Bekijk het origineel

BUITENLANDS OVERZICHT

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

BUITENLANDS OVERZICHT

10 minuten leestijd

De ministers van buitenlandse zaken van de vier grote mogendheden zijn nog steeds in Geneve. Weer is voor de zoveelste maal het bericht de wereld ingezonden, dat het de laatste week zal zijn, dat hun konferentie duurt. Men kan echter op zulk een bericht weinig staat maken. Kort na Pinksteren is ook al verklaard, dat de konferentie in die week beëindigd zou worden, en later is dit nog eens weer bericht, zodat er na Pinksteren vrijwel geen week voorbijgegaan is, of er is een bericht van dergelijke aard wereldkundig gemaakt.

En bij dit alles zijn de ministers nog in Geneve. Zij vergaderen er nog steeds. Zij houden voortdurend besprekingen, meestal in besloten bijeenkomsten, en nog zijn zij met dat al niet tot overeenstemming kunnen komen. Zodat zij wat de hoofdzaken betreft, even ver gevorderd zijn als toen zij voor het eerst in vergadering bijeen zijn gekomen. Wel bestaat er bij hen over ondergeschikte punten enige overeenkomst. Zo zijn beide partijen, om er maar één te noemen, het daarover eens geworden, om de wederzijds gevoerde propaganda van uit Berlijn in het vervolg niet meer te laten plaats vinden.

Wat daarvan echter in de praktijk ten uitvoer gebracht zal worden, dient afgewacht te worden. Er bestaat echter maar een zeer geringe kans op, dat dit pok werkelijk zal geschieden, want de verhoudingen tussen de westelijke en de oostelijke mogendheden zijn nog ver ^an vriendschappelijk. Dit blijkt ook daar wel heel duidelijk uit, dat in de Russische pers en radio Moskou de westehjke delegaties steeds ten laste wordt gelegd, dat zij de schuldigen er van zijn, dat op de Geneefse konferentie niet tot overeenstemming wordt gekomen, ondanks dat de Russische delegatie het daarop steeds aanlegt en grote toeschietehjkheid betoont, zodat het nog niet eens zeker is of er een topkonferentie gehouden zal worden.

Intussen heeft er wel enige wijziging plaats gevonden in het standpunt, dat president Eisenhower steeds heeft ingenomen ten aanzisn van het houden van een topkonferentie. Steeds heeft hij met steUige beslistheid zich tegen het houden van een topkonferentie verklaard, indien de konferentie van de ministers van buitenlandse zaken geen resultaat opgeleverd had. Hoewel met het gebruikelijke voorbehoud omkleed, heeft hij nu op zijn laatste perskonferentie verklaard, dat er een konferentie van regeringshoofden kan belegd worden, zonder dat er noodzakelijkerwijs voortgang betreffende BerHjn moet zijn gemaakt. Het besluit hiertoe heeft de Amerikaanse president derhalve niet onverbrekelijk aan de kwestie Berlijn gekoppeld. Wanneer — zo zeide hij — de indruk wordt gevestigd, dat voortgang te Geneve een topkonferentie vruchtdragend zou maken, dan zal ik met vreugde daar henen gaan. Zijn uitlatingen op een vorige konferentie, waarbij hij uitdrukkehjk over vorderingen betreffende BerHjn sprak, waren slechts, zo zeide president Eisenhower, als voorbeeld bedoeld. Indien er enigerlei redelijke voortgang wordt gemaakt, welke een topkonferentie rechtvaardigt, dan zal ik uiteraard nimmer deze gelegenheid afwijzen.

Als redelijke voortgang zouden derhalve ook vorderingen beschouwd kunnen worden op het gebied van het ontwapeningsvraagstuk, de stopzetting van de proeven met kernwapens en andere hiermede verband houdende problemen.

President Eisenhower maakte op deze konferentie vooral duidehjk, dat de besprekingen over een oorlog met kernwapens niet kunnen worden losgemaakt van het ontwapeningsprobleem in het algemeen.

Op de vraag of de reis naar Moskou van de vice-president Nixon, die het ook toegestaan is enige steden in Siberië te bezoeken, een nieuwe gelegenheid voor onderhandelingen zou kunnen openen, antwoordde de president, dat hij nimmer een gelegenheid zou verzuimen voor kontakten tussen verantwoordelijke regeringspersonen. Hij herinnerde in dit verband er aan, dat hij vice-president Konlof van de Sovjet-Unie zal ontvangen wanneer deze binnenkort ter gelegenheid van een Russische tentoonstelling in New York de Verenigde Staten van Amerika zal bezoeken.

Men erkent intussen, dat voortgang betreffende de kwesties van de proefnemingen met kernwapens samenhangt met een oplossing van de Amerikaans-Franse meningsverschillen, alvorens dit punt van bespreking op een eventuele topkonferentie zou kunnen uitmaken. De Franse regering heeft immers niet aan de Geneefse konferentie ter bespreking over het stopzetten van proefnemingen met kernwapens deelgenomen. Vandaar dat de Amerikaanse regering het belangrijk acht deze geschillen te overbruggen, hetgeen ook uitkwam in de verklaring van president Eisenhower, dat hij er erg op gesteld zou zijn om, indien hij naar Europa mocht gaan, president De Gaulle te ontmoeten.

Deze ontmoeting zal allicht nog binnenkort plaats vinden. Ofschoon iedere officiële mededeling daaromtrent ontbreekt, wordt het zeer waarschijnhjk geacht, dat in de één of andere vorm reeds vrij spoedig waarschijnlijk in Parijs een topkonferentie van de westelijke regeringshoofden zal worden gehouden, welke beginnen zal met een ontmoeting tussen Eisenhower en De Gaulle, en daarna voortgezet zal worden onder aanwezigheid van Macmillan en Adenauer. Deze westelijke topkonferentie zou worden gehouden, onafhankelijk van de resultaten van de ministerskonferentie in Geneve. Eventueel zou zij gehouden kunnen worden tijdens een pauze in de ministerskonferentie, en waarschijnhjk zou zij gebruikt kunnen worden om nieuwe instrukties aan de ministers van buitenlandse zaken te geven, óf om te beslissen of een topkonferentie met Chroestsjef noodzakehjk is.

Wat de gang van zaken op de ministerskonferentie in Geneve betreft, daarmede is men in Frankrijk, afgaande op het gezat'hebbende Had „Le Monde", dat daarop een vrij scherpe kritiek levert, weLke de opinie van de Franse autoriteiten vertolkt, allesbehalve tevreden. Het schreef: In het eerste antwoord op het Russische antwoord van de 27ste november jongstleden werd gesteld, dat niet onder druk onderhandeld mocht worden, dat Oost-Duitsland niet erkend mocht worden en dat niet over Berlijn alleen onderhandeld kon worden. Wel heeft de Russische regering verklaard, dat dit niet als een ultimatum beschouwd moest worden, maar, zo schreef het blad, zij heeft haar ultimatum verlengd, want zij dreigt nog steeds met het sluiten van een apart vredesverdrag met de Oostduitse regering, indien de besprekingen in Geneve mislukken.

De terugtocht van de westelijke delegaties is vooral duidelijk op het punt van de erkenning van Oost-I> uitsland, aldus het blad. Zij hebben in feite dit punt geheel laten vallen door toe te staan, dat de Oostduitsers op de Geneefse konferentie het woord hebben kunnen verkrijgen en door het Oostduitse recht op kontrole in Berlijn en op de toegangswegen te erkennen. Ook gaven de westeHjke delegaties toe, dat over Berlijn alleen onderhandeld wordt. „Le Monde" besluit haar beschouwingen met vast te stellen, dat Gromyko geen enkele wezenlijke koosessie aan de westelijke delegaties gedaan heeft, dat de westelijke delegaties hun prijs voor het houden van een topkonferentie (schriftelijke bevestiging van de erkenning van de rechten der westelijke mogendheden in Berlijn door de Russische regering) hebben laten vallen en dat Gromyko onder deze omstandigheden steeds meer zal vragen en de laatste westelijke voorstellen zonder meer stellig niet zal aanvaarden.

De balans van de onderhandelingen ia Geneve is derhalve niet bijzonder briljant voor de westelijke mogendheden — zo had het blad ook al opgemerkt. Het schreef tevens: Het is niet de eerste maal, dat de westelijke mogendheden op détaflpunten aanvaardden wat zij eerst „engros" weigerden. Zij zullen meer moedige fantasie, meer eenheid van gedachten en aktie ten toon moeten spreiden.

Dat de Russische regering de laatste voorstellen der westelijke delegaties niet zal aanvaarden, staat reeds wel vast. De Russische minister-president heeft toch in een rede, welke door radio Moskou uitgezonden werd, verklaard, dat de Russische regering een vredesverdrag met die van Oost-Düitsland zal sluiten, indisn de westelijke delegaties een regeling van de Duitse kwestie blijven verhinderen. De Sovjet-regering wü een vredesverdrag tekenen met een verenigde soevereine staat, maar aangezien dit niet mogelijk is — en indien de westelijke mogendheden een regeling van de Duitse kwestie blijven verhinderen — dan blijft er voor de Russistfhe regering niet anders over dan het tekenen van een vredesverdrag met een soevereine staat, zo zeide Chroestsjef. Hij voegde er aan toe, dat de voorstellen der westelijke delegaties absoluut geen basis hebben en onaanvaardbaar zijn.

Chroestsjef verklaarde dit op een bijeenkomst in het Kreml, welke werd bijgewoond door de Oostduitse delegatie onder leiding van premier Grotewohl en partijleider Ulbricht.

Aangaande de laatste voorstellen van de Westelijke delegaties te Geneve, welke woensdag 17 juni aan de Russen werden overhandigd, vroeg Gromyko tijdens een lunch, welke hem door zijn Britse koUega minister Selwyn Lloyd was aangeboden, de westelijke delegaties toe te willen stemmen in een nieuwe verdaging van 24 uva voor het houden van een Qieuwe openbare bijeenkomst van de mi­ nisters. De Russische minister, die zich bij Selviyn Lloyd beklaagde over de houding van de regering der Verenigde Staten van Amerika, die volgens hem allerlei voorwaarden zou stellen voor het bijeenroepen van een topkonferentie, heeft büjkbaar nog gesn instrukties verkregen van zijn regering ten opzichte van de nieuwe voorstellen van de westelijke delegaties. Wat deze voorstellen eigenlijk inhouden, daarover zijn geen betrouwbare gegevens bekend geworden. Volgens de Engelse minister Selwyn Lloyd bevatten zij een uitstekende basis tot verdere onderhandelingen. De erkenning van de bezettingsrechten van de westelijke mogendheden lijkt echter onverminderd in de voorstellen gehandhaafd te zijn, tenvijl radio Moskou bij monde van zijn kommentator verklaarde, dat deze rechten in BerHjn, hoe dan ook, opgeheven behoren te worden.

De Engelse minister Selwyn Lloyd verklaarde tegenover Amerikaanse joumahsten, dat zelfs waimeer de ministerskonferentie geen overeenstemming zou kunnen bereiken over het Berlijnse vraagstuk, een topkonferentie zou moeten plaats vinden. Volgens de Engelse minister kan de Russische regering in elk gewenst ogenblik opnieuw een krisis in Berlijn veroorzaken en dan zouden de westelijke mogendheden in een ongunstige onderhandelingspositie verkeren. Hij beval de westelijke mogendheden aan het initiatief met betrekking tot de topkonferentie in handen te houden.

Intussen is de Geneefse konferentie voor ruim drie weken tot op 13 juli verdaagd. Op 19 juni troffen de ministers elkander om twee uur om Gromyko's antwoord op de laatste voorstellen van de westelijke delegaties te vernemen.

Zoals in vele kringen verwacht was, verwierp de Russische minister in die vergadering de voorstellen niet, maar hij aanvaardde ze evenmin. Hij stelde voor het ultimatum, dat inhield dat de westehjke troepen Berlijn birmen een jaar moesten verlaten, te vervangen door esii iets minder ultimatief aandoende regeling, die dan binnen anderhalf jaar haar beslag moest krijgen.

De westelijke delegaties hebben daarna eerst gemeenschappelijk vergaderd, waarna om vijf uur op dezelfde middag weder met Gromyko vergaderd werd, een vergadering, waarin het min of meer verrassend besluit genomen werd om de zaken tot 13 juli op haar beloop te laten. In een officiële westelijke verklaring werd verklaard, dat men tot deze opschorting had besloten, teneinde de Russische regering de gelegenheid te geven de westelijke voorstellen nader te bestuderen, en de westelijke regeringen in de gelegenheid te stellen hun positie te bepalen in het licht van de verklaring, die door de heer Chroestsjef is afgelegd.

Deze sensationele beslissing werd door de westelijke delegaties voorgesteld en door Gromyko met kennelijke tegenzin tenslotte aanvaard.

Zo is dan de konferentie verdaagd. Wat heeft men er op bereikt?

Volgens de Westduitsers is men even ver als op 27 november, toen Chroestsjef zijn ultimatum wereldkundig maakte. Volgens de Russen heeft men zekere vorderingen gemaakt en een beter begrip gekregen van de wederzijdse standpunten. Volgens de Amerikanen, Engelsen en Fransen is er niet veel uitzicht op een redelijk eindresultaat. Dat het thans zo ver gekomen is, hebben de Russen in zekere zin te danken aan de straffere houding, welke de westelijke delegaties ia de laatste week tegenover de Russische hebben aangenomen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 1959

De Banier | 8 Pagina's

BUITENLANDS OVERZICHT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 1959

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken