Bekijk het origineel

Dingen die boven zijn

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Dingen die boven zijn

7 minuten leestijd

I.

Indien gij dan met Christus op^ioekt zift, zo zoekt de dingen, die boven zi/n. Colossensen 3 : la

Met Christus opgewekt te zijn wil niet anders zeggen dan dat men door de kracht van Zijn dood en opstanding uit het graf der zonde door de krachtdadige werking des Heiligen Geestes is opgewekt tot een nieuw geestelijk leven in de gemeenschap met de levende Verlosser. Het is die zo onmisbare wedergeboorte en vernieuwing, weïïce God zonder ons in ons werkt. Het is die gans bovennatuurlijke, zeer zoete en verborgen werking Gods, waardoor de wil vernieuwd, van God gedrevsn en bewogen wordt tot levendige werkzaamheden om wederherstelling in de gunst Gods.

Deze Godsdaad, aan de mens verheerlijkt zijnde, brengt haar vruchten voort van geloof en bekering. Niet alleen wordt de natjuiwlijke zorgeloosheid en ongevoeligheid weggenomen, en daarvoor in de plaats gegeven een tederheid en levende belangstelling voor God en Zijn Woord, maar ook wordt de totale geestelijke ommacht ten goede en de heerschappij der zonde in beginsel gebroken, zodat men gaat breken met de wereld en de zonde en een levendige behoefte gevoelt om onder beding van genade voor de Heere te leven in een godvrezende wandel. God gaat Zich meer en meer openbaren

in de luister van Zijn deugden en werkt daardoor een betrekking van liefde in Zijn soHepsel, zodat die mens buiten God en Zijn gunst niet meer gelukkig wezen kan. Met diepe vernedering des harten wordt erkend, dat men z; elf de oorzaak zijnei-ellende is en dat de Heere recht is al zou Hij ons nimmer in genade aannemen. Was het voorheen zo, dat de mens zocht de dingen, die op aarde zijn, en zelfs zocht de zonde en de zondige vermaken dezer wereld, hoe geheel anders werd het toen door de Heilige Geest het verstand werd verlicht, om te zien hoe nietig, tijdelijk en zondig alle dingen buiten God zijn. Er werd toen beseft, dat nooit vrede en ware blijdschap in de ijdelheden dezer wereld kan worden gevonden. Toen riep ailes de mens toe: „Bij mij is het niet". Maar tegelijkertijd werd de behoefte ge­

boren aan wezenlijke vrede met God en al het geschapene, en de wezenlijke vraarde der Goddelijke dingen bij het rechte licht gezien, zodat het hartelijk breiken met de wereld en de zonde gepaard ging met een ernstige betrachting van de geboden des Heeren en een jagen naar verzoening met God en een zoeken van de dingen, die boven zijn. Nu is het betoog des aj^stels: Indien gij

met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die boven zijn. Het is zulk een grote en belangrijke zaak om met Christus opgewekt te zijn, dat ieder het wel terdege nauwkeurig onderzoeken mag, want het kan zeer ver met de mens gaan en dat het er zo op gelijkt, en dat toch het ware Geesteswerk gemist wordt. Het is wat anders die geestelijke opwekking met Christus te beredeneren met het verstand, en dezelve te mogen beleven door de onwederstandelijke werking des Heiligen Geestes. Het is ook iets anders, een gemoedelijke indruk te hebben onder de prediking des Woords, gelijk vele tijdgelovigen hebben gehad, die evenwel met dat alles jammerlijk zijn omgekomen, en een wezenlijke, hartvemieuwende, wederbarende opwekking uit de doodstaat te kennen door genade.

O, hoe nauwkeurig en hoe biddend om licht behoorde elk sterveling, vooral de belijdende mens, zioh te onderzoeken, waar het toch gaat om de eigen eeuwdge belangen. Hoevelen zullen zich in het eind jammerlijk bedrogen vinden, en dat mede doordat men zich nimmer eens oprecht wilde onderzoeken voor Gods aangezicht.

En de ware levenden, die dus met Christus opgewekt zijn, zulten door voortdurend zelfonderzoek des te meer van de oprechtheid van hun geloof overtuigd worden en er dus enkel voordeel van hebben.

Maar tevens zou veelvuldig en nauwkeiuig zelfonderzoek tengevolge hebben, dat steeds dieper besef werd omgedragen van de nietigheid van alles buiten God, en dat steeds meer grootheid en begerenswaardigheid werd gezien in de GoddeHjke zaken, ook de dingen, die boven zijn.

Vanzelf wil dat niet zeggen, dat alle dingen van dit tijdelijke aardse levsn zouden verwaarloosd worden, en dat men daarvoor gans geen belangstelling meer zou hebben. Neen, Christus Zelf kwam Zijn kerk te plaatsen midden in de wereld, en Hij was niet de stichter der kloosters en niet het voorbeeld voor de kluizenaars, maar hoewel enerzijds de aardse roeping betrachtend, gewillig en nauwgezet en getrouw naar het voorbeeld der engelen in de hemel, zal Gods volk toch leven in het besef, dat zij hier op aarde geen blijvende plaats hebben, dat zij hier maar gasten en vreemdelingen zijn, zoekende een beter en blijvend vaderland in de hemelen.

En dat zoeken van die dingen, die boven zijn, is een geloofswerkzaamheid, die een gemis veronderstelt. Iets wat men bezit, zoekt men niet; wel hetgeen men mist. En hoe meer waarde men toekent aan hetgeen men mist, hoe meer men met inspanning van alle krachten zal zoeken. Ja, als hetgeen gemist v/ordt ons eeuwigdurend alles uit gaat maken, zal er ook rusteloos gezocht worden tot men het gezochte gevonden en verkregen heeft.

En zulk zoeken vanwege gemis geeft te kennen het op de juiste waarde schatten van de dingen van dit leven, dat raaar zeer kort en vlug voorbijgaand is. Dan zal men dankbaar erkennen, dat . God de enige Oorsprong van alles is, en dat noch onze zorg en arbeid, noch onze gaven zander Zijn zegen ons gedijen, maar tevens zal men trachten het vertrouwen van alle schepselen af te trekken, om het op God alleen te stellen. Dan zal men zijn hart niet zo zeer stellen op aardse dingen, dat men er als het ware geheel in onder gaat.

Hoe zou toch een begenadigde, die door het geloof waarlijk met Christus verenigd is, kunnen leven buiten de dadelijke gemeenschap met Christus? Hoe zal iemand, die door inlijving of inplanting in Christus anders kunnen zoeken dan Christus gezocht heeft? Zo min een ws op het droge en een plant zonder water kan blijven leven, zo min kan de mens geestelijk leven hebben en behouden buiten de vereniging met Hem. En hoe is die vereniging met Christus te rijmen met een leven bij de dingen, die beneden zijn? Wel is waar zijn er beneden dingen, die dierbaar zijn, doch al­ leen als zij ontvangen zijn uit des Vaders rechterhand en in Zijn gunst om Christus' wil. Maar dan trekken die dingen het hart niet van God en Zijn dienst af en verhinderen zij de gemeenschap met Christus niet. Integendeel zullen dan de weldaden te meer aan de Weldoener verbinden. Dan zuUen die dingen ons te nauwier aan de Heere verbinden en juist het zoeken der dingen, die boven zijn, in de hand werken.

Dan zal zelfs God door middel van die tijdelijke dingen verheerHjkt worden als de grote Gever van aBe goede gaven.en volmaakte giften. Dan kan men, ziende op al het goede, dat men in dit leven van God ontvangt, met blijdschap de reis door dit aardse jammerdal voortzetten en in verwondering zien op Christus, Die rijk was, maar terwille van Zijn volk ann vwlde worden, opdat zij door Zijn armoede zouden rijk woixlen. Dan zal men die gaven niet onderschatten door overgeestehjkheid, zo min als men ze zal overschatten door ongeestelijkheid.

Maar nu dringt zich die vraag aan ons op: Waarom moeten nu degenen, die met Christus opgewekt zijn, nog worden aangespoord om te zoeken de dingen, die boven zijn? Is dat dan niet een heilige vanzelfsheid? Dat zal ons blijken als we nagaan welke dingen boven zijn en wat het zoeken daarvan met zioh mede brengt.

A. Ds CHR. VAN DAM

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juli 1953

De Banier | 8 Pagina's

Dingen die boven zijn

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juli 1953

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken