Bekijk het origineel

VOOR DE JEUGD

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

VOOR DE JEUGD

7 minuten leestijd

OOM KOOS

Beste neven en nichten! Voordat wij de nieuwe raadsels geven, zullen we eerst de namen noemen van hen, die met het oplossen der raadsels van de opgaven 481 tot en met 484 een prijs behaald hebben. Het zijn in alfabetische volgorde de navolgende neven en nichten:

1. Joh. Boone te Hoedekenskerke. 2. Adri v. d. Burgt te Scherpenzeel. 3. Bram de Harfog te Haastrecht. 4. Gijs den Hertog te Hei- en Boeicop (naam en adres voortaan ook onder de brief vermelden). 5. Jac. Kooistra te Zwagerbosch (in het vervolg de raadsels van nummer voorzien). 6. Johan Lankhaar te Ter Aar. 7. Madeliefje te Koudekerke. 8. Hannie Maljaars te Goes.

Hieronder staat een lijstje met boeken, waaruit elk van jullie er één mag kiezen. Na het uitkiezen moeten jullie een briefkaart met postzegel van 7 cent er op nemen en daarop schrijven op welk boek de keuze gevallen is. Dan moet je deze briefkaart sturen aan het adres van Oom Koos, postbus 2019 te Utrecht. Hier volgt het lijstje: Voor grote jongens en meisjes: 1. Walvoorts zanger. 2. De geheime kamer. 3. De kerk in Schotland. 4. Willem Farel I. 5. Willem Farel II. 6. De trouwe Zwaab. Jongens en meisjes: 1. Vogels in de natuur. 2. Gerrit van het Heidedorp. 3. Geen andere goden. Voor jongens: 1. De vrijwilHger van 1830. 2. Bouke Bijlertsma. 3. Het leven een wonder. 4. Eén dorp en toch twee. 5. Vijf jongens op een vlot. Voor kleine jongens: Rondom Scheldehof. Voor kleine meisjes: 1. Lieske. 2. Anneke met vacantie. Thans gaan we over tot het geven van de nieuwe raadsels van

OPGAVE 489

Jongeren: 1. Een tekstgedeelte uit Lukas 23 kan gevonden worden door uit elk der volgende zinnen een woord te nemen en deze woorden naast elkaar to plaatsen. a. Te roemen is mij waarlijk niet oor- 'baar. b. Alle deze dingen heb ik onderhouden. o. Dit weet ik, dat God de mens recht gemaakt heeft. d. En als Hij nabij hem gekomen was. e. De Heere onze God is rechtvaardig in al Zijn werken.

2. Een tekstgedeelte uit Johannes 20 bestaat uit 34 letters. Zoek dit tekstgedeelte uit de volgende gegevens: 10 3 25 15 was een goddeloze koning over Israël en de vader van Achab. 5 14 16 21 was de grootmoeder van Davids vader. 8 23 1 27 7 11 14 8 is de naam van een diaken, die gestenigd werd. 19 31 18 10 2 6 is de naam, welke Rachel aan Benjamin gegeven had. Gij beweegt mij 13 20 30 4 een christen te worden. 3 D n W v Toen spande Jozef zijn 28 26 24 34 32 aan (Gen. 46). Mijn zoon Salomo is een jongeling en 9 17 33 29 5.

12 22 is een Hdwoord. 3. Noem de naam van; a. De schrijver (of secretaris) van Paulus, die voor hem de brief aan de Romeinen geschreven heeft. b. Een profeet, die optrad in de dagen van de koningen Uzzia, Jotham, Achaz, Hiskia en Jerobeam II. Zijn dochter heette Lo-Ruchama en één zijner zonen Lo-Ammi. c. Een bekend sterrenbeeld met heldere sterren (Job). d. De gezegendste onder de vrouwen. e. De woonplaats van een bekend raadsheer, die Jozef heette. f. De naam van de vader van Judas Iskarioth. Welke naam vormen de beginletters van de boven gevraagde namen?

Ouderen:

1. Een tekstgedeelte uit Lucas bestaat uit 45 letters. Welk tekstgedeelte wordt bedoeld als het volgende bekend is? 31 1 7 21 12 30 is de naam van een dochter van een koning der Sidoniërs. Zij bevorderde de Baalsdienst in Israël. 33 24 2 13 is de naam van iemand, wiens offer door de Heere niet aangenomen werd. 22 38 19 35 betekent keuren van maten en gewichten. 26 3 23 9 29 34 25 8 is de naam van de zoon van Salomo en Naama. 5 37 10 20 40 17 betekent: ergens aan gewoon raken. Mijn schapen 18 16 39 42 11 op alle bergen (Ezechiël omstreeks hoofdstuk 35). 14 15 27 6 43 is een sterk dier, dat veel voorkwam in Basan. 32 44 36 is de afkorting van een land in Europa.

4 27 45 is een metaal, dat genoemd wordt in Ezechiël 22. 41 is de tweede letters van de naam van één van Lamechs vrouwen. 28 is de laatste letter van de naam van Rebekka's broeder. 2. Zoek uit elk der onderstaande zinnen een woord, zo, dat de woorden tezamen een tekstgedeelte geven uit Lucas (in de buurt van hoofdstuk 23). a. En de Heere zag, dat de boosheid menigvuldig was. b En Ik zal u in hun hand overgeven. c. De ogen des Heeren doorlopen de ganse aarde. d. Er werden op die dag (tot hen) toegedaan omtrent drie duizend zielen. e. Ziet ik zie de hemelen geopend. f. En wierpen hem ter stad uit. g. Maar zij, roepende met grote stem, stopten hun oren. h. Want zij kenden allen zijn vader. i. En hem van de Joden lagen gelegd werden. . Maak uit

SAPERILUTE

twee bekende namen, één uit het Oude en één uit het Nieuwe Testament. e oplossingen dezer raadsels mogen og NIET ingezonden worden. ij gaan thans verder met het historisch erhaal over

BEZA

II. Daar Beza's oom, zoals we reeds vertelden, zeer rijk was, beschikte Theodoras als jong student over een ruime beurs. Op hem was dan ook niet van toepassing het spreekwoord: „Vrienden in de nood, honderd in een lood". Hij kon een onbekommerd leven leiden en het geld laten rollen. Aan vrienden had hij zodoende geen gebrek, maar of dezen het allen goed met hem meenden, is wat anders. Theodorus ontving hen echter gul en hartelijk, waarbij hij hen in zijn weivoorziene dis en wijn liet delen. In die bijeenkomsten, waarbij Theodorus de door hem gemaakte gedichten voorlas, ging het er gewoonlijk meer dan vrolijk toe. Als hij dan de volgende dag nadacht over zijn gedragingen, voelde hij menigmaal schaamte daarover in zich opkomen, als de vermaningen en terechtwijzingen van zijn geliefde leermeester Melchior Wolmar hem voor de geest kwamen. Wanneer zijn vrienden hem echter weer opzochten en bij hem aanhielden aan hun leven van pret- en pleziermaken mede te doen, dan gaf Theodorus daaraan telkens opnieuw toe. Zo ging het gedurende zijn verblijf te Orleans en zo ging het ook te Bourges, waarheen hij vertrok nadat zijn studiën te Orleans volbracht waren. Enige tijd later begaf hij zich echter weer naar Orleans om daar, op uitdrukkelijk verlangen van zijn vader, in de rechten te gaan studeren. Toen deze studie ten einde was, vestigde Beza zich te Parijs, waar hij een weelderig leven leidde, daar hij ook nog van een andere oom een soort lijfrente genoot.

In Parijs oefende bij de juridische praktijk uit, terwijl hij daar ook veel aan de studie der letterkunde begon te doen. Van een waar christelijk leven viel echter bij hem toen nog niets te bespeuren. Hij leefde nog als zonder God in de wereld en zonder hoop, daar de wereld en haar begeerlijkheden zijn hart en zinnen geheel in beslag namen. Hier in Parijs vervaardigde hij ook Latijnse gedichten, die in 1548 te Parijs uitgegeven werden. Ook trad hij er in het geheim in het huwelijk met een arm meisje, Claude Desnoz geheten, die hem als middel in Gods hand tot grote zegen werd.

OOM KOOS

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 1957

De Banier | 8 Pagina's

VOOR DE JEUGD

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 1957

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken