart Zich ier de ppgestane Zaligmaker, in al e bewegingen Zijner barmhartigeid. Hier doet Hij de diepste roerse-; n van Zijn medelijdend, hogepriesïrlijk hart aan Zijn bruidskerk ennen. Wel mogen we uitroepen met e dichter: „Gij zijt veel schoner dan e mensenkinderen, genade is uitgefcort op Uwe lippen".

)nrustige onderdanen, voorwaar, zo lo^den wij degenen aan wie de Ko-^ des vredes Zich hier openbaart, mmers, zij waren bedekt, om de vreder Joden. Daarbij, zij hadden lem allen verlaten, nadat Hij verralen was. Zij waren onvoorbereid op a komst en twijfelden aan Zijn litgesproken beloften en het getuienis Zijner boden weigerden zij aan e nemen. „Want toch, " zo lezen we tl Marcus 16:10 en 11. „Deze, heenezonden, boodschapten het degenen, ie met Hem geweest waren, welke reurden en weenden. En als deze oorden, dat Hij leefde en. van haar ezien was, geloofden zij het niet", 'esniettegenstaande, zij waren de nderdanen van de Koning des vrees, aan wie Jezus verschijnt, namejk, toen zij Zijn tegenwoordigheid rotelijks behoefden. Want zij waren Is schapen zonder Herder, toen zij et weinige leven, dat zij hadden, efenden door liefdevol te verenigen; > en zij Zijn afwezigheid betreurden hierin het verlangen naar Hem ewezen; toen sommigen uit hun lidden van Hem getuigden, n.l. de mmaüsgangers, die zich bij hen adden gevoegd.

ij waren vergaderd op de eerste dag er week, dit is de dag der opstaning, de Nieuw Testamentische rust-^g, dit is de dag, die de Heere gelaakt heeft. Dan sticht de kerk geachtenis aan Hem, van wie de dichr zingt: „de steen, die de bouwlieen verworpen heben, deze is tot een Hoofd deg hoeks gesteld". Toen kwam Jezus en stond in het midden.

Waar we hier mee te doen hebben, is niet het wonder der doordringing, zo toch verklaren het de Lutherschen. Zij leren, Jezus menselijke natuur is vergoddelijkt, d.w.z., in de staat Zijner .verhoging ontving Jezus menselijke natuur, Goddelijke eigenschappen, en zo is dus z'n menselijke, gelijk zijn Goddelijke natuur overal tegenwoordig. Doch zo geloven wij het niet. Neen, Jezus komt door deuren, die Hij zelf opent. Hij betoont hier Zijn almacht, gelijk we dat vinden in Handelingen 5 : 19 en 12 : 6-10: De opgestane Borg heetfc de poorten des grafs geopend. Hij heeft de sleutelen van dood en graf. Hij is de Vorst van Pasen, en geen deuren, hoe ook gesloten of Jezus kan ze openen."

Want immers, er zijn wat gesloten deuren. Ons aller hart is als met koperen deuren gesloten. Het is voor alles open, wat niet deugt, maar voor de Heere is het gesloten, als met zeven grendelen. Als een sterk gewapende de hof bewaakt, is alles wat hij heeft in vrede, doch daar moet er Eén komen, die sterker is dan hij en hem zijn vaten ontnemen. O, welk een eeuwig wonder. Hij die de deuren van het graf geopend heeft, is machtig en bevoegd, om nu ook tot Zijn bedrukte bruidskerk te spreken: „Ik leef en gij zult leven en Ik zal U uit Uwe graven doen uitgaan, o mijn volk."

Maar als Hij dan ook komt, dan brengt Hij alles mee. Tot Maria en Martha zegt Hij: „Ik ben de opstanding en het leven." Hij is de opstanding en het leven in eigen persoon. En Hij deelt dit mee aan Zijn volk. Hij is de vorst van Pasen, de Koning des vredes. Die uit de schat van Zijn \erworven weldaden Zijn Kerk bedient. Ja, daartoe is Hij verhoogd om in de staat van Zijn verhoging mede te delen en toe te passen, aan al de gegevenen des Vaders, wat Hij ir de staat Zijner vernedering verworven heeft.

Beluistert het daarom, wat Hij zijn discipelen toespreekt: „Vrede zij Ulieden." Dit is iets meer dan een menselijke groet of een vorm, waardoor Hij Zich openbaart. Dit is geen wens of een bede. Neen, dit is een machtswoord. Zo kon Hij alléén spreken, Die op Z'n kleed en op Z'n dij geschreven heeft: „Koning der koningen en Heere der heren. Onze woorden zijn slechts klanken, maar Jezus' woorden zijn daden. Hij schenkt Zijn discipelen, Zyn volk de vrede.

Reeds heeft Jezus in de Paaszaal gesproken: „Mijne vrede geef ik U. Mijne vrede laat ik U, Niet gelijkerwijs de wereld hem geeft, geef ik hem U." Nu bevestigt Hij deze belofte. Nu juist, waar ze temidden van onrust en onvrede verkeren, past Hij deze daadwerkelijk toe.

Van nature is er geen vrede in ons hart. Sinds de mens viel is de vrede verdwenen van de aarde en uit het hart des mensen. De mens van een vrouw geboren is kort van dagen en zat van onrust. Wij leven allen van nature op voet van oorlog met God onze Maker. Jezus nu, is de Middelaar, niet alleen van tussenspraak, maar ook van verzoening. Hij is in de plaats gaan staan van een veroordeeld zondaar. Hij de vloekdragende Borg, moest uitroepen: -„Wat ik niet geroofd heb, moet ik wedergeven." Hij is onder de golven van het heilig ongenoegen Gods doorgegaan. In Hem is de toorn Gods ten opzichte van de uitverkoren zondaar uitgevoerd. De wet is vervuld, de vloek is gedragen. De Vader is verzoend in Zijn bloed. Daarom heeft de Vader Hem als de grote Herder der schapen uit de dood wedergebracht. Hij de Middelaar en het Hoofd van het verbond des vredes en der genade heeft ditzelve besloten met: „Het is volbracht."

Maar daarom klinkt ook op Paasmorgen het volbracht des Vaders. Want wat Hij gestorven is, dat is Hij der zonde eenmaal gestorven, maar wat Hij leeft, dat leeft Hij Gode.

Vrede, het is de door bloed gekochte en door Zijn Geest toegepaste vrede, die heersen zal in de harten van Zijn gunstvolk en onder de purperen hemel van Zijn eeuwig geldende gerechtigheid. Ja in deze Vorst van Pasen wordt dan ten volle vervuld:

De bergen zullen vrede dragen. De heuvels heilig recht.

Dr. Sm.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1949

De Banier | 8 Pagina's

Vrede zij ulieden!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1949

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken