Bekijk het origineel

BUITENLANDS OVERZICHT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

BUITENLANDS OVERZICHT

8 minuten leestijd

De geweldige spanning, welke er onder de mensen heerst, is sedert wij ons laatste overzicht schreven er vooral niet minder op geworden. Er is toch nog geen vooruitzicht op, dat het conflict op Korea opgelost zal worden en dat de vrede op de wereld voor langere of kortere tijd gewaarborgd zal zijn. Het gevaar, dat de oorlog uit zal breken, is naar de mens gesproken allerminst bezworen. Daar lijkt het op het ogenblik althans in het geheel niet op. Hoe wordt het toch openbaar, dat men Gods getuigenis niet straffeloos overti-eden kan! In hun waanwijsheid verbeelden talloos velen zich wel, dat zij God de Heere kunnen trotseren en hun niets te duchten staat als zij Hem trotselijk de nek toekeren. Doch zo er enig ding is, dat in onze tijd helder aan de dag komt, dan is het wel dit, dat de Heere Zich niet laat bespotten en de mens maait, wat hij zaait. De machtigen der aarde hadden zich in trotse overmoed ingebeeld, dat zij de Heere niet van node hadden, maar dat zij het zonder Hem en Zijn Woord in hun bestuur opperbest konden stellen. Men aanschouwe echter de uitkomst. Men zie de mislukkingen van hun staatkunde, zoals deze ook thans alweer te aanschouwen vallen.

D aar was, zoals wij in ons vorig overzicht geschreven hebben, een voorstel van de Organisatie der Verenigde Naties uitgegaan naar de regering van het communistische China om tot beëindiging van de oorlog op Korea te komen. Daarin waren belangrijke concessies aan het rode China gedaan. Er zou een conferentie van vier mogendheden, namelijk die van Amerika, Groot-Brittannië, Sovjet-Rusland en het communistische China plaats hebben, waarin feitelijk de officiële erkenning van het rode China lag opgesloten en het tevens vrijwel verzekerd werd, dat het een zetel in de Organisatie der Verenigde Naties zou bekomen, waartegen Amerika zich tot dusverre immer met hand en tand verzet had.

In weerwil van die vergaande concessies heeft China het voorstel en dat al heel spoedig na ontvangst van de hand gewezen. In haar verklaring daarvan zegt de Chi­ nese regering, dat zij een conferenÈ van zeven landen wil aanvaarden, ) ) meiijk de Chinese volksrepubliek, Sovjet-Unie, Groot-Brittannië, Amerika, Frankrijk, India en Egypte.

De conferentie zou de Chinese volksrepubliek moeten erkennen en op de Chi nese bodem moeten gehouden worden. In de Chinese verklaring wordt voorts geëist, dat al de buitenlandse troepen uit Korea teruggetrokken moeten worden en dat de oplossing van de binnenlandse geschillen op Korea moet worden overgelaten aan het Koreaanse volk, terwijl er verder nog in wordt verklaard, dat het voorstel van de Organisatie der Ver enigde Naties geen ander doel had dan om de Amerikaanse troepen op Korea een adempauze te verschaffen. Al werd het niet met zovele ronde woorden in de Chinese verklaring gezegd, er toch alle reden om aan te nemen, dat ook bij het tenigtrekken van alle buitc/i landse troepen de Chinese vrijvwlligers naar het oordeel vari de rode Chinese regering op Korea zouden kunnen blijven. In Frankrijk heeft het Chinese antwoord aan de Verenigde Naties, dat toch in die "geest, waarin het gegeven werd, verwacht kon worden, diepe teleurstelling

gebracht. In Groot-Brittannië schijnt men van oordeel te zijn, dat de Organisatie der Verenigde Naties na ontvangst van het Chinese antwoord niets anders zal kun nen doen dan China als de aanvaller te brandmerken, maar er zijn ook berichten, dat Engeland een meer verzoenende houding tegenover China wil bepleiten. In Amerika heeft het Chinese antwoord al een heel bijzonder slecht onthaal gevonden. In de Amerikaanse volksvertegenwoordiging is op voorstel van de fractievoorzitters der republikeinen en democraten — waarmede men de gelijlf' gezindheid der beide partijen wilde demonstreren — een motie ingediend, waarin geëist werd, dat de Organisatie der Verenigde Naties China tot de aanvaller zou verklaren.

In de politieke commissie van die Organisatie heeft de Amerikaanse gedelegeerde Austin betoogd, dat aan de af persingsmethoden van het communistische China niet moest worden toegegeven. Dit wilde blijkbaar „ met mortieren en granaten" zich een weg banen nas' de Organisatie der Verenigde Naties — aldus Austin. Hij stelde voor, dat de Organisatie der Verenigde Naties zou besluiten: 1. De strijd tegen agressie op Korea voort te zetten; 2. een beroep om hulp te doen op alle leden; 3. generlei hulp te verlenen aan de agressoren Xoord-Korea en China; 4. in beginsel gemeenschappelijke, maatregelen tegen agressie te nemen; 5. daartoe een commissie van advies te vormen; 6. dit ad- \-ies aan de Algemene Vergadering voor te leggen; 7. een permanente commissie \-an goede diensten te benoemen.

Een bepaald voorstel werd bij de Organisatie der Verenigde Naties nog niet ingediend. Austin betoogde, dat men op Korea te doen heeft met een wereldomvattend, centraal geleid Russisch imperialisme, dat de leuze nationalisme en imperialisme gebruikt voor nieuwe onderwerping. Voordat de eigenlijke resolutie over China als aanvaller wordt ingediend, wenste Austin zich te verzekeren van de steun van de landen (Engeland, Australië, Nieuw-Zeeland, België, Canada, Franikrijk, Nederland, Turkije, Filippijnen, Siam en Columbia, welke aan de strijd op Korea deelnemen. De resolutie werd daarom nog niet ingediend omdat de gedelegeerden van de laatstgenoemde landen eerst bun regeringen wensten te raadplegen.

De Canadese regering verklaarde op een persconferentie, dat zij van mening was, dat de deur voor onderhandelingen zelfs op dit ogenbhk nog niet geheel gesloten is, dewijl China tegenvoorstellen heeft gedaan en over politieke kwesties spreiden wil en over enkele punten allicht verder te praten zou zijn. India, wiens premier thans te Parijs vertoeft, verklaarde de mening te zijn toegedaan, dat wellicht een staken van het vuren op Korea te bereiken zou zijn, tegelijk met het openen van een conferentie en wilde daarom verder onderhandelen.

De Sovjet-Unie stelde zich, wat voor de hand ligt, op het standpunt van China. Inmiddels wordt er druk geconfereerd. Austin vergaderde met de vertegenwoordigers van de twintig Latijns-Amerikaanse landen. En de diplomaten van twaalf Arabisch-Aziatische landen, welke zich naar alle waarschijnlijkheid neutraal zullen houden, kwamen eveneens in vergadering bijeen.

Il et laat zich aanzien, dat de Amerikaanse resolutie, waarin China als aanvaller wordt aangewezen, spoedig bij de Organisatie der Verenigde Naties zal ingediend worden. Daarin toch is men reeds in spoedzitting bijeen gekomen. In die bijeenkomst verklaarde een drietal afgevaardigden van de Zuid-Amerikaan» se staten, namelijk Chili, Salvador en Brazilië, dat zij Amerika's zienswijze delen en dat zij voor de resolutie zullen stemmen, indien deze wordt ingediend. De Nederlandse afgevaardigde, de heer von Balluseck, legde in de politieke commissie van de Verenigde Naties, nadat voor hem de even tevoren genoemde afgevaardigden gesproken hadden, over de verwerping van het voorstel om tot beëindiging van de oorlog op Korea te komen een gelijke verklaring af. Hij betoogde daanbij in scherpe bewoordingen, dat de Verenigde Naties lang geduld met het communistische China hadden gehad, maar dat geduld niet in zwakheid mag ontaarden en nog veel minder in lafheid. Hij spoorde dan ook al de leden aan om zich getrouw tegenover de Organisatie der Verenigde Naties te gedragen. Overigens meende hij, dat niemand zich zal verbazen over de warmte waarmede de Sovjet-Unie het voorstel van China heeft verdedigd. Tevens bracht hij daarbij de bemiddelingsvoorstellen van de Aziatische landen ter sprake, waarvan hij zeide, dat het communistische China ze had genegeerd. hoewel zij door Aziatische landen waren gedaan.

Men neemt vrij algemeen aan, dat indien Amerika zijn resolutie bij de Organisatie der Verenigde Naties indient, dat zij met een behoorlijke meerderheid van stemmen alsdan zal aangenomen worden, alsook dat het nog wel enige tijd kan duren, omdat men een langdurig debat verwacht, alvorens daarover gestemd zal worden.

Zeker is nu al, dat India en Indonesië overeenkomstig hun nu reeds afgelegde verklaringen tegen de Ameiukaanse resolutie zullen stemmen, tei-wijl Zweden ook al een evengelijke verklaring heeft afgelegd, daar het ook van oordeel is, dat de onderhandelingen met China alsnog voortgezet konden worden en dat de aanneming van deze resolutie het uitbreken van een vrij omvangrijke oorlog tengevolge zou hebben. Ten besluite zij nog het navolgende vermeld.

De Algemene Vergadering van de Organisatie der Verenigde Naties — zo is althans vastgesteld — zal in September van dit jaar te Parijs plaats vinden. Van Franse zijde moet tegen dit besluit wel enig bezwaar gemaakt zijn. De onkosten, welke Frankrijk daarbij zal te maken hebben, zullen niet minder dan 10 millioen gulden bedragen. De West-Duitse regering heeft het voorstel van de Oost-Duitse regering om een samenspreking te hebben van de hand gewezen.

Stakende haven- en spoorwegarbeiders raakten te- Rosslure (Ierland) handgemeen met losse arbeiders, toen het Nederlandse motorschip „Nimrod" uit Dublin aldaar aankwam met een lading spoorwegmateriaal. Minstens twee arbeiders moesten in het ziekenhuis worden opgenomen. Nu zal geprobeerd worden het motorschip zo spoedig mogelijk te lossen, daar het door dat handgemeen op de dag van aankomst niet gelost kon worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 januari 1951

De Banier | 8 Pagina's

BUITENLANDS OVERZICHT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 januari 1951

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken