Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

DE WAPENRUSTING GODS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

DE WAPENRUSTING GODS

7 minuten leestijd

Doet aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staande blijven tegen de listige omleidingen des duivels. Efeze 6 : 11

II.

Maar daarbij is het voor de geestelijke strijders van zeer groot belang om de voeten te schoeien, gelijk bij de Romeinen de voeten en de schenen der soldaten beschermd werden met metalen scheenplaten, niet alleen om ze te beschermen tegen de vurige pijlen der vijanden, maar ook te be-waren voor scherpe stenen op de weg, of scherpe doornen in het woud, waar het leger moest doortrekken, zomede opdat er geen beten van slangen of steken van insecten de voeten beschadigen zouden. Er werd dus op gerekend dat de weg des strijds vol gevaren was en soms door de vijand werd bestrooid met klemmen en voetangels.

Zo is het ook met de geestelijke strijders, die niet alleen te rekenen hebben met de vurige pijlen des satans, maar ook niet een oneffen terrein, en een vaak ondoordringbaar bos van moeilijkheden, een huilende wildernis vol ongedierte en slangengebroedsel. Gelijk satan als de oude slang Christus de verzenen vermorzeld heeft, zo zal die zelfde satan het ook proberen bij Zijn volgelingen. Daarom is nodig de voeten te schoeien met de bereidheid van het Evangelie des vredes, opdat met vaste tred het pad betreden worde en men doorga met de vrijmoedige belijdenis der waarheid, met bereidheid om alles te wagen voor de Naam des Heeren Jezus. Het Evangelie des vredes moet men bereid zijn te verkondigen, behelzende een vredesvoorstel en aanbod van die God, Die wij in Adam de oorlog verklaard hebben en Die evenwel nog tot Zijn vijanden van vrede spreken wil door middel van Zijn gezanten. Hij beveelt niet alleen gestreng, maar Hij nodigt zelf vriendelijk en dringend door het Evangelie des vredes om de strijd op te geven en de wapenen aan Zijn voeten in te leveren. Hij dringt tot onvoorwaardelijke capitulatie op genade of ongenade. Niet om de overwonnenen te plunderen of te vernietigen, gelijk onder de volkeren der aarde de barbaarse gewoonte is, doch om hen wel te doen, lief te hebben in Christus, Die voor hen gestorven en opgewekt is.

De uitverkorenen zullen tot onderwerping aan God in Christus gebracht worden, tot verheerlijking der vrije genade en behoudenis hunner ziel, terwijl de wederspannigen geheel zullen worden overweldigd en ten onder gebracht.

Verder een schild des geloofs, om al de vurige pijlen des bozen uit te blussen. Het grote schild, dat het gehele lichaam van de krijger bedekte, was van hout, met lederen overtrek. Vurige pijlen waren brandbaar om het hout in het schild te doen ontbranden. Daarom staat er niet alleen afstuiten, maar ook uitblussen. Het schild werd gedragen in de linkerhand, het zwaard in de rechter­ hand, en omdat alsdan geen hand meer vrij is, noemt Paulus eerst de helm en daarna het zwaard. Die vurige pijlen waren ook vergiftige pijlen, die vurige ontsteking bij verwonding deden ontstaan. En dat wil eenvoudig dit zeggen, dat het geloof alle vurige pijlen des satans uitblust, en dat men door het geloof veilig en moedig ten strijde kan gaan, want dat is het, wat de wereld overwint, namelijk ons geloof. Maar zonder geloof in zijn oefeningen is er geen verweer in de strijd.

Maar dat schild bedekt niet de rug, dus vluchten is zeer gevaarlijk, want dan schiet de vijand met zijn vergiftige pijlen in de rug en is het gevaar buitengewoon groot, dat de edele delen van het lichaam daardoor kunnen verwond worden. En toch is men tot vluchten zo spoedig geneigd. Indien geen vijand te zien is, mag men zich dapper voordoen, maar als het er op aan gaat komen, wordt het wel anders.

Dan zijn wij niet anders dan Petrus, die vluchtte voor een dienstmaagd, en hoe menigeen is reeds bevreesd door alleen maar aan de strijd te denken, zonder er nog ooit in betrokken te zijn geweest in waarheid.

De helm der zaligheid is de hoop op het eeuwige leven uit vrije genade in en om Christus' wil. Het hoofd moet beschermd worden door een goede, gegronde, levende hoop, want daardoor wordt men beschermd tegen de verwarring en foltering van zwaarmoedige en bange gedachten. De valse hoop, waarmede duizenden zich vleien en die zij bouwen op lichtvaardige gronden van dromen en gezichten, gebedsverhoringen en uitreddingen voor de tijd, zal moeten uitlopen op de eeuwige wanhoop, omdat de grond onder de voeten als drijfzand zal wegzinken, juist dan, wanneer een goede hoop meer waard is dan al het geschapene. Bij zwakgelovigen is er wel eens af en toe een beetje hoop, doch het is niet sterk genoeg en ook veel te weinig, en daarom raadt Paulus hen de helm der zaligheid op het hoofd te zetten, dat is op meer levende hoop door het geloof gezetheid des harten te hebben, te smeken bij de Heere:

Verlevendig mijn hart door Uwe wegen. Dat mij 't betreên dier paden vreugd' verschaf';

Bevestig toch aan Uwe knecht de zegen. Waarop Uw Woord hem blijde hope gaf. Psalm 119 : 19.

En tenslotte, het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord. Want dat is nodig om de beslissende slag te slaan. Het getrokken zwaard is de zuivere prediking van Gods Woord, waarvoor de duivel zeer bevreesd is, want dat is het eerste van God verordineerde middel tot beke­ ring van zondaren en tot afbreuk van satans rijk. Met dat ontzaglijk slagzwaard werd satan ook geslagen door Christus Zelf bij de verzoeking in de woestijn. Daar werd hem reeds in beginsel de dodelijke slag toegebracht.

In het bij God bepaalde uur der minne wordt de uitverkoren zondaar er mede neergeslagen, dodelijk gewond door de punt van het tweesnijdende scherpe zvi'aard, dat ingaat in de verdeling der ziel, en der samenvoegselen, en des mergs, en is een oordeler der gedachten en der overleggingen des harten. En de wond, die werd geslagen, kan alleen door de Heere worden genezen, in tegenstelling met degenen, die de breuk helen op het lichtst, zeggende: Vrede, vrede en geen gevaar.

En door dat zwaard des Geestes wordt in beginsel de zonde gedood in het gewonde hart, het gemis van Gods gunst ontdekt, totdat het God behaagt met de balsem van Gilead, het Evangelie van Christus, de wond te verzachten en te helen. Voor de kracht van dat Woord Gods, gepaard met de Heilige Geest, zal de satan immer moeten vluchtfen. De geestelijke strijd is onafwendbaar en het leven der genade wordt fel bestreden, niet de namaak, daar maakt de duivel zich niet druk over, want dat komt straks wel in orde; maar het echte volk van God ondervindt dat het leven een groot worstelperk is vanaf het uur der levendmaking.

De zaak is van zo groot gewicht. Het gaat om eeuwig wee of wel! Maar ook vanwege de inwoning des Heiligen Geestes in het hart is geestelijke strijd niet te ontkomen. De Heilige Geest sticht Zich een tempel en drijft de zonde uit, en sindsdien strijden vlees en geest tegen elkander tot den einde toe.

Zonder strijd geen kroon en geen overwinning. Wilt gij vrede? Bereidt u ten oorlog! Dat geldt ook in de geestelijke strijd, die wel eens genoemd is de „heilige oorlog". Tegen satan en zijn machtige hulptroepen en medestanders, die hij maakt tot zijn werktuigen en instrumenten. De satan haat God en Christus met machteloze, dodelijke haat en met de kracht der wanhoop vervolgt hij daarom Gods volk, dat bestemd is om eeuwig gelukzalig te zijn. Met alle middelen zal hij dat volk zoeken te verwoesten en te verleiden, en dat te meer, waar hij helaas in de oude, nog ongedode natuur een machtig bondgenoot heeft. Met Hstige omleiding verkleint hij de zonde, werkt hij op de hartstochten, leidt hij af van Gods Woord, verwekt hij schrik en vrees, te veel om op te noemen. En daarom is het woord van Paulus zo geheel juist en op zijn plaats: Doet aan de gehele wapenrusting Gods, opdat gij kunt staan tegen de listige omleidingen des duivels.

A. v. D.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1952

De Banier | 8 Pagina's

DE WAPENRUSTING GODS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1952

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken