Bekijk het origineel

Brief uit Zeeland

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Brief uit Zeeland

4 minuten leestijd

CCCLXXVIII.

Reeds eerder is op de zware taak van ie Provinciale Staten gewezen, en dat het verband met het noemen van naaien van candidaten. Dat noemen heeft middels plaats gehad, en het is nu wel jebleken, dat het altijd een tere zaak is. Het gaat over personen, en in Zeeland, ook nog over delen waarin zij wonen, om nog maar niets te melden van de bezwaren welke kunnen voortspruiten uit de verschillende kerkelijke groeperingen.

Een moeilijke zaak is het stellen i.'an candidaten, maar voor de leden welke zitting hebben, of, zo God het geeft, zullen gekozen worden, wacht, voorzover te zien, ook een zware taak.

Ons volk vraagt naar brood en spelen. Ons volk wordt geleid naar een richting van „laat ons eten en drinken, want margen sterven wij". Dat is een richting, die ingaat tegen wat God in Zijn Woord ons leert.

Alles schijnt tegenwoordig door de overheid gedaan of gesteund te moeten worden, maar ook schijnt het wel of de overheid alles steunen wil.

Vroeger was dat anders. Dan was degene, die wat doen wilde meer op zichzelf aangewezen. Dan ging het niet zo gemakkelijk om maar uit de overheidskassen wat los te krijgen.

Het lijkt op zichzelf ook wel aangenaam als het gekregen kan worden. Toch moet worden gewezen op 'het grote gevaar, 'dat daaraan verbonden is.

Onze vrijheid, onze zelfstandigheid, die dreigt er door teloor te gaan. Reeds nu rijst er klacht op klacht op de bemoeizucht van de overheid, maar als alles door de overheid gedaan moet worden, dan zal dat niet minder, maar wel meer gaan worden.

-Afgezien nog van het te betreuren feit, dat in vele gevallen zaken wx)rden gesteund, die niet ter ere Gods zijn, moet het subsidiestelsel leiden tot een inmenging van de overheid.

De Zeeuwse begroting voor 1958 wijst ook al naar eer. i-ichting, dat de overheid maar alles doen moet en dat alles van de overheid wordt verwacht.

Indien de voorgenomen plannen betreffende de dichting van de zeearmen, het Deltaplan tot uitvoering komt, en er \\ordt nu al aan gewerkt, zal er van het bestuur van de provincie Zeeland veel worden gevraagd.

Niet alleen zal daardoor het aanzien van de provincie sterk veranderen, maar het is te verwachten, dat de uitgevoerde plannen ook van invloed zullen zijn op het godsdienstig peil van de bevolking. Zeeland wordt ontsloten, zoals dat heet. Maar dan zijn ook de invloeden van buiten wel te vrezen.

Och, het zou niet juist zijn te stellen, dat het in Zeeland nu alles zo goed is, maar er kan toch wel vrees zijn als zij, die in een eenvoudige omgeving leven, in aanraking worden gebracht met personen, die die eenvoud niet kennen, ja, meestal genegen zijn, die voor achterlijkheid aan te zien. Dan wordt er getokkeld op de snaar van hoogmoed, en dat is een tere plek. De mens wilde als God zijn en kwam tot de val, ziet u die hoogmoed?

Er is daarom noodzaak op te roepen tot de Wet en de Getuigenis. TAJ God de verkiezingen schenkt dan zal ook die roep wel klinken. Inzonderheid wil de S.G.P. ons volk daartoe oproepen. Het is echter te verwachten, dat ook anderen enigszins in die geest op het Zeeuws gemoed zullen tokkelen. Vraag dan naar de daden in het verleden.

Is de S.G.P. dan zonder fouten? Wie zou dat tlurven beweren? Maar er mag toch wel worden gesteld, dat de S.G.P. menigmaal wijst op dat voornemen zowel voor volk als overheid; dat de S.G.P. het beleid wil gericht zien naar Gods Woord en Wet.

Dat houdt in, dat zij streeft naar de eer Gods, maar ook naar het welzijn van het volk, want , , In het houden van Gods geboden is groot loon".

Zij, de leden van die partij, pleiten ook voor de belangen van de inwoners. Bij de uitvoering van genoemde werken zal ook menigmaal het vraagstuk van vergoedingen voor geleden schade aan de orde komen. Het mag bekend worden geacht, dat de leden van de S.G.P. steeds oog hebben voor die zaken, en dat zij het recht achten, dat de overheid, wanneer die werken uitvoert, waardoor wel de algemene belangen kunnen zijn gediend, niet mag nalaten hen, die daardoor'schade lijden, te vergoeden. Dat is een standpunt dat voortvloeit uit een bestuur naar Gods Woord en Wet.

Uw Zeeuwse Briefschrijver.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 januari 1958

De Banier | 8 Pagina's

Brief uit Zeeland

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 januari 1958

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken