Bekijk het origineel

Buitenlands OVERZICHT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Buitenlands OVERZICHT

11 minuten leestijd

In Galaten 6 : 3 staat ons beschreven: , Want zo iemand meent iets te zijn, daar hij niets is, die bedriegt zichzelf in zijn gemoed". Van dat bedrog is er te allen tijde onder

de mensen veel geweest, en is er in het bijzonder in onze donkere dagen van onkunde en luchthartigheid nog zeer veel onder hen. Op zichzelf behoeft dit geen verwondering te baren, want een iegelijk

mens wil wat zijn en wil wat worden en heeft er absoluut geen lust in niets te zijn. Nochtans heeft Ds. van Lodensteijn eenmaal zeer naar waarheid verklaard: Zalig, zalig, niets te wezen In het eigen oog voor God. Doch deze zaligheid verkiest de mens van nature niet, wijst hij zelfs met beide handen en heel zijn hart af. In zijn farizeïstisch bestaan zoekt hij daarentegen zijn eigen gerechtigheid op te richten. Dit is wel allerjammerlijkst, want deze gerechtigheid kan voor God niet bestaan. Zij wordt door Hem niet erkend, maar zelfs scherp veroordeeld, ja vervloekt. Hiev kan zelfs de uiterlijke schijn niemand baten, want God de Heere eist een volkomen gerechtigheid, welke iemand slcehts door de Heilige Geest in Christus Jezus, de Heere, deelachtig kan zijn. En niet alleen mist een iegelijk mens van nature de wezenlijke gerechtigheid, maar zo is het ook gesteld ten aanzien van wijsheid en kracht. Wat kan het al baten indien iemand meent wijs te zijn, en hij het echter niet is, alleen die wijsheid bezittende, welke dwaasheid is bij God? En ook wat kan een ingebeelde kracht iemand baten? Zij maakt hem slechts vermetel en opgeblazen daarbij

en brengt hem uiteindelijk de ene teleurstelling na de andere, hetgeen zowel in het levsn en de daden van particulieren als van overheidspersonen waar te nemen valt. Om ons in dit overzicht bij de laatstgenoemde personen te bepalen, hoe verwachten de overheidspersonen het in onze dagen ook al van eigen wijsheid en kracht! Hoe zijn zij, blijkens hun daden, er niet van overtuigd, dat, zo iemand meent iets te zijn, daar hij niets is, hij zichzelf in zijn gemoed bedriegt. In de waan dat zij iets zijn en zonder Gods gunst en genade door eigen wijsheid en kracht heel wat vermogen, komen zij dan ook keer op keer in en met hun daden bedrogen uit. Wat hebben zij al geprobeerd om met eigen wijsheid en kracht de spanning tussen de volken, zo al niet geheel weg te nemen, dan toch aanmerkelijk te verminderen! En tot op de dag van heden zijn zij, trots al hun pogingen en inspanningen, ' geen haarbreed gevorderd. De ontwapening, of zelfs een vermindering van de bewapening, laat nog maar steeds op zich wachten. De verwachting, dat deze bevorderd zou worden door de Londense subcommissie, is op niets uitgelopen. Men had van deze bevordering in de kringen van de Amerikaanse regering geen geringe verwachting. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Dulles, had zich in eigen persoon naar Londen begeven om, naar hij hoopte en verwachtte, met de Russische regering een overeenkomst te treffen inzake de ontwapening. De Russische gedelegeerde Zorin liet Dulles echter in de kou staan. Hij bleef stokstijf staan op het oude Russische standpunt, dat steeds afwijzend was en is ten opzichte van Amerikaanse voorstellen. Zo bleef Dulles tenslotte niets anders over dan onverrichter zake naar Amerika terug te keren, nadat hij in overleg en in overeenstemming met de Westerse gedelegeerden aan de Russische regering twee voorstellen inzake de inspectie van de bewapening uit de lucht had geboden. De kans, dat één van deze voorstellen door de Russische regering aanvaard zal worden, is uiterst gering. Zorin heeft aangaande - deze voorstellen nadere inlichtingen gevraagd, er zich over beklagende en verwonderende, dat deze inspectie tot bepaalde gebieden beperkt was. Wij zullen ons niet nader met de finesses van deze voorstellen inlaten, dewijl dit geen zin heeft, daar deze vrijwel zeker door de Russische regering niet aanvaard zullen worden; mocht dit tegen onze verwachting in wel plaats vinden, dan is er nog alle gelegenheid om daarop bij leven en welzijn nader terug te komen. Doch het is vrijwel uitgesloten te achten, dat de Russische regering het haar aangeboden voorstel tot inspectie in de lucht zal goedkeuren, waar de Amerikaanse bases op IJsland, langs Ruslands zuidflank en op de Japanse eilanden in het voorstel buiten de inspectie zijn gesteld. En zelfs al aanvaardde met enige wijziging de Russische regering het voorstel, dan nog zouden er hele gebieden zijn, waarin de inspectie niet plaats vindt, zodat men in werkelijkheid daarmede geen stap nader tot de ontwapening was gekomen.

En niet alleen de afloop van de besprekingen, welke minister Dulles inzake de ontwapening te Londen heeft gevoerd, is hoogst teleurstellend, maar ook de redevoeringen, welke de Oostduitse autoriteit Grotewohl en Chroestsjef te Berlijn, waar hij op bezoek is, hielden, zijn dit evenzeer. In die redevoeringen werd onomwonden de koude oorlog voortgezet In zijn redevoering sloeg Chroestsjef, hoewel hij Molotofs gedrag scherp veroordeeld heeft, de oude Russische toon aan op een wijze zoals Molotof dat vroeger ook deed. Het gonsde in zijn redevoering van vervvdjten aan de westelijke mogendheden, die hij in de trant van Molotof bestempelde met de namen van imperialisten, oorlogsophitsers en militaristen. Bleek het al lange tijd uit hun woorden en daden, dat de Russen, en met hen de Oostduitse communisten, de hereniging van Duitsland langs de weg van vrije verkiezingen niet wiUen; in de redevoeringen der beide genoemde personen werd dit nog eens met zoveel woorden, die daarover geen twijfel laten, onderstreept, dat zij van een hereniging van Duitsland langs de weg van vrije verkiezingen niets •willen weten. Wilden zij dan geen hereniging van Duitsland? Ja, stellig wel, doch slechts onder de voorwaarde dat het herenigde Duitsland communistisch wordt en dat daarin een regering aan het bewind zal komen, welke zich minstens welwillend tegenover de Sovjet-Unie gedraagt, en met de Westelijke mogendheden finaal breekt, onder meer door uit het Noord-Atlantisch pact te treden. Het laat zich verstaan, dat dit meer onomwonden en duidelijker gezegd werd door Grotewohl dan door Chroestsjef, dewijl de laatste nog altijd rekening heeft te houden met de onderhandelingen, welke zijn regering voert met de Westelijke mogendheden en met de algemene international© toestand. Bovendien heeft Chroestsjef nog altijd de rol van vredesapostel te spelen, wat hij dan ook deed toen hij in zijn redevoering verklaarde, dat de Russische regering haar troepen zou terugtrekken uit Oost-Duitsland en de andere Europese landen, zelfs uit Polen, Hongarije en Roemenië, indien de Amerikaanse regering, en met haar die van Engeland en Frankrijk, hun troepen uit Duitsland zouden terugtrekken. Deze verklaring bevatte op zichzelf in het geheel niets nieuws, want zij was van Russische zijde al meermalen afgelegd en Chroestsjef kon haar al heel gemakkelijk afleggen, omdat als de Westelijke mogendheden, inzonderheid de Amerikaanse regering, tot het terugtrekken van hun troepen zouden overgaan, Rusland daarmede, naar de mens gesproken, volkomen de baas in Europa zou worden en zou kunnen spelen. In Europa toch bestaat er volstrekt geen tegenwicht tegenover de zo sterke Russische bewapening te land en in de lucht van • de Sovjet-Unie. Wat de conventionele strijdkrachten betreft, zijn de Amerikaanse bases, aanvoerlijnen, voorraden en divisies, menselijk bezien, onmisbaar voor de veiligheid van de West-Europese landen, wat oo'k geldt voor de Amerikaanse luchtmacht. Mocht in een eventuele oorlog tot het gebruik van kernwapens worden overgegaan, dan is het eerste optreden van grote betekenis en bevinden de Russische bases zich veel dichter bij Midden- en West-Europa dan de Amerikaanse, indien de oorlog zich beperkt tot hel westelijke halfrond. Zulk een oorlog zou een onuitsprekelijke wederzijdse verwoesting tengevolge hebben. En ook als kernwapens in een eventuele oorlog niet gebruikt zouden worden, doch louter zouden dienen ter afschrikking van het uitbreken van een oorlog, dan nog zijn de Amerikaanse bases en troepen van geen geringe betekenis voor het westen van Europa. Even ijverig en hardnekkig als de Russische regering er op uit is om de Amerikaanse troepen en bases uit Europa weg te krijgen, even ijverig en sterk zijn de Europese regeringen er op uit om deze te behouden.

Goed en wel beschouwd, heeft Chroestsjef zich met zijn redevoering in zijn vingers gesneden. De westelijke mogendheden, en deze niet alleen, maar ook zo vele Heden, die van de glimlachpohtiek van de huidige Russische autoriteiten heel wat ten opzichte van de vrede verwachtten, weten nu wat zij aan hen en aan Chroestsjef hebben. Uit zijn Berlijnse redevoering hebben zij kunnen opmerken, dat het feitelijk lood om oud ijzer is, of Molotof of Chroestsjef aan het bewind is. Zij hadden dit reeds kuimen weten uit Chroestsjefs optreden in Hongarije, waar hij a la Stalin met Russische tan'ks en machinegevreren het verzet der Hongaren in bloed gesmoord heeft. Doch zij zijn thans nog eens een keer onderricht aangaande de huidige Russische politiek en die van Chroestsjef die in zijn redevoering ook de Oostduitsers, die in openbaar verzet tegen hun communistische regering zich begeven, het aangezegd heeft, dat hun alsdan een zelfde lot zal wachten als de Hongaren. Dit werd hun door Chroestsjef in klare, voor een ieder verstaanbare woorden aangezegd. De Oostduitsers moesten zich er ten volle van overtuigd houden, dat, indien zij in opstand kwamen, de Russische regering dit niet met gesloten ogen zou aanzien, maar dat zij dan tot handelen zou overgaan, en wel op dezelfde manier als zij dit in Hongarije gedaan had. Bij dit haar optreden kan zij bovendien vast en zeker op de bijstand van Grotewohl en Ulbricht rekenen, die Stalin nog nimmer afgezworen hebben en in hun hart nog immer diens methode goedkeuren.

Tevens heeft Dr. Adenauer het in de redevoering van Chroestsjef geducht moeten ontgelden, hetgeen hem- bij de aanstaande verkiezingen goed zal doen en veel beter voor hem en zijn regering is dan wanneer Chroestsjef hem en zijn regering geprezen en niet zo scherp aangevallen had. Tevens was het een groot winstpunt voor hem en zijn regering, dat Grotewohl en Chroestsjef zo onomwonden en duidelijk verklaard hebben, dat zij slechts een herenigd Duitsland onder communisHsch bevwnd begeren en niets van een herenigd Duitsland moeten hebben als het niet communistisch wordt. Ook is de gang van zaken in het Midden-Oosten allesbehalve vrij van teleursteUing. Het blijft er maar onrustig. En dit niet alleen in Oman. In samenwerking met de troepen van de sultan van Muskat en Oman zijn de Engelse troepen thans overgegaan tot de aanval op de vesting Nisum, welke tot hoofdkwartier van de opstandelingen dient. Ook bestaat er een spanning aan Jemens grens. Het koninkrijk Jemen heeft Engeland er dezer dagen van beschuldigd van het protectoraat Aden uit aanvallen te doen, met het doel Jemenietisch grondgebied te bezetten. In een communiqué, uitgegeven door de Jemenietische legatie te Londen wordt herinnerd aan de vroegere Jemenietische protesten tegen de agressie van Britse strijdkrachten in Sjoekir. Tevens heeft koning Hoessein van Jordanië onlangs in antwoord op een redevoering van president Nasser van Egypte verklaard, dat Jordanië het aan anderen overlaat met woorden en misleidingen te strijden en tendentieuze berichten en misleidende radio-uitzendingen daarbij te hulp te roepen. President Nasser had verklaard, dat Jordanië zich in de Palestijnse oorlog van 1948 geen offers heeft getroost, wat koning Hoessein een schandelijke beschuldiging, welke zonder precedent is, noemde. Voorts heeft koning Hoessein de uitlatingen, dat Jordanië van plan zou zijn Syrië aan te vallen, als onbeschaamd bestempeld. Desniettemin wijst het er op, dat het in het Middenoosten allesbehalve rustig en vreedzaam gesteld is, dat koning Hoessein tijdens een bijeenkomst van Jordaanse officieren gezegd heeft, dat het Jordaanse leger dit jaar met de meest moderne wapens, welke beschikbaar zijn, zal uitgerust worden, en dat Jordanië alle aangeboden hulp zal aanvaarden, welke geen gevaar voor de oafhankelijkheid van Jordanië meebrengt. Ook heeft de regering van Israël een nieuw protest bij die van Egypte ingediend over het feit, dat nog steeds in Egypte een Israëliet gevangen wordt gehouden, die gearresteerd werd ter gelegenheid dat een Deens scliip met een lading voor Israël door het Suezkar naai is gevaren. Tevens heeft de regering van Irak bij die van Egypte geprotesteerd, dat zij er geheel ten onrechte door de Egyptische regering van beschuldigd is, dat zij in de Palestijnse oorlog van 1948 geen genoegzame hulp heeft geboden. Bij al deze onrust komt ook nog de onrust, welke er in Algerije heerst, waai de oorlog nog maar steeds woedt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 augustus 1957

De Banier | 8 Pagina's

Buitenlands OVERZICHT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 augustus 1957

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken