Bekijk het origineel

Uit het eigen land

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Uit het eigen land

7 minuten leestijd

... jg Xvveede Kamer zijn dezer dagen 'e wetsontwerpen betreffende de fiscavoorzieningen, welke de regering on- 2s in de Nota inzake de beperking de bestedingen heeft aangekondigd, jffediend. )eze voorstellen bevatten een verhoging de vennootschapsbelasting ten beg Yan ƒ 100 millioen, een wijziging de omzetbelasting betreffende het ustarief en het weeldetarief ten bedrage an ƒ 24 milhoen, en een wijziging van . personele belasting ten bedrage van 7 milliosn, en van de financiële verhoujjg tussen het rijk enerzijds en de proinciën en de gemeenten anderzijds, [ierbij heeft de regering zich bereid verjaard de hogere opbrengst van de taaksaccijns (ƒ 44 millioen), als gevolg an een prijsverhoging van tabaksartike- •n als dekking te aanvaarden, terwijl en wetsontwerp tot opschorting van de ivesteringsaftrek (75 millioen) enige ween i^eleden reeds bij de Tweede Kamer ingediend.

lierbij is geen rekening gehouden met e handhaving van een xneBcsubsidie van cent per liter. De regering handhaaft aar standpunt, dat voor deze hogere uitave een vergoeding moet worden geonden. Het onderzoek naar de mogeikheid of en, zo ja, in hoeverre het ten iste van 1957 komende bedrag van I millioen alsnog door een verdere eriaging van uitgaven kan worden verregen, is nog niet beëindigd. )e regering deelt hierbij mede, dat nu e tegenwoordige toestand een belangijk aspect van conjuncturele aard bevat. naar haar oordeel voorlopig dient volstaan te worden met belastingverhogingen van tijdelijke aard.

De tariefverhoging der vennootschapsbelasting is in het ingediende wetsontwerp dan ook beperkt tot de jaren 1957 en 1958; de voorgestelde verzwaring van de omzetbelasting, waarvoor 1 Augustus van dit jaar als datum van ingang wordt voorgesteld, zal tot 1 Augustus 1959 gelden.

In dit verband wordt door de regering in herinnering gebracht, dat de opschorting van de investeringsaftrek beperkt blijft tot investeringen in de periode van 6 November 1956 tot en met 31 December 1957, terwijl de regering voornemens is nader te overwegen of — en zo ja welce — fiscale maatregelen daaiuia met het oog op het verloop van de conjunctuur en de positie van de overheidshuishouding noodzakelijk zullen zijn. De verzwaring van de vennootschapsbelasting vereist een verhoging van het bestaande tarief (40—43 percent) tot 44—47 percent voor de jaren 1957 en 1958.

Omzetbelasting

De voorstellen in het wetsontwerp tot tijdelijke wijziging van de omzetbelasting bevatten de volgende maatregelen, welke voornamelijk het gebruik van die goederen treffen, welke tot de minder noodzakelijke kunnen worden gerekend. Geraamde opbrengst op jaarbasis: a. Verhoging van het tussentarief van 8 tot 10 percent, behalve voor gedistilleerde dranken, ƒ 6 millioen. b. Verhoging van het weeldetarief van 15 tot 18 percent, behalve voor personenauto's en motorrijwielen, ƒ 3 millioen. c. 'Rangschikking van bier en radio- en televisie-ontvangtoestellen onder het tussentarief, ƒ 12 millioen.

Gedistilleerd, alsmede auto's en motorrijtuigen zijn buiten de voorgestelde verhoging gehouden, omdat daarop reeds de last van de recente verhoging van de > gedistilleerdaccijns en van de benzinebelasting is gelegd.

Het tussentarief, dat van 8 tot 10 percent verhoogd wordt, zal gelden voor chocolade en chocoladewerken, suikerwerken en suikergoed (beide categorieën met uitzondering van boterhambelegging), voor al dan niet alcoholhoudende dranken (met uitzondering van gedistilleerd, waarvoor de omzetbelasting op 8 % gehandhaafd blijft, en met uitzondering van door horecafbedrijven bereide dranken, welke aan particulieren voor gebruik ter plaatse worden geleverd), voor bier, alsmede voor radio- en televisie-ontvangtoestellen (voor bier, radio- en tele- ''visie-ontvangtoestellen bedraagt het huidige percentage 5).

Voor auto's en motorfietsen zal het tarief van 15 percent blijven gelden. Onder dit tarief zullen nu nieuwe banden voor deze motorrijtuigen worden gebracht (omzetbelasting bij het thans vigerende stelsel 5 percent). Voor de overige in de zogenaamde weelde-artikelentabel opgenomen goederen zal instede van 15 percent een tarief van 18 percent gaan gelden. In de Memorie van Toelichting erkent de regering, dat ondanks het beperkte karakter van de maatregelen er voor bepaalde bedrijfstakken schade uit kan voortvloeien, doch verklaart daarin tevens dat het 'landsbelang eist, dat maat­ regelen tot beperking van de te ver uitgedijde consumptie worden genomen (wij voor ons zijn van gevoelen, dat het landsbelang eist, dat er op de hoge staatsuitgaven aanmerkelijk wordt bezuinigd), In plaats van dat de regering de belastingen verzwaart, had zij naar ons oordeel tot een aanmerkelijke beperking van de rijksuitgaven, welke tot een enorme hoogte geklommen zijn, behoren over te gaan, doch daarvan betoont de regering zich helaas nog immer afkerig. De regering vergoelijkt haar maatregelen met in de Memorie van Toelichting op te merken, dat zij meent, dat uit de wetsvoorstellen blijkt, dat met begrip voor de kwetsbaarheid van de ondernemingen, welke bij een aantal van de bij de maatregelen betrokken goederen geïnteresseerd zijn, en met erkenning van hun betekenis in het algemeen voor het maatschappelijk bestel, er naar gestreefd is een verantwoord evenwicht tussen het algemeen belang en de bijzondere belangen in haar wetsvoorstellen te bereiken.

Personele belasting

Is de regering enerzijds van mening — zo verdedigt zij haar beleid te dezer zake — dat de voorgenomen verhoging van het huurniveau voor woningen geen aanleiding mag zijn voor een uitbreiding van de personele belasting, anderzijds acht zij het, zoals blijkt uit de nota inzake de beperking van de bestedingen, niet gerechtvaardigd, dat door een volledige aanpassing aan de verhoogde huren de personele belasting op het oude nominale peü bevroren zou blijven. Deze overwegingen hebben haar geleid tot de slotsom, dat een beperkte aanpassing aan de komende stijging van het algemeen huurpei'l wenselijk is. In overeenstemming hiermede bevat het wetsontwerp het voorstel de minimumbedragen voor de belastbaarheid naar de grondslagen huurwaarde en meubilair, alsmede de grensbedragen voor de kinderaftrek met 25 percent (het percentage van de huurverhoging) te verhogen; deze verruiming wordt ook voorgesteld met betrekking tot •de aftrekbedragen voor de grondslag 'huurwaarde.

Door de verhoging van de minimumbedragen wordt voorkomen, dat personen, die tot dusver in het geheel geen personele belasting verschuldigd zijn, omdat de huurwaarde van hun woning beneden het belastbare minimum ligt, als gevolg van de huurverhoging nu wel deze belastingen zouden moeten gaan betalen. Tevens wordt voorkomen, dat de meubilairvrijstelling verloren zou gaan voor woningen, die tot nu toe alleen tot een aanslag naar de huurwaarde aanleiding geven. Bovendien zullen daardoor de werkzaamheden van de belastingadministratie niet worden uitgebreid tot de heffing en invordering van een groot aantal zeer kleine belastingbedragen. Door de verhoging van de aftrekbedragen voor •de grondslag huurwaarde wordt een verzachting bereikt, die voor iedere belastingplichtige doorwerkt.

In beginsel wordt de personele belasting geheven naar de toestand op 1 Juni van elk kalenderjaar. Hierbij wordt uitgegaan van de veronderstelling, dat deze toestand gedurende het gehele belastingjaar practisch gesproken ongewijzigd blijft.

Dit is voor bet belastingjaar 1957—1958 echter niet het geval, indien reeds op 1 Juli aanstaande, derhalve een maand later, de voorgestelde huurverhoging in •werking treedt. Ter vermijding van een gecompliceerde regeling, waarbij de aanslagen ovei het belastingjaar 1957—1958 voor de duur van één maand op de oude huur en voor het overige deel van het jaar op de nieuwe huur zouden moeten worden gebaseerd, is in het wetsontwerp voorgesteld de belasting naar de grondslag huurwaarde voor het gehele jaar 1957—1958 te heffen naar de toestand op 1 Juli, instede van op 1 Juni 1957. De omstandigheid, dat de personele belasting dan voor de maand Juni 1957 wordt geheven naar eet) huurwaarde, welke 25 percent hoger ligt dan de werkelijke huur, leidt slechts tot een zeer •geringe verhoging van de aanslag.

Rijk, provinciën en gemeenten

Indien het wetsontwerp betreffende de personele belasting tot wet wordt verheven, zal, naar globale beraming, de opbrengst van deze belasting, met inbegrip van de provinciale en gemeentelijke opcenten, met ongeveer ƒ 7 millioen per jaar toenemen, welk bedrag aan de provinciën en gemeenten ten goede zal komen. Nu in het verleden aan provinciën en gemeenten voor een verlaging van de personele belasting vergoeding is verleend, acht de regering het redelijk deze ii vergoeding thans met de bedoelde hogere opbrengst te verminderen. De vergoedingsuitkering, welke gegeven wordt wegens vroegere tariefsverlaging, wordt zodanig aangepast, dat uit de voorgestelde verhoging geen verhoging van de inkomsten van provinciën en gemeenten voortvloeit. Op basis van de verhoogde opbrengst van de personele belasting zou bij een stijging van het huurpeil van 100 tot 125, 't kortingspercentage 20 moeten bedragen. In verband met de afrondingen evenwel, die ten gunste van de belastingplichtigen hebben plaats gevonden bij vaststelling van de nieuwe aftrekbedragen en grensbedragen voor de kinderaftrek, wordt i'oorgesteld het percentage iets lager, namelijk op 18, te stellen.

Tenslotte zij nog medegedeeld, dat de regering verklaard heeft, dat zij met haar onderzoek of en hoe er op de rijksuitgaven bezuinigd kan worden, , nog niet klaar is gekomen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1957

De Banier | 8 Pagina's

Uit het eigen land

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1957

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken