Bekijk het origineel

Buitenlands OVERZICHT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Buitenlands OVERZICHT

10 minuten leestijd

„Ziet toe, dat niemand u als een roof vervoere door de füosofie en ijdele verleiding naar de overleveriag der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus" — zo waarschuwt de Heilige Geest bij monde van de apostel Paulus in Colossenzen 2 : 8.

Een waarschuwing, die haar nut en heilzame strekking had voor de Colossenzen, die als Grieken zo gaarne luisterden naar hun filosofen, naar de wijsheid der mensen; een waarschuwing, even nuttig, heilzaam en nodig voor de mensen van onze tijd.

Hoe ontzaggelijk velen toch zijn er al als een roof vervoerd door filosofen, door hetgeen deze of gene filosoof als de hoogste wijsheid hun voorhield, door de leer van deze of gene geleerde of van deze of gene vermaarde professor!

Hier dreigt een groot gevaar voor elk mens; want hetgeen de zoeven genoemden met hun ongeloofstheorieën leren, is de mens van nature veel welgevalliger dan de getrouwe en onfeilbare waarheid Gods.

Doch hoe ijdel, bedriegelijk en onbetrouwbaar zijn en worden al de leringen van de wereldwijzen bevonden! Men bedenke maar, om zich daarvan grondig te overtuigen, hoe de wereldwijzen bij monde en bij geschrift voorzegd hebben, dat er door toenemende verlichting en beschaving de gevangenissen gesloten zouden kunnen worden; doch de waarheid is het, dat van deze voorstellingen niets vervuld is, dat integendeel de misdrijven, ook de zedendelikten, nog toenemen. Men bedenke hoe de wereldwijzen de komst van een eeuwige wereldvrede hebben aangekondigd, terwijl al hun voorspellingen door twee vreselijke wereldoorlogen bespot zijn geworden. Men bedenke, dat zij een tijd van grote welvaart hebben geprofeteerd, wat ook niet anders is geweest dan de profetie van een profeet, die brood eet, want de wereld is tot haar einden toe vervuld met grote zorg over een slechte gang van maatschappelijke zaken, over een werkloosheid, welke een verontrustend karakter heeft aangenomen.

Hierbij heeft een ieder wel te bedenken, dat hoe meer een lering de schijn van waarheid vertoont, dat als de vorst der duisternis in de gedaante van een engel des lichts komt of, zoals de volksmond het uitdrukt, als de duivel op sokken komt in plaats van op klompen, het gevaar des te groter is, dat een mens vervoerd wordt.

Vraagt nu iemand hoe hij aan de verleiding dezer wereld en aan de strikken, welke haar wijsheid hem spant, ontkomen kan, dan verwijzen wij Hem naar de Heere, de Bron van alle licht, vsdjsheid en wetenschap, en geenszins naar de losse, bedriegelijke zandgrond van menselijke wijsheid en wetenschap, niet naar menselijke verbeelding, mening of spekulatie, neen, maar naar Hem, in Wiens mond en Woord mensen en duivelsn te vergeefs enig bedrog hebben trachten te vinden; want nog altijd is het een vaste, gewisse waarheid: „Tot de wet en tot de getuigenis! zo zij niet spreken naar dit Woord, het zal zijn, dat zij geen dageraad zullen hebben".

Degene, die zich naar Hem, Zijn Woord en geboden in zijn leven mag richten, ook al zullen hem daarin stormen, tegenspoeden en verdrukkingen zich voordoen, zal daarmede niet bedrogen uitkomen, want hij leunt niet op een rietstaf, welke hem de handen doorboren zal, maar door de vrije en onwederstandelijke genade Gods heeft hij zijn betrouwen mogen stellsn op Hem, Die eeuwig leeft en regeert en Die alle macht heeft in hemel en op aarde en Wiens woorden waar en getrouw zijn. Niet het vlees, uit vlees geboren, wordt hierbij hoog verheven; niet de zoon van Adam, als zodanig beschouwd, op de troon gezet, maar de Heere ontvangt hierbij de eer, lofzegging, aanbidding en dankzegging. Wat de Heere in een zodanige kroont en verheerlijkt, dat is Zijn eigen werk der genade, en wat hier ook triomfeert en in de glans der zege en der glorie verschijnt, is voorzeker niet een zondig, dwaas mensenkind, neen, het zondendodende en van zonden reinigende ontfermen is het, de rijkdom, vrijheid en macht der Goddelijke genade, zoals deze door de Heere in de Zoon Zijns welbehagens geopenbaard is en aan de mens door Zijn Geest wordt toegepast, is het, die verheerlijkt wordt en in de lofzangen der heiligen Gods eenmaal eeuwig verheerlijkt zal worden! Alle instrument, dat tegen de zodanigen bereid wordt, zal niet gelukken, en alle tong, die in het gericht tegen hen opstaat, zullen zij verdoemen; dat is de erve der knechten des Heeren en hun gerechtigheid is uit Mij, spreekt de Heere.

En nu is het juist de ellende en de vloek van onze tijd, dat de mens, diens wijsheid, gaven en krachten, zo hoog op de troon worden verheven en dat er zo tallozen door zijn filosofie, wijsheid en wetenschap als een roof vervoerd worden, waarbij de enige Bron van wijsheid en wetenschap niet gezocht, maar schromelijk miskend wordt.

Is het wonder, dat waar zuilks plaaU vindt, dat de wereld ons het tongeel va» oimist, hoog geklommen spanningen, wantrouwen, wrok en wrevel biedt ei dat poging na poging om daarin verandering en verbetering aan te brenge», met volkomen mislukking gesla'gei wordt? Men is nu al weken aaneen bezig met het beraadslagen over een topkonferentie, en tot op de dag van hedea zijn de regeringen, die daarbij betrokket zijn, ondanks de vele brieven, nota's e» verklaringen, geen stap verder gekomei ten aanzien van het beleggen van die konferentie, want nog altijd is het onzeker of er al dan niet een zodanige konferentie gehouden zal worden. Ei betreffende het doen ophouden van da proeven met de kerawapens, is het al een laken van hetzelfde pak.

Ook daarover delibereren de regeringei thans, wordt ook al brief op brief, nota op nota verzonden, zonder dat al di« arbeid enig wezenlijk gunstig resultaat oplevert. De Russische minister-president Chroestsjef, die de ene brief na de andere schrijft en schijnbaar nooit het brieven schrijven moe wordt, heeft weder een brief aan de Amerikaanse regeriqg geschreven. Na lezing er van heeft deze wereldJcundig gemaakt, dat hij geen letter nieuws bevat, maar een repetitie is van hetgeen haar reeds voor de zoveelste .maal is ter kennis göbracht. Dit laat zich zeer gemakkeilijk verstaan, want hoe zal men bij een onderwerp, dat al van a tot z besproken en beschreven is, tenslotte nog met wat nieuws voor de dag komen.

Alleen is het wat nieuws van latere datum, dat de Russische regering besloten en voor het forum der wereld heeft gebracht, dat zij onder bepaalde voorwaarden eenzijdig de proefnemingen met kernwapens zal stopzetten. Doch dit is op zichzelf ook niets nieuws meer, want daarover is men nu al meer dan veertien dagen aan het kibbelen. Beschouwing na beschouwing is daarover in deze veertien dagen ten beste gegeven. En dit ook al zonder dat er enig wezenlijik resultaat bereikt is. Wel heeft de Amerikaanse regering verklaard, dat ook zij bereid is om de proeven met kernwapens te staken, maar toch niet direkt. Neen, zij wil eerst nog enkela proeven nemen en als deze geslaagd zijn uitgekomen, ja, dan wil zij ook van verdere proefnemingen afzien.

Het Amerikaanse standpunt is wel verklaarbaar. In Rusland heeft men de proefnemingen reeds achter de rug. De Russische regering kan derhalve met haar voorstel wel voor de dag komen. Zij heeft daarvoor het juiste tijdstip gekozen. Staken de westelijke mogendheden de proefnemingen met de kernwapens nu ogenblikkelijk, dan is dit zeei in het voordeel van de Sovjet-Unie, dan heeft zij ook betreffende de kernwapens een voorsprong op de westelijke mogendheden welke in zijn geheel nog vergroot zou worden, want ten aanzien van de andere bewapening heeft Rusland een voorsprong op de westelijke mogendheden.

Vrijwel geheel nieuw is het, wat Chroestsjef vrijdag 4 april bij zijn bezoek aan Hongarije in Boedapest verklaard heeft, waar hij in een rede met veel nadruk zeide, dat de Russische regering bereid was de stopzetting van de proeven met kernwapens onder internationaal toezicht te aanvaarden, zodat één van de bezwaren van de westelijke mogendheden tegen het meedoen aan het verbod van kernproeven opgeheven zou lijken. Ook op 1 april had de Russische regering, die met alle macht en middelen er op uit is, om te bewijzen, dat de argumenten van de westelijke mogendheden om niet tot stopzetting van de proefnemingen met de kernwapens over te gaan, maar ge2»cht en ](; unstraatig zijn, al aangekondigd, dat zaj geen- bezwaren had tegen het insteljgji van een internationaal inspectiesteljeJ, wanneer de westelijke mogendheden dit stelsel nodig achten.

De Russische regering kon in deze een (•gcremoetkomende houding aannemen, dewijl zij er van uitgaat, dat de proeven met de kernwapens tooh niet geheim kunnen gehouden worden. Ook heeft zij het nog altijd in haar hand om als het ooit zo ver komt, dat er over dfe instelling over een intemationaail toezicht werkeHjk beraadslaagd wordt, met haar bezwaren en bedenkingen voor de dag te komen en dan terug te krabbelen, zoals Ohroestsjef nu al reeds gedaan heeft door een Amerikaans voorstel daartoe nutteloos, niet doeltreffend en deswege onaanvaardbaar te verklaren.

[)e Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Dulles, heeft zich dezer dagen op een perskonferentie ook uitgelaten over de kwestie van het internationale toezicht op de proefnemingen met de kernwapens, waaruit op te maken valt, dat de kwestie van het toezicht voor de Amerikaanse regering niet het zwaarst weegt, maar dat haar verzet tegen de Russische voorstellen grotendeels op andere gronden rust. Dulles verklaarde, dat de toestand op het ogenblik van zodanige aard is, dat Rusland evenals Amerika genoeg grote waterstofwapens heeft om een groot gedeelte van de mensheid te vernietigen. De Russische regering is blijkbaar bereid om het daarbij te laten, doch Amerika niet.

De Amerikaanse regering wil de kernwapens zodanig ontwikkelen — zo voegde Dulles er aan toe — dat zij als definitief wapen zonder massale vernietiging van mensenlevens kunnen worden gebruikt. Daartoe zijn nog nieuwe series van proeven nodig. Uit Dulles' verklaringen valt op te maken, dat de terughoudendheid van de Amerikaanse regering op het punt van het stopzetten hoofdzakelijk veroorzaakt wordt door het grote overwicht, dat Rusland op het gebied van de konventionele bewapening heeft.

Ook hieruit blijkt hoe ver wij nog van de wereldvrede af zijn en hoe groot de spanningen onder de volken nog steeds rijn en welk een bepaalde vijandschap er tussen hen bestaat. Dit komt ook wel heel overtuigend uit in een redevoering, welke Chroestsjef in Hongarije hield, waarin hij tegen de westelijke mogendheden, in het bijzonder tegen Amerika, zo scherp en vijandig te velde trok, dat hij in scherpte en vijandschap niet onderdeed voor Stalin en Molotof.

In Indonesië woedt nog steeds de burgeroorlog. Was er kort geleden een bericht, uit Indonesië afkomstig, dat de aanval op de troepen van de tegenregering op Sumatra niet verder voortgezet zou worden; waarin het werd voorgesteld, dat men van militaire zijde zich verzette tegen een verdere aanval; de feiten wijzen uit, dat dit bericht niet juist was, want de aanval wordt wel voortgezet.

De regering te Djakarta heeft de Russische regering om levering van wapens gevraagd, welke zij ongetwijfeld ook wel zal bekomen.

De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Dulles, heeft over deze aanvrage en de zending van wapens zijn misnoegen uitgesproken. Hij deelde voorts mede, dat de Indonesische regering in juli vorig jaar de levering van wapens tot een bedrag van 600 tot 700 miljoen dollar bij de Amerikaanse regering had gevraagd, doch dat zij dit verzoek niet had ingewilligd, omdat enige agressie tegen Indonesië, die zulk een hoeveelheid wapens noodzakelijk zou maken, oiet waarschijnlijk leek. Hij voegde hieraan toe, dat het niet verstandig leek, dat de Amerikaanse regering wapens ver- "waft, hetzij aan de Indonesische rege­ ring, hetzij aan de opstandelingen op Sumatra. Wel viel uit Dulles' woorden een leedwezen te beluisteren omtrent het feit, dat het Sovjetblok zich ten aanzien van wapenleveriagen niet door dezelfde principes laat leiden als de-Amerikaanse regering, en dat naar het oordeel der Amerikanen door de aankoop van wapens in de kommunistische landen een toestand is ontstaan, waaraan ernstige aandacht dient te worden gewijd.

Ook in Frankrijk is het allesbehalve rustig. De positie van het ministerie Gaillard is er nog altijd hachelijk, én door de vele stakingen, welke er aan de orde van de dag zijn, én door de Algerijnse en Tunesische kwesties.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1958

De Banier | 7 Pagina's

Buitenlands OVERZICHT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1958

De Banier | 7 Pagina's

PDF Bekijken