Bekijk het origineel

Brief uit Zeeland

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Brief uit Zeeland

4 minuten leestijd

GCCLXXXIX.

Er wordt wel gedacht, dat de S.G.P.leden in de Kamer, Staten en Raden, alleen maar denken en spreken over principiële zaken^ en dan nog wel, volgens sommigen, over zaken, die ouderwets en uit de tijd zijn.

Dat het principiële voorop staat is juist, maar dat het alleen daarom zou gaan met verwaarlozing van andere zaken, is niet waar.

Er moet voorop worden gesteld, dat aan Gods zegen alles is gelegen, en dat zonder die, niets zal gedijen.

Dus houdt het principiële reeds in een zorg voor andere zaken, ook al zouden die niet dadelijk worden genoemd.

Maar ook onze mensen hebben wel oog voor andere belangen. In Zeeland is één der leden benoemd in een kominissie van bijstand, en daarin gaat het om de ontwikkeling van Zeeland.

En dan onder omstandigheden als nu. Het is te begrijpen, dat daardoor vaa dat lid veel gevraagd zal worden.

Zeeland staat toch in een teken van ceranderingeni. De Deltawerken zijn in volle gang en die, uitgevoerd zijnde, of ook wel in uitvoering, laten Zeeland niet onberoerd.

Dan is er de kwestie van werkgelegenheid. In de landbouw wordt meer dan vroeger mechanisch gewerkt. Er zijn i'eel minder werkla'achten nodig dan vroeger. Toch is het nodig, dat de bevolking werken kan. Een redenering, dat ook vroeger zij uit de opbrengst van hcL land leefden, en dat dus nu ock wel kunnen doen, al is er geen werk, is onjuist. Weliswaar brengt de grond niet minder op, maar ook de mechanisatie eist uitgaven, en daarenboven is het toch onjuist, dat een mens geen werk zou hebben.

werk zou hebben. Er zijn wel personen, die menen dat werken een vloek is; maar dat is niet juist. De vloek is wel in ons werk gekomen in cnze diepe val, maar arbeid is een zegen. Arbeid is niet vernederend, wat of ook gedaan moet worden. Wie van God begunstigd wordt met lust tot werken, en die zijn werk met toewijding doen mag, die kan genot hebben van zijn werk. Och, wij zijn als mensen meestal geneigd om te denken dat een ander het beter en gemakkelijker heeft. Zo zal de handarbeider menen dat kantoorwerk toch zoveel aangenamer is en minder inspanning kost. Ook wordt wel gedacht, dat de personen, die leiding moeten geven, en van wie het zo niet gezien wordt dat zij wat doen, het erg gemakkelijk hebben. Doch zo is dat niet. Zij gaan wel met de zorgen naar huis en mogelijk ook wel naar hun bed. Zij hebben te zorgen dat er gewerkt kan worden. Het wordt wel eens gezien alsof zij maar toezien dat er gewerkt wordt, maar dat is niet juist. Zij hebben de verantwoordelijkheid voor de zaak en voor hen die daarin werken. Zij hebben te waken, dat er geen tijden komen dat er niets te doen is.

Zo is het ook de taak van de bestuurders van land en volk en van gewest, dat er, voor zover zij dat kunnen bewerken, werk komt. Daardoor brengt de verandering in Zeeland ook daaromtrent vragen mede. En toch, Zeeland heeft te weinig werkgelegenheid. De bevolking neemt niet of althans weinig toe. De jonge mensen gaan het elders zoeken. Ook hierin moeten de zaken principieel en zakelijk worden bezien. Het is een gevaar als een plattelander moet opgaan in de grote menigte. De beschutting van het toezicht van iedereen wordt dan gemist, want op het platteland kent ieder ieder en is er daardoor een wakend oog. Zijn er dan geen gevaren aan de veranderingen verbonden? Dreigen geen invloeden te worden geoefend in een onjuiste richting? Zeer zeker. Die gevaren zijn er en het is nodig ook daarop te letten. Maar mogen daarom die werken worden tegengehouden? Meer dan ooit is het nodig dat ons volk gewezen wordt op de eis Gods. Ons volk moet bearbeid worden, opdat het er oog voor krijge, dat niet de wereld kan geven wat nodig is, maar dat het ware geluk slechts daarin bestaat, dat een mens wordt hersteld in de plaats waaruit hij is gevallen.

Maar dat is nodig ook als er geen Deltaplan is. Dat is ook nodig als onze mensen moeten wegtrekken omdat er geen arbeid is, en ook als zij kunnen blijven. Dus toch weer het principiële voorop en dan volgt het andere vanzelf.

Daarom zien zij, die het ouderwets vinden, de zaken niet goed. Zij zien niet de taak, die God op de overheid legt.

Uw Zeeuwse Briefschrijver

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 april 1959

De Banier | 8 Pagina's

Brief uit Zeeland

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 april 1959

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken