Bekijk het origineel

Brief uit Zeeland

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Brief uit Zeeland

4 minuten leestijd

CCCXCII.

In de vorige brief is medegedeeld, dat het streven ook wel gericht is op de rekreatie. Er is veel in Zeeland wat lokt. Er is nog, in tegenstelling met de grote steden, rust, er is nog niet zo'n opeenhoping van mensen, er zijn mooie uitzichten, vooral vanaf de duintoppen, er zijn ook wel oude gebouwen en buitenplaatsen welke mooier zijn dan de tegenwoordige moderne bebouwing.

Toch eist dat alles voor de bestuurder wel aandacht. De rust welke voorheen er was en nu nog betrekkelijk is, dreigt hoe langer hoe meer verstoord te worden door de veelheid van personen, die een bezoek aan Zeeland brengen. Vooral de zondagsrust wordt deerlijk verstoord door het rossen en rijden. Klaagde Smytegelt reeds in zijn predikatiën over het ontheiligen van Gods dag, het is nu zeker niet m, aider, en vermoedelijk veel erger dan toen het geval was. De middelen van vervoer zijn ingesteld op het afleggen van grotere afstanden. Menigmaal komen dan ook Duitsers en Belgen op zondagen naar de plaatsen van rekreatie in Zeeland. De Zondagswet belet de geoneentebesturen die maatregelen te nemen, waardoor dat bezoek wat wordt tegengehouden. Een gemeentebestuur was ook wel, voordat de Zondagswet in werking trad, niet bevoegd om alles te weren, maar er kon toch veel worden tegengehouden.

Zo zien wij ook Zeeland, wat voorheen rustig was, waar het nog te zien was als het zondag was, hoe langer hoe meer medegesleept in het mondaine leven van tegenwoordig, waarin de leuze heerst: „Laat ons eten en drinken, want morgen sterven wij". Er wordt meer gedacht over het genieten dan over het sterven. Was het laatste het geval, dan zou er ook gedacht worden aan wat dan volgt. Dan, als de tijd ophoudt. Als het eeuwigheid wordt. Als er geen vermaak meer zal zijn naar het vlees, hetzij door pret te maken of door werk te doen. Dan, als God rekenschap zal vragen van onze daden. Dan zuUea ds uren in ijdelheid doorgebracht ons aanklagen en zal er geen verandering of schaduw van omkering meer zijn. En die dood waart ook bij het zoeken van ontspanning. Dat is weer gebleken als bij het zwemmen drie personen tegelijl omkomen. Twee, die gered moesten worden en de redder. Dan bhjkt, dat de dood ieder uur wenkt. Maar weinig wordt gevonden het haasten en spoeden om onzes levens wil. Uit alles blijkt, dat de mens van God is afgevallen. En er mag wel oog voor zijn in Zeeland, dat er veel wordt ingebracht wat tot verdere afval leidt.

Daarom zal ook gewaakt moeten worden als Zeeland nog meer wordt opengesteld.

Wel zullen andere belangen niet mogen worden verwaarloosd en zal het bezwaarlijk zijn om de plannen tegen te staan, omdat er gevaren aan verbonden zijn, maar waakzaamheid is nodig. Wordt er wel eens aan gedacht wat er gevraagd wordt van hen, die moeten besturen? Het is zo gemakkelijk om maar te zeggen, dat is niet goed, dat deugt niet, maar wordt er wel eens aan gedacht, dat regeren meer is dan alleen maar , , neen" zeggen?

Het verdrinken van drie personen wijst op de kortstondigheid van het leven en de verantwoordelijkheid voor onze daden, maar het wijst ons ook op de sterke stromingen welke in de Zeeuwse wateren ontstaan bij het afvloeien vaa het water, bij ébstroom. De vloedgolven dringen op, maar niet met die snelheid als de ébstroom. De ébstroom schuurt de kust uit en eist voortdurende zorg voor de dijkbeheerder, want het water gaat ook onder stromen en dreigt de kust te ondermijnen.

Zie hier weer een vraag voor een bestuurder. Enerzijds de gevaren van het steeds uithollen van de kust, anderzijds de gevaren van de afsluiting wegens het openstellen van de provincie voor velen, die enkel genot zoeken.

De overheid heeft tot taak Gods wet te handhaven. Moet de lagere overhei3 verantwoordelijk worden gesteld voor wat de hogere belet of nalaat te doea' Dat zal moeilijk ktmnen worden gesteld. Toch zijn er personen, die dat wel over het hoofd zien en het dan van die lagere overheid gaan verwacBten. Uw briefschrijver wil de verantwoordelijkheid niet verkleinen, maai wel oog en oor vragen voor de moeilijkheden.

Uw Zeeuwse Briefschrijver

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 1959

De Banier | 8 Pagina's

Brief uit Zeeland

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 1959

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken